Eigen cel betalen stuit op bezwaren

Boeven mag je best straffen, vindt de Tweede Kamer, maar hen opsluiten én laten meebetalen is dubbelop.

De koepelgevangenis in Haarlem. Een dag verblijf in de gevangenis zou veroordeelden straks 16 euro kosten, volgens het kabinetsplan. Foto Nils van Houts/ANP

Gedetineerden laten betalen voor hun cel – het nieuwe bewindsduo op Veiligheid en Justitie zal al z’n verbale begaafdheid nodig hebben om dit kabinetsplan werkelijkheid te laten worden.

VVD en PvdA spraken in 2012 in het regeerakkoord af dat veroordeelden moeten meebetalen aan hun verblijf in de gevangenis. Ook zouden ze moeten meebetalen aan hun eigen strafproces – opsporing, vervolging en veroordeling – en aan de zorg voor hun slachtoffers.

Het plan komt oorspronkelijk uit het verkiezingsprogramma van de PVV. De VVD nam het over en de PvdA ging ermee akkoord. Alle andere partijen in de Tweede Kamer hebben sterke twijfels over de voorstellen, bleek gisteravond in een debat.

Een dag gevangenis zou veroordeelden straks 16 euro kosten, tot een maximaal bedrag van 11.860 euro. Daar komt een doorberekening van (een deel van) de kosten van het strafproces bij. Die ‘heffing’ kan variëren van enkele honderden euro’s tot maximaal 2.760 euro, als de meervoudige kamer – dat zijn drie rechters – naar de strafzaak heeft gekeken. Die kosten voor het strafproces gelden niet alleen voor gedetineerden, maar ook voor wie bijvoorbeeld een taakstraf krijgt.

Het idee dat gedetineerden meebetalen aan gevangenschap is zo gek niet, vinden de meeste partijen. Wie de wet heeft overtreden, wordt daarvoor gestraft en kan daar best zelf financieel aan bijdragen.

Maar de lijst argumenten tégen het plan was gisteren vele malen langer dan dit ene argument vóór. Principieel bezwaar is dat het opgelegde bedrag als extra straf zal worden ervaren. Volgens de VVD moest de bijdrage als „administratieve heffing” worden gezien. Toch zal zowel rechter als veroordeelde zo’n ‘doorbelasting’ als strafverzwaring interpreteren, verwachtten de meeste partijen.

De gedachte is inderdaad reëel dat rechters hun straffen aanpassen als deze wet werkelijkheid wordt, waarschuwde de Raad voor de Rechtspraak vorig jaar.

Het meest genoemde praktische bezwaar is het „kale-kip-argument”, zoals de SGP samenvatte. Het leeuwendeel van de gedetineerden heeft schulden als de celstraf begint. Een kwart heeft minder dan duizend euro schuld, bijna de helft zit tussen de duizend en 50.000 euro, en 5 procent heeft hogere schulden.

D66, CDA, de ChristenUnie, GroenLinks en de SP zijn tegen de plannen en daarmee zou een meerderheid in de nieuwe Eerste Kamer het voorstel zeer waarschijnlijk afwijzen. De zittende senaat heeft nog tot 26 mei de tijd om het te behandelen. Dat wordt dan krap, want minister Van der Steur en staatssecretaris Dijkhoff, beiden VVD, moeten eerst de Tweede Kamer nog antwoorden.

Als het de huidige senaat toch lukt dit plan te behandelen, is een meerderheid ook geen gegeven. De senaatsfractie van de PvdA moet dan samen met VVD en PVV vóór stemmen, terwijl de partij altijd tegen is geweest.

De PvdA bedong nu wel een toetsing aan het inkomen van de gestrafte en kwijtschelding behoort ook tot de mogelijkheden. Maar in 2008 onderzocht toenmalig staatssecretaris van Justitie Albayrak (PvdA) het idee ook, en zij concludeerde toen dat de kans op herhaling van crimineel gedrag ermee zou toenemen. Méér schulden werkt criminaliteit in de hand, vond zij. Bovendien zouden de uitvoeringskosten te hoog uitpakken ten opzichte van de geschatte opbrengsten.

In het huidige wetsvoorstel staat voor de eigen detentiebijdrage een „bescheiden inningspercentage” vermeld, van 14 procent. De meeste partijen plaatsten daarom gisteren vraagtekens bij uitvoerbaarheid en haalbaarheid. Laten dat nou typisch de criteria zijn waar de senaat op toetst.