Wormenjagende zeeslak vangt nu vis

Een (ongewervelde) zeeslak leerde waarschijnlijk in de loop der evolutie (gewervelde) vissen te verlammen met zijn gif.

Slak eet vis (staart steekt rechts uit) Foto Kerry Matz

Een slome zeeslak is een onwaarschijnlijk roofdier. En toch jagen meer dan honderd soorten zeeslak op vis. Deze slakken herbergen een waar arsenaal in hun schulp om vissen te vangen, zoals een mondzak waarin ze vissen opslokken en een giftige harpoen om vissen te doden.

Biologen weten nu hoe deze vissenjagende slakken konden evolueren. Ze vonden een smoking gun, schrijven ze vandaag in PNAS: een slak die op zeewormen jaagt, maar ook vissen kan doden. Het gaat om slakken uit de Conus-familie. Sommige van deze slakken zijn ook dodelijk voor mensen. Hun steken zijn pijnlijk en kunnen spierverlamming en moeite bij de ademhaling veroorzaken. Er bestaat geen tegengif, herstel duurt soms weken.

De soort die de aandacht trok van de biologen is Conus tessulatus, een wijdverbreide zeeslak die voorkomt van Midden-Amerika tot aan de Afrikaanse oostkust. Maar wat de slakkenonderzoekers vooral interessant vinden, is dat deze wormenjager nauw verwant is aan slakken die vissen doden.

De biologen onderzochten de samenstelling van de gifcocktail van Conus tessulatus. De belangrijkste component is een kort eiwit dat natriumkanalen blokkeert. Zenuwcellen hebben die kanalen nodig om te vuren en weer vuurklaar te maken. Als het gif de kanaaltjes geblokkeerd, raakt de prooi verlamd en trekken zijn spieren ongecontroleerd samen, alsof de vis geraakt is met een taser.

Het gif-gen van de wormenetende Conus tessulatus lijkt precies op dat van de vissenjagers. Dat is aanwijzing één dat vissenjagende slakken van wormenjagers afstammen.

De biologen plaatsten daarna wormenjagende Conus tesselatus in een aquarium met vis. Twee keer zagen ze hoe de slak gif probeerde te injecteren bij de vis, maar de weekdieren konden de huid niet doorboren. Eén keer spoot een slak gif in de kieuwen van de vis, waarna het diertje spierspasmen kreeg. Dat is aanwijzing twee.

De biologen stellen zich de evolutionaire overgang van wormeneter (‘vermivoor’) naar viseter (‘pescivoor’) zo voor: misschien wilden vissen de wormen van wormjagende slakken stelen en probeerden sommige slakken de vissen met gif te verjagen – waarna ze op de vissen zélf gingen jagen.

Een nieuwe voedselbron aanboren is een snelle weg naar evolutionair succes. Als het dieet van een soort verandert, kunnen in rap tempo veel nieuwe soorten ontstaan. 16.000 soorten pollen-etende bijen evolueerden bijvoorbeeld uit wespen die insecten aten. Ook de Conus-familie staat in volle bloei. Er leven nu meer vissenjagende slakken dan ooit tevoren.