En nu beslissen de Schotten wie premier wordt van de Britten

De verliezers van het onafhankelijkheidsreferendum kunnen volgende maand beslissen wie premier van de Britten wordt. Want de stem van de Schotten lijkt doorslaggevend te worden. Door het referendum beseffen ze dat stemmen zin heeft.

Aanhangers van de Conservatieve partij dragen maskers van de Schotse Labour-politicus Alex Salmond. Ze hielden de protestactie bij een bijeenkomst van de Labour, vorige maand. Foto Darren Staples/Reuters

Het is niet moeilijk in en rondom Glasgow kiezers te vinden die zeggen dat Labour in hun bloed zit. Hun ouders en grootouders stemden erop. Vaak volgt dan een ‘maar’. „Vroeger kwam Labour op voor de gewone man. Nu zijn ze Conservatieven met een ander masker op”, zegt schilder Michael Sutherland (44). „Van de Schotse nationalisten weet je zeker dat ze het beste met Schotland voor hebben.” Angela Devaney (47), die in de telecommunicatie werkt, zegt: „Onafhankelijkheid is voor mij geen echt issue meer. Maar Londen bepaalt te veel van wat wij doen en krijgen. Ik zie [Labourleider] Ed Miliband daar geen verandering in brengen, wel?”

Het Labourprobleem in een notendop: desillusie in de partij en twijfel over haar beleid jaagt de kiezers in de armen van de eveneens sociaal-democratische Scottish National Party (SNP).

En zo wordt de kans kleiner dat Labour op 7 mei een meerderheid krijgt. De 41 bijna gegarandeerde zetels die Labour in Schotland jarenlang had, zijn moeilijk in Engeland terug te verdienen.

Het referendum veranderde alles

Tijdens het onafhankelijksreferendum, vorig jaar september, voerde Labour campagne vóór het behoud van het Verenigd Koninkrijk. Maar een groot deel van de achterban stemde voor een onafhankelijk Schotland. Labour wist niet te motiveren, te inspireren.

Labour won wel, met Conservatieven en Liberaal-Democraten, het referendum. Maar wat er daarna gebeurde, verraste vriend en vijand. Neal Stewart, SNP-activist uit Glasgow, legt het zo uit: „De ochtend na het referendum huilden we. Een dag later hadden we er 14.000 leden bij.”

De SNP kan over vijf weken op dertig, veertig of volgens sommige peilingen zelfs 51 van de 59 Lagerhuiszetels in Schotland rekenen (nu heeft ze er zes). De verliezer van het referendum kan straks beslissen wie er premier wordt. Die stem wordt – als geen van beide partijen een meerderheid wint, en daar lijkt het nu op – doorslaggevend. En: „Als jij de doorslag geeft, heb jij de macht”, zei oud-premier en oud-partijleider Alex Salmond.

„Twee jaar lang heeft de SNP haar boodschap over meer macht voor Schotland uitgedragen. En ontbrak er een specifiek Labour-verhaal”, zegt commentator Gerry Hassan, auteur van boeken over de SNP én Labour. De problemen begonnen al veel eerder, meent hij. „Sinds het verlies van de industrie in de jaren 70 heeft Labour haar achterban nooit hoeven op te zwepen.” Omdat een stem voor de SNP in het tweepartijenstelsel gold als verspilde stem.

De Schotse nationalisten profiteren

Dat Labour haar mandaat „overschatte” werd volgens Hassan zichtbaar in 1997 toen een Schots parlement werd opgericht, en het Labouraandeel kleiner werd. „Schotland heeft al zestien jaar een parlement, maar Labour is in haar ideeën nauwelijks veranderd. De kiezer wel.” Hij wijst erop dat een aantal belangrijke veranderingen in Schotland, waarmee de regering zich nu afzet tegen de Britse, werden ingebracht door de LibDems. „Labour was de grootste coalitiepartner, gratis ouderenzorg en gratis hoger onderwijs komt uit de koker van de LibDems”, vertelt Hassan.

En er waren interne problemen. De ‘gouden’ generatie Schotse Labourpolitici uit de jaren 80, 90 (premier Gordon Brown, minister van Financiën Alistair Darling, en minster van Buitenlandse Zaken Robin Cook) werd niet opgevolgd. Talenten in het Schotse parlement werden slachtoffer van partijgekonkel. En de huidige partijleider, Ed Miliband, al weinig populair in Engeland, is nog impopulairder in Schotland. Dat hij in zijn eerste interview niet wist hoe de partijleider van de Schotse afdeling heet, wordt hem nagedragen. En helemáál dat Labour in de referendumcampagne samenwerkte met de gehate Conservatieven.

In vergelijking met elders in het Verenigd Koninkrijk zijn gesprekken over de komende verkiezingen door de referendumcampagne opvallend diepgaand. „We weten nu veel meer over het politieke systeem, en hoe je het kan beïnvloeden”, zegt Tony Sweeten, een 47-jarige toneeltechnicus. „We beseffen dat een stem zin heeft.”

„Het speciale van toen, dat er overal debatten waren, zelfs op straat, is er niet meer. Maar nog altijd heeft men een duidelijke mening”, beaamt Julie O’Leary, een 28-jarige dramaturg. Ze zeggen beiden te twijfelen op wie ze stemmen.

Sweeten: „Mijn vader vermoordt me als hij me dit hoort zeggen, maar de grote gevestigde partijen zijn samengesmolten tot één. Er is geen verschil in beleid.”

O’Leary: „Je kunt niet meer op hun beloftes vertrouwen.” De SNP profiteert van dergelijke gevoelens.

Labour probeert de kiezer er nu van te overtuigen dat een stem op de SNP een indirecte stem op de Conservatieven is; het verkleint haar kans op regeren. „Een traditionele boodschap die aanzienlijk minder tractie heeft dan vroeger”, meent commentator Gerry Hassan.

Wie wil met de nationalisten samen?

Omgekeerd proberen de Conservatieven Labourstemmers in Engeland ervan te overtuigen dat hun partij straks door de SNP zal worden beïnvloed, een partij die een half jaar geleden de Unie nog wilde opbreken. Een coalitie tussen beide, of zelfs gedoogsteun, zal het land destabiliseren, waarschuwen de Tories.

SNP-leider Nicola Sturgeon maakt er geen geheim van dat zij „om een Tory-regering te voorkomen” Labour zal steunen. Op het partijcongres beloofde ze ook Labour „te dwingen” tot bepaald beleid en die partij „ruggengraat” te geven.

De grote vraag is of Labourleider Miliband dat ook wil. Hij sluit een coalitie uit, maar aarzelt over gedoogsteun of deelsteun per onderwerp. Probleem voor beide partijen is dat ze in 2016 opnieuw tegenover elkaar staan tijdens verkiezingen, maar dan die voor het Schotse parlement. Het zal voor beide lastig zijn op elkaars zwakheden te wijzen, als ze landelijk samenwerken.

„Ed Miliband is zwak, en Labour heeft haar doel verloren. Maar Alex Salmond is kwaadaardig”, zegt Stewart Laidlaw (69). In Newton Mearns, ten zuiden van Glasgow zijn er meer die in geen van beiden heil zien. Fier wappert de Britse vlag boven de bowling green van het stadje: hier wonen verstokte Conservatieven. Maar het kiesdistrict is groter, en in handen van de Schotse Labourleider Jim Murphy. En mocht het „écht kantje boord” worden, dan „misschien” stemt Laidlaw Labour. Alles om de Schotse nationalisten uit het Lagerhuis te houden.