Kampioen van sociale feelgood

Hoe doet ze dat toch? De films van de Franse regisseur Alix Delaporte klinken als cliché of melodrama, maar ze zijn levensecht.

Alix Delaporte: Mensen die denken dat een film een begin, een midden en finale heeft, zitten ernaast Foto Getty Images, Dominique Charriau

De Française Alix Delaporte grinnikt als ik beken dat ik vooraf als een berg opzag tegen haar tweede speelfilm, Le dernier coup de marteau. Want stel je voor: Victor, een voetbaltalent uit een trailerpark in de Franse Camargue. Moeder Nadia heeft kanker. Verdwenen vader Rovinski blijkt een beroemd dirigent.

„Ja, dat riekt naar melodrama en cliché”, erkent Delaporte in Venetië, waar haar film in competitie draait. „Voetbal, kanker, de helende kracht van klassieke muziek: op papier is het een draak. Maar ik wist dat ik dit verhaal echt kon houden. Je moet gewoon op elk emotioneel detail letten: klopt het? Filmen is concentratie en hard werk. De film was ook een uitdaging omdat ik zo weinig van klassieke muziek weet en niet speciaal van Mahler hou. Wel van voetbal: ik heb een documentaire gemaakt over Zidane.”

De Franse regisseur Alix Delaporte (43) is hard op weg de gebroeders Dardenne naar de kroon te steken als kampioen van de sociaal-realistische feelgoodfilm. Haar Angèle et Tony, over een stuurse zwerfster die warmte vindt bij een norse visser, klinkt als een streekroman; toch vermeed ze ook daar feilloos valse tonen. Bij Delaporte wordt geduld ook echt beloond.

Hoe doet ze dat? „Ik heb een paar principes”, zegt de Française. „Mijn intentie is zo weinig mogelijk woorden. En als iemand praat, de camera richten op degene die luistert. Eerst schrijf ik een heel dik script, daarna ga ik nadenken hoe ik dialogen door beelden vervang: iemand rolt met zijn ogen, pakt een glas wijn. Ik vind die fase heel opwindend: dan ontstaat de film in mijn hoofd.”

Een echte locatie helpt. Zoals het gure Normandische vissersdorp met zijn hoekige rotswanden de grimmige romance van Angèle et Tony versterkte, zo helpt het half idyllische, half broeierige hippiedorp Le dernier coup de marteau. „Die plek bestaat echt. Vijftien kilometer afgelegen strand, de laatste plek in Frankrijk waar de overheid nergens te bekennen is, al dreigt nu ontruiming. Er staan campers, caravans en hutten van hippies en outcasts naast families die vakantie vieren. Een heel bijzondere sfeer, maar we moesten wel elke dag drie kwartier over zandpaden om er te filmen. Maar dat was het waard. Het geeft ook de juiste associaties. Veel mensen in Zuid-Frankrijk hebben hun flatjes in de crisis verruild voor campers, het Amerikaanse trailerpark rukt op.”

Hoewel de film de jonge Victor (Romain Paul) volgt, gaat de film volgens Delaport eerder over familie dan over adolescentie. „Victor is een katalysator. Zijn vader is zo gesloten dat hij niet met zijn orkest kan praten, zijn moeder wil de strijd tegen kanker opgeven. Hij neemt het heft in handen terwijl hij juist in de fase zit dat hij zich van zijn moeder moet losmaken en afzetten. Maar rebellie kan niet. De situatie zadelt hem op met een immens schuldgevoel, is claustrofobisch en verstikkend.”

Als kijker ontdek je dat stukje bij beetje, wanneer je het al ontdekt. Mensen die denken dat een film een begin, een midden en finale heeft, zitten ernaast, aldus Delaporte. „De kunst is kijkers middenin een verhaal te parachuteren: het verleden heeft evenveel geheimen als de toekomst. En aan beide kanten moet je leegte laten die de kijker zelf mag invullen. Je moet ook niet te intentioneel en functioneel denken, zo van: hier moet een versnelling om de aandacht van de kijkers niet te verliezen.”

Niet dat ze zelf geen heel specifieke ideeën over het verhaal heeft. „Laat ik u vertellen hoe de moeder en vader in Le dernier coup elkaar vijftien jaar geleden ontmoetten. Hij geeft een concert, zij is een serveerster, ze hebben elkaar twee dagen lief en dan trekt hij verder. Zij komt erachter dat ze zwanger is, maar dan lijkt hij onbereikbaar. Als Victor tien jaar is, zoekt ze alsnog contact, maar wil hij er niets over horen. Zij legt zich daarbij neer: te lang gewacht, jammer. Maar die zoon blijft in zijn hoofd rondspoken hè? Dus zoekt hij onbewust een excuus om langdurig in Montpellier te zijn, en te wachten tot zijn zoon daar opduikt.” Niets van dit alles in de film, maar dat is de clou, zegt Delaporte. „Mijn film is twee weken klaar. Uw mening is nu evenveel waard als de mijne.”