Nu gaat de kijker het merken

De NPO moet anders, vindt staatssecretaris Dekker. Vandaag werden de eerste plannen gepresenteerd.

De NPO wil 10 miljoen euro extra voor eigen dramaproducties, zoals de misdaadserie Penoza metMonique Hendrickx.

1 Wat gaat er gebeuren?

Grote schoonmaak bij de publieke omroep. Per 1 januari 2016 begint een nieuwe ‘concessieperiode’ voor de publieke omroep – de vijf jaar dat de NPO een zendvergunning en geld krijgt van de regering. Staatssecretaris Dekker (Media, VVD) ziet daarin een mooie aanleiding om Hilversum eens op te schudden. Twee belangrijke stappen zijn al gezet: de omroepen zijn al flink aan het bezuinigen, en het aantal omroepen is verminderd, mede door fusies. Nu komt de derde verandering, de inhoudelijke. Vandaag presenteert tv-hoofd Frans Klein het plan voor de tv-programmering. Als baas van de netmanagers bepaalt hij wat wij zien en wanneer.

2 Wat verandert er precies?

Het centraal bestuur van de publieke omroep, de NPO, gaat meer regie naar zich toetrekken ten koste van de losse omroepen. De omroepen moeten minder dingen beter doen. Activiteiten die nauwelijks impact hebben, moeten weg. Dat geldt voor tv, radio en online. Verder wil de NPO dat de tv-zenders „leniger” worden. In plaats van één keer per jaar wil Klein vier keer per jaar de programmering kunnen bijstellen.

Voorbeeld: het satirische programma Zondag met Lubach (VPRO) kreeg twee korte, zeer geslaagde reeksen. De laatste aflevering haalde eindelijk de begeerde 500.000 kijkers. Maar nu moeten de kijkers weer wachten tot september, omdat de NPO nu eenmaal aan BNN een programma op die plaats in het schema had beloofd. Klein: „Net nu het wind vangt, moet het weg.”

De NPO wil programma’s die aanslaan ruim baan geven en mislukte sneller afvoeren. Programma’s die zijns inziens potentie hebben, moeten juist meer adem krijgen. Pauw mag bijvoorbeeld doorgaan, vanaf september. „Het haalt de kijkcijferdoelen nog niet”, zegt Klein. „Maar we geloven dat het kan groeien. Dat is ook publieke omroep.”

3 Wat merk ik daar als kijker van?

NPO 1 en NPO 2 moeten meer gaan verschillen. NPO 1 is voor het brede pu bliek, NPO 2 voor verdieping (journalistiek en cultuur). Een licht programma als Man Bijt Hond (KRO-NCRV), bijvoorbeeld, is nu niet helemaal op zijn plek op NPO 2.

De zenders moeten ook verjongen. Niet uit commercieel belang, zegt Klein, maar om aansluiting te houden met de nieuwe generatie kijkers. „NPO 1 vergrijst sneller dan de samenleving.” De NPO 1-kijker is gemiddeld 56 jaar, die van NPO 2 61 en NPO 3 44. Voor brede programma’s die louter een ouder publiek bereiken, is geen plek meer. Klein wil nog geen titels noemen. Dubbele programma’s worden geschrapt. „We maken vijf of zes opinie- en debatprogramma’s. En net zoveel consumentenprogramma’s. Dat kan minder.” Kassa (VARA) en Radar (TROS) mogen blijven, maar moeten wel meer van elkaar verschillen.

Klein wil scherper kiezen, maar moet ook bezuinigen. Daarom gaat hij meer buitenlandse programma's aankopen en meer herhalingen uitzenden. Verder wil de NPO zelf programma’s gaan inkopen bij producenten van buiten. Die worden voor de sier dan nog onder de vlag van een losse omroep uitgezonden, maar de NPO bepaalt.

4 Gaat het amusement sneuvelen?

Staatssecretaris Dekker wil dat de NPO geen puur amusement meer doet. NPO-voorzitter Henk Hagoort zei eerder dat amusement geen kerntaak meer zal zijn. Maar zijn medebestuurder Shula Rijxman zegt nu: „Amusement is geen discussie. Het is slechts een vorm, en het gaat om de inhoud.” Volgens haar kan amusement blijven, zolang het de waarden van de publieke omroep uitdraagt: „onafhankelijk, betrouwbaar, kwaliteit.” Bovendien bindt de NPO met amusement doelgroepen die anders moeilijk te bereiken zijn: jongeren en lageropgeleiden.

5 Wat merk ik als internetgebruiker?

De NPO wil een einde maken aan de wildgroei aan digitale activiteiten binnen de publieke omroepen. Nu zijn er nog tientallen grotere webkanalen en digitale portals en honderden programmasites. Er komen minder digitale themakanalen, die beschikbaar zijn op tv in de digitale pakketten van kabelmaatschappijen en andere distributeurs, van acht naar vijf. NPO Doc en NPO Cultura worden bijvoorbeeld samengevoegd. Die kanalen zijn niet langer het domein van de omroepen; de NPO trekt de programmering naar zich toe. Dat moet zorgen voor een betere aansluiting bij tv en andere activiteiten. VPRO’s muziekportal 3voor12 moet aanhaken bij 3FM en NPO 3. Verder verdwijnen portals als Cinema.nl, NPOgeschiedenis en NPOwetenschap. Programmasites die minder dan 100.000 bezoekers per maand trekken en weinig informatie toevoegen worden geschrapt. Sites mogen niet meer zelf alleen maar oude shows tonen; dat gaat via NPO.nl.

6 Wat vinden de omroepen daarvan?

De NPO trekt meer macht naar zich toe, ook inhoudelijk. Dat vinden de losse omroepen niet leuk.

Ze hebben bijvoorbeeld grote bezwaren tegen het terugbrengen van het aantal (digitale) aanbodkanalen, zei VPRO-voorzitter Lennart van der Meulen, tevens voorzitter van het College van Omroepen. „Dat staat haaks op de ideeën van de VPRO over het belang van onze themakanalen, platformen en sites.”

Verder hebben de omroepen niet zoveel meer te willen. De NPO heeft al de macht over geld en zendtijd en wordt gesteund door de staatssecretaris. Kleins plan moet juist de stroperige omroeppolitiek van ‘ieder zijn deel’ verder indammen. Niet wat goed is voor de omroepen, maar wat goed is voor de kijkers moet voorop staan.

7 Waarheen? Waarvoor?

Dekker lijkt een kleinere aanvullende publieke omroep te willen, die niet doet wat de commerciële partijen al doen.

De losse omroepen willen dat alles hetzelfde blijft. Diverse omroepen zijn juist wendbaarder en beter als ze in vrijheid kunnen opereren. In de gevleugelde woorden van VPRO-baas Van der Meulen: „Laat ons pielen.” Centralisme leidt tot logge bureaucratie, is de vrees. Ook zijn de losse omroepen, zo betogen zij, beter dan de NPO aangesloten op hun verschillende achterbannen, de „communities”.

De NPO wil dat de omroep groot en breed blijft en wil meer centraal gaan regelen, mede om de internationale concurrentie het hoofd te bieden. Wat Frans Klein betreft wordt de NPO geen grote, centraal geleide omroep volgens het BBC- of VRT-model. „Dat is een discussie over de vorm, dat vind ik minder interessant.” Klein wil dat de omroep onafhankelijk (van commerciële belangen) en betrouwbaar blijft – en dat die voor alle Nederlanders is.