Ik wil meer doen dan rampen voorkomen

PvdA-leider Diederik Samsom loopt stage bij dementerende ouderen in Spijkenisse. Nu trekt hij aan de bel: „Wijkverpleegkundigen rennen met checklists door de wijk. Die waslijst aan gegevens is onzin. Houd op met de angst dat de budgetten uit de hand lopen.”

Diederik Samsom leek zich schuil te houden na de flinke nederlaag bij de provinciale verkiezingen vorige maand. Terwijl coalitiepartner VVD zich sindsdien profileerde met plannen tegen asielzoekers en voor dictators, was de leider van de PvdA stil. Maar hij liep ondertussen stage in de thuiszorg en nu roept ook hij het kabinet op: om de zorgverzekeraars harder aan te pakken, deadlines voor wijkverpleegkundigen te schrappen en versplintering tegen te gaan.

Eén groot drama, waar critici voor waarschuwden, zijn de hervormingen en bezuinigingen van het kabinet op de zorg zeker niet geworden, zegt Diederik Samsom. „Als je de meest verschrikkelijke voorspellingen moest geloven, dan verdampte er een verzorgingstehuis per minuut en zouden er op 1 januari rampen gebeuren in de thuiszorg.”

„Er zijn problemen”, geeft hij toe, „maar een ramp heeft zich niet voltrokken.”

Diederik Samsom heeft de veranderingen in de zorg tijdens de formatie van Rutte II bedacht, en had er dus alle hoop op dat ze goed zouden uitwerken. Maar hij heeft het ook met eigen ogen gezien.

De eerste werkdag van het jaar, 2 januari, was een vrijdag. En op vrijdag, vanaf zeven uur ’s ochtends, loopt Samsom stage bij een grote zorginstelling in Spijkenisse. Hij doet dat sinds augustus vorig jaar, Samsom loopt mee als wijkverpleegkundige. Hij wast dementerende bejaarden, en smeert boterhammen voor ze. „Dat is wel een fijne groep als je bekend bent”, zegt de PvdA-leider. „Veel mensen denken dat ze me kennen omdat ik eerder ben langs geweest, niet omdat ze me hebben gezien op televisie”, zegt hij.

Wat ziet u voor problemen?

„Ik schuif ook wel eens aan bij het overleg tussen het thuiszorginstellingen in de wijk. Dat zijn er veel te veel. De cruciale scharnier voor de zorg in de wijk, is de tandem tussen de huisarts en de wijkverpleegkundige. Maar een huisarts moet met wel zeven verschillende instellingen overleggen over de zorg van zijn patiënten. Die versplintering kost extra vergaderingen en extra geld.

„Soms loop ik in mijn lelijke oranje trui [van de thuiszorgorganisatie, red.] bij een oudere naar buiten en dan rijdt er bij de buren iemand voor in een even lelijke blauwe trui. Dat kan veel efficiënter. Het is fijn dat de patiënt kan kiezen, maar dit is perverse marktwerking en funest.”

Dus u gaat het aantal instellingen aan banden leggen. Hoe moet ik dat voor me zien?

„Ik weet het niet, ik denk niet dat er een panacee voor is. Ik wil ervoor oppassen om met klinkende maatregelen te komen, maar je kunt denken aan een verkaveling zoals die op andere fronten al plaatsvindt. Huisartsen verdelen een gebied en ook zorgverzekeraars doen dat feitelijk al. In de buurt waar ik werk is bijna iedereen bij CZ verzekerd en voor de twee mensen die Achmea hebben, regelt CZ ook de thuiszorg.

„In plaats daarvan zie je dat er steeds meer aanbieders komen. Bij ouderenflats worden briefjes door de bus gegooid van cowboys die zeggen: wij kunnen u ook verplegen. Dat moeten we voorkomen.”

Noemt u nu de zorgverzekeraar als lichtend voorbeeld?

„Nee. De fundamentele bedreiging voor de nieuwe zorg is de beheerszucht en bureaucratie van zorginstellingen, maar met name van verzekeraars. Ze hebben de reflex om hun totale controle en risicobeheersing bot te vieren op het nieuwe systeem. Zo is er de deadline dat alle patiënten op 1 mei een herindicatie moeten hebben.

