Als de euforie is uitgewerkt: leven in de nasleep van de vrijheid

Ontvoerde Nederlanders

Hij zat 600 dagen vast in Dagestan. Zij met haar man een half jaar in Jemen.

Heel lang vastzitten en ineens vrijkomen, hoe gaat dat in z’n werk? Arjan Erkel, in 2002 in de Russische deelrepubliek Dagestan ontvoerd, en journalist Judith Spiegel, die met haar man Boudewijn Berendsen in 2013 in Jemen werd gegijzeld, weten wat het is.

Arjan Erkel werd ruim 600 dagen door radicaal-islamitische gijzelnemers vastgehouden. Hij kwam vrij nadat er een miljoen euro losgeld was betaald. Hij wilde meteen echt vrij zijn, vertelt hij aan de telefoon. „Ik werd goed in bescherming genomen door de autoriteiten. We spraken af wat ik wel en niet zou zeggen tegen de pers. Maar ik dacht: ik heb alles overleefd, nu wil ik niet meer zo voorzichtig doen. Het voelde alsof ze weer mijn vrijheid inperkten.”

Als eerste zag Erkel na zijn gijzeling de diplomaat die hem kwam ophalen in Dagestan. „Hij had zo veel moeite gedaan mij vrij te krijgen. Ik had op dat moment vooral veel vragen. Van of er voor mij betaald was, tot of het Nederlands elftal het EK nou had gehaald of niet.”

Hij was niet meteen gerust. „Is het ritje naar het vliegveld wel veilig, en worden we straks niet uit de lucht geschoten? Pas in Moskou voelde ik me veilig. Ik weet nog dat daar de ambassadeur stond, dat ik hem omhelsde. Hij wilde diplomatiek reageren, maar sloeg toch een arm om mij heen. Op het vliegveld in Rotterdam werd ik opgevangen door minister Bot van Buitenlandse Zaken, die ik niet kende. Ik wist ook niet wie de nieuwe premier was. Misschien een tip voor Koenders nu: stel je even voor.”

Journalist Judith Spiegel, die vanuit Jemen onder meer voor NRC werkte, zat met haar man van juni tot december 2013 vast in Jemen. Het stel kwam vrij zonder dat er, naar verluidt, losgeld is betaald.

Aan de telefoon vanuit Koeweit, waar ze aan de universiteit doceert, zegt ze: „We werden nog een tijd rondgesjouwd van de ene naar de andere locatie, door tussenfiguren. We wisten niet zo goed of we bij de goeden waren, of nog bij de slechten.”

Zodra de twee doorhadden dat ze eindelijk bij ‘de goeden’ waren, hoopte Spiegel zo snel mogelijk haar familie weer te zien. Maar er moest opeens heel veel geregeld worden. „Na ruim een dag werden we afgeleverd op de stoep van de ambassadeur, in hoofdstad Sana’a. Die zei letterlijk: ‘Ik had niet verwacht dat het zo snel zou gaan.’ Er lag helemaal geen plan klaar. We gingen, op ons verzoek, borrelen en eten met de ambassadeur en zijn bewakers.”

Ook de volgende dag mochten Spiegel en Berendsen nog geen contact opnemen met Nederland. „We hadden een kater, van de drank, maar vooral omdat we hoorden dat we onze familie niet mochten bellen. We moesten wachten tot de president van Jemen het de pers zou vertellen. Die wilde met de eer gaan en dat heeft-ie ook gedaan. En toen konden we vrij snel gaan. We zijn met pantserwagens en gillende sirenes naar het vliegveld gebracht, en daar namen we een lijnvlucht. Egypt Air, overstappen