Zo omzeilen de Turken telkens die blokkades

Het was een routineklus voor de Turkse internetproviders. Begin deze week kregen ze de opdracht om 166 internetsites af te sluiten, waaronder de sites van Twitter, Facebook en YouTube. Op de sites en netwerken was een foto te zien die door een Turkse aanklager als „anti-overheidspropaganda” was bestempeld: een foto van een openbaar aanklager die door militanten van een verboden, extreemlinkse groepering wordt gegijzeld.

„In Turkije kan niemand meer op Twitter, Facebook of YouTube”, schreef nrc.next gisteren in een kort nieuwsbericht over deze zaak. Dat was iets te kort door de bocht. Wat de Turkse internetproviders deden was niet meer dan een wegversperring plaatsen op de directe toegangsweg naar de site: een blokkade op DNS-niveau.

Dat werkt zo. Je tikt bijvoorbeeld ‘twitter.com’ in je browser in en de DNS-server (Domain Name System, zie het als een soort telefoonboek) van je provider vertaalt dat adres in een ip-nummer (vergelijk het met een telefoonnummer). Alleen plaatsten de Turkse internetproviders nu een tijdelijke aanpassing in hun telefoonboek, waardoor de DNS-server niet het ip-adres van Twitter doorgaf, maar gebruikers het bos in stuurde.

Het enige wat Turkse internetgebruikers hoeven te doen bij zo’n blokkade is het aanpassen van de internetinstellingen, zodat er een andere, onafhankelijke DNS-server wordt gebruikt die je wél naar het goede adres stuurt. Dat is makkelijk en snel geregeld en Turkse internetgebruikers deden dat dan ook massaal. Al snel was #TwitterisblockedinTurkey wereldwijd trending op Twitter, met veel tweets afkomstig uit Turkije. Net zo ironisch als dat YouTube in 2010 bij de tien best bezochte sites in Turkije hoorde, terwijl de site was geblokkeerd.

De Turken omzeilen de blokkades

Voor de Turkse internetgebruiker wordt het bijna routine om op zoek te gaan naar dit soort sluiproutes. Zeker nadat vorig jaar een wet werd aangenomen die de Turkse autoriteiten verregaande bevoegdheden geeft op het web. Zo moeten de ruim 150 internetproviders in het land, op straffe van een boete van ruim 100.000 euro, binnen vier uur gehoor geven aan een opdracht om een site te blokkeren. Die opdracht kan van een rechter komen, zonder dat hij dat besluit hoeft te motiveren, maar de Turkse telecomautoriteit TIB kan ook zelf – zonder tussenkomst van een rechter – sites laten blokkeren.

Het open karakter van internet, dat door bijna de helft van de 76 miljoen Turken wordt gebruikt, staat daardoor in Turkije onder druk. Zo werd Twitter vorig jaar ruim twee weken afgesloten en was videodienst YouTube zelfs twee maanden onbereikbaar. Sinds het begin van dit jaar zijn er al meer dan vijfduizend websites geblokkeerd, blijkt uit een inventarisatie van een lokale ngo, waarmee het totaal aantal geblokkeerde websites op ruim 70.000 websites uitkomt.

Uiteraard weten de Turkse autoriteiten ook dat een blokkade op DNS-niveau – de telefoonboekmethode – makkelijk kan worden omzeild. Daarom worden bij blokkades na een paar dagen ook de sluipwegen aangepakt, door bijvoorbeeld de alternatieve DNS-servers en de rechtstreekse IP-adressen van Facebook en Twitter te blokkeren. Maar ook dan zijn er oplossingen. Bij de grote blokkade van vorig jaar weken Turkse internetgebruikers uit naar VPN-software. Daarmee komt er een beveiligde en anonieme internetverbinding tot stand via een computer in een ander land, waardoor de blokkade kan worden omzeild. Als een soort digitale navelstreng naar de buitenwereld.

Hoe stevig de wegversperring ook is: er zullen altijd internetgebruikers zijn die erin slagen om geblokkeerde sites weer bereikbaar te maken. Het is dus vooral een kat- en muisspel, dat overigens in Turkije niet lang duurde deze week. Al binnen een halve dag na de blokkade voldeden Facebook en Twitter alsnog aan het verzoek van Turkije om de foto’s van het netwerk te verwijderen.

En dat wordt een kat- en muisspel

Een blokkade van sociale media is dan wellicht geen effectieve manier om het gebruik tegen te gaan, het is blijkbaar wel een handig middel om de druk op de grote techbedrijven op te voeren om berichten helemaal verwijderen. En ook dat is een belangrijk onderdeel van de Turkse pogingen om invloed uit te oefenen op de informatiestroom. Zo diende Turkije in de tweede helft van vorig jaar 477 verzoeken in bij Twitter om informatie te verwijderen. Dat is vijf keer zoveel als enig ander land en in de helft van de gevallen werd het verzoek gehonoreerd. Ter vergelijking, uit Nederland kwamen veertien verzoeken, allemaal van het Meldpunt Discriminatie Internet. Daarvan werden twaalf verzoeken gehonoreerd.

In het rijtje met Iran, Syrië, China

In een recent rapport over internetvrijheid concludeerde de Amerikaanse ngo Freedom House dat de globale internetvrijheid vorig jaar voor het vierde jaar op rij afnam. Iran, Syrië en China zijn de landen met de minste vrijheid, maar Turkije is een van de landen waarde online vrijheid de afgelopen jaren het snelst is gedaald. En naar verwachting zal die de komende tijd alleen maar verder worden ingeperkt, denkt Nate Schenkkan, de Turkije-specialist van de Freedom House.

Facebook en Twitter hebben dan wel laten weten de ban aan te vechten, maar pas nadat ze eerst meewerkten met het verzoek tot censuur, benadrukt Schenkkan. „En als er één ding verontrustend is aan de gebeurtenissen van deze week, is het de snelheid waarmee die bedrijven overstag gaan. De techbedrijven voeren niet het gevecht dat ze zouden moeten voeren.”