‘Ruim 85 procent van de Nederlanders eet te weinig vis’

Dit zegt voedingssupplementenverkoper Flinndal.

illustratie Martien ter Veen

De aanleiding:

Eet jij twee keer per week vis? Deze vraag stelt voedingssupplementenverkoper Flinndal je via reclameborden op veel stations. Met de mededeling dat 85 procent van de mensen te weinig vis eet. We checken of Nederlanders te weinig vis eten, en hoeveel vis je eigenlijk zou moeten eten.

Waar is het op gebaseerd?

We bellen met Flinndal. De woordvoerder vertelt dat het bedrijf de uitspraak baseert op twee onderzoeken. Eén: de richtlijnen van de Gezondheidsraad. In 2006 raadde dit adviesorgaan aan tweemaal in de week vis te eten, dit zou het risico op hart- en vaatziektes verkleinen. En twee: een onderzoek van marktonderzoeksbureau Panelwizard. De woordvoerder zegt dat Panelwizard in 2012 aan 800 respondenten vroeg of ze wel twee keer in de week vis aten. 85 procent gaf aan dit niet te halen.

En, klopt het?

De stelling roept twee vragen op. Hoeveel vis zou je in de week moeten eten? En komt 85 procent van de Nederlanders inderdaad niet aan die hoeveelheid? Laten we eerst uitzoeken hoeveel vis je zou moeten eten. De Gezondheidsraad adviseert het ministerie van Volksgezondheid over alles wat met gezondheid te maken heeft, waaronder voeding. In de ‘richtlijnen goede voeding’ van 2006 raadde de raad aan 450 milligram visolievetzuren per dag binnen te krijgen. Het praktische advies: eet twee keer in de week vis, waarvan één keer vette vis, zoals zalm of haring. Vis is namelijk goed voor je, het vermindert de kans op hart- en vaatziektes. Het is alleen niet helemaal duidelijk of die visolievetzuren zorgen voor dit positieve effect. Aan de telefoon vertelt vicevoorzitter van de Gezondheidsraad Daan Kromhout: „Vis bevat behalve visolievetzuren ook andere voedingsstoffen zoals vitamine D, jodium en selenium. Het zou goed kunnen dat deze stoffen ook een belangrijke rol spelen.” Hoe het ook komt, de meeste onderzoekers zijn het erover eens dat het wekelijks eten van vis goed is voor hart en vaten. Momenteel onderzoekt de Gezondheidsraad of één keer in de week vis al genoeg is om de kans op hart- en vaatziektes te verkleinen. Tot die tijd houdt ze vast aan de richtlijn van twee keer in de week vis. Dat gedeelte van de stelling beoordelen we, met een kleine slag om de arm, als waar.

Maar dan die 85 procent. Dit percentage komt van een onderzoek uit 2012 van marktonderzoeksbureau Panelwizard in opdracht van pr-bureau Edelman. Het werd uitgevoerd voor een reclamecampagne voor fish filet fingers. Alleen: dat onderzoek is niet meer terug te vinden. Panelwizard heeft het niet meer in het archief en ook Edelman heeft het niet paraat. En hoewel Flinndal de bewering baseert op dit onderzoek, kan ook zij het niet toezenden. Dus moeten we op een andere manier achterhalen hoeveel Nederlanders twee keer per week vis eten. Het ministerie van Volksgezondheid vergelijkt elke vijf jaar de voedselconsumptie met de richtlijnen van de Gezondheidsraad. Daaraan doen 3.819 mensen mee, die een dwarsdoorsnede van de Nederlandse bevolking vormen. Uit de meest recente uitgave bleek dat de richtlijn van twee keer in de week vis werd gehaald door 6 tot 9 procent van de kinderen en 11 tot 28 procent van de volwassenen. Er zijn 3 miljoen kinderen en 13 miljoen volwassenen in Nederland. Als je van de twee laagste percentages uitgaat, eet 10 procent van de mensen twee keer in de week vis; in het beste geval 25 procent. 75 tot 90 procent van de bevolking eet dus niet genoeg vis. Dan komt de bewering van Flinndal (85 procent eet te weinig vis) behoorlijk in de buurt.

Overigens: Flinndal raadt aan dat je als je twee keer in de week vis niet haalt, je Flinndals Omega-3 Forte visoliecapsules kan slikken. In deze capsules zit inderdaad de aanbevolen 450 milligram visolievetzuren, maar de capsules bevatten geen vitamine D, jodium of selenium. Een volledig alternatief voor vis kunnen ze daarom niet genoemd worden.

Conclusie:

Twee keer per week vis eten zou de kans op hart- en vaatziektes verkleinen. Verschillende onderzoeken bevestigen die aanname, maar er wordt nog onderzocht of ook één keer in de week vis al genoeg zou zijn. Voorlopig is dat gedeelte van de stelling waar. Uit cijfers van het ministerie van Volksgezondheid blijkt dat 75 tot 90 procent van de mensen deze richtlijn niet haalt. We beoordelen dit gedeelte als grotendeels waar. In totaal beoordelen we de bewering als grotendeels waar.