In bacon we crust

Schrijfster Pia de Jong verhuisde met haar gezin van Amsterdam naar Princeton, in de Verenigde Staten. Ze schrijft over wat haar opvalt.

Illustratie Eliane Gerrits

Toen de voormalige burgemeester van New York, Michael Bloomberg, gevraagd werd wat hij als laatste maaltijd zou kiezen, zei hij: „Getoast Wonder Bread, pindakaas, bananen en bacon.” Deze combinatie staat in Amerika bekend als „de Elvis”, omdat the King van deze sandwich de een na de ander achteroversloeg, tot hij er dood bij neerviel. Het was opvallend dat Bloomberg bacon op zijn laatste avondmenu zette. Deze gezondheidsfreak had het immers tot zijn missie gemaakt om transvetten, reuzensoftdrinks en andere kwalijke zaken uit zijn stad te bannen.

Maar echt verbaasd ben ik niet. Bacon is voor de Amerikanen wat kryptoniet is voor superman: hun grootste zwakte. Ze kunnen zich een leven zonder het gepekelde vette spek niet voorstellen. Elke ochtend staan ze massaal boven walmende koekenpannen slierten bacon te krullen voor hun roerei. Ze mengen het door milkshakes en stoppen het in Bloody Mary’s. Kinderen op de achterbank hou je zoet door ze op bacon jerky te laten knagen. Bij aankomst zijn hun lippen donkerbruin en riekt hun adem naar een boerenstal. Ooit zag ik een klein meisje snippers bacon van haar roomijsje aflikken. En het houdt niet op bij voedsel. Bacon zit in luchtverversers, kaarsen, scheerschuim en parfum.

Bacon had het even moeilijk. Cholesterol gaf het een slechte reputatie. Vet, zo dacht men, was slecht. Dat duurde maar even. Vet is gerehabiliteerd, dankzij een nieuwe zondebok: suiker. Proudly bringing home the bacon staat er op het shirt van de van oorsprong Italiaanse schilder die ons huis een likje verf geeft. Hij is 80 kilo afgevallen onder toezicht van het ziekenhuis. „Ik mag zoveel bacon eten als ik wil”, vertelt hij monter. „Als ik maar pasta, wijn en fruit laat staan.” Tijdens de lunch gebruikt hij mijn magnetron om zijn meegebrachte slierten extra knapperig te maken.

2009 was voor bacon een rampjaar, vanwege de varkensgriep. Even dreigde er schaarste voor volksvoedsel nummer 1. Maar de situatie was snel onder controle. Inmiddels is er zelfs een overvloed op de markt. De schappen in de supermarkt liggen weer vol. Zelfs een stijlicoon uit de jaren vijftig is weer gesignaleerd: de bacon shaker, een strooibusje met stukjes bacon, die elk gerecht dezelfde zoute, vette smaak geven. Net als het flesje Maggi indertijd op de Hollandse eettafels.

Restaurants spelen handig in op het baconoverschot en laten hun creativiteit de vrije loop. Ook wij als gezin konden niet om de agressieve reclames heen van Little Caesar’s Bacon-wrapped-crust pizza. Van februari tot eind april te verkrijgen. Haast je dus voor deze delicatesse, voor het te laat is. Na de voetbalwedstrijd brengen mijn hongerige zoons deze enorme pizza als een buit de keuken binnen. In bacon we crust staat er in sierlijke letters op de doos. Inderdaad, voor onze neus ligt een pizza waarvan de extra dikke korst geheel en al omwikkeld is met bacon. De pizza zelf is bedekt met, u raadt het al, dikke plakken bacon.

„Mama, jij ook een stukje?”, vraagt mijn zoon plagerig. Amerika is een slecht land om te wonen voor iemand als ik, die alleen al van de geur van bacon over zijn nek gaat.

Maar zoveel bacon gaat ook mijn kinderen te ver. Deze hap ligt ook hun te zwaar op de maag. Voor wie het weten wil: 450 calorieën, 23 gram vet en meer dan 800 milligram zout. Per punt! Een massavernietigingswapen, niets minder. Puur kryptoniet.