„Dat heeft te maken met hun budgetten en de inkoop voor 2016. Dan willen ze álles weten. Maar als gevolg rennen wijkverpleegkundigen weer met checklists door de wijk. Die waslijst aan gegevens is onzin en de deadline van 1 mei moet meteen van tafel. Houd op met de angst dat de budgetten uit de hand lopen. Zij moeten ook een deel van het risico dragen.”

Maar wat u omschrijft, zijn toch allemaal gevolgen van het kabinetsbeleid? U heeft verzekeraars meer macht gegeven en bezuinigingen doorgevoerd.

„Die machtpositie was er eerder ook al, maar wat verzekeraars en instellingen verkeerd doen is een korting op het budget van 10 procent direct door te vertalen naar de werkvloer. En instellingen zijn zo bang voor budgetoverstijgingen dat ze ‘zorgstops’ afkondigen. Ze moeten juist het vertrouwen geven aan de professionals, in plaats daarvan worden ze krampachtiger.”

Moet u als politicus in Den Haag na de decentralisatie van allerlei taken niet zelf leren loslaten?

„Ik heb losgelaten, met overtuiging, daarom ben ik ook terughoudend met het noemen van maatregelen om de versplintering tegen te gaan. Maar het is gelijk oversteken. Het systeem gaat alleen werken als de verzekeraars ook de controle loslaten. Ik ben een ongeduldig mens: ik wil met de verandering van het systeem meer doen dan rampen voorkomen. Het laten aannemen van wetgeving is appeltje-eitje vergeleken bij de uitvoering ervan, waar het nu om gaat.”

Het inperken van de macht van de zorgverzekeraar, dat is precies waarom drie senatoren van uw partij eind vorig jaar een plan van minister Edith Schippers (Zorg, VVD) lieten sneuvelen. Bent u daar achteraf blij mee?

„Nou, daar heb ik op zijn minst een ambivalent gevoel over, want gevolg is dat de versnippering daardoor alleen maar erger wordt. Het positieve bijeffect was dat daardoor de aandacht is gevestigd op de controledrift van de zorgverzekeraars, en dat echt op de agenda kwam. Maar met die aanpassing van ‘artikel 13’ hadden we juist kunnen aanpakken dat allerlei vrije jongens zich aanbieden om ouderen te verzorgen.”

Na het handelsverdrag TTIP van minister Lilianne Ploumen en de beursgang van ABN Amro van minister Jeroen Dijsselbloem valt de PvdA nu staatssecretaris Martin van Rijn aan op zijn beleid. Een bijzondere manier van politieke profilering.

„Je dicht me nu voorspellende gaven toe die ik niet heb. Ik ben hier in augustus mee begonnen, omdat het één van de grootste veranderingen is die we doen. De gedragseffecten van dit soort grote wijzigingen laten zich niet tot in detail voorspellen, daarom ben ik die stage gaan doen. En trek ik nu aan de bel.

„De staatssecretaris doet veel goed, maar er is één afspraak uit het regeerakkoord nog niet waargemaakt: de populatiebekostiging. Betalen op basis van de samenstelling van een wijk, in plaats van per verrichting, zoals we dat ook met het abonnementstarief van de huisarts doen. Dat moet wat mij betreft voor 2016 geregeld zijn.

„En een van de dringende adviezen die ik Van Rijn geef, is: roep de verzekeraars tot de orde. De mechanismen moeten om.”

Zorg is waar burgers zich op dit moment het meeste zorgen over maken. Tegelijkertijd heeft de PvdA opnieuw verkiezingen verloren. Ziet u een verband?

„Als je me vraagt een verkiezingsnederlaag analyseren, wordt het een heel ander gesprek. Ik doe het thuiszorgwerk omdat ik het leuk vind, maar óók omdat ik er als politicus iets mee wil. Ik wil die hervormingen laten slagen. Dat is een enorme mars door de instituties.

„Ik wil vooral de zorg verbeteren. De relatie tussen dingen goed doen hier en het vertrouwen van kiezers terugwinnen ligt – gelukkig – een stuk gecompliceerder. Zo makkelijk is het niet.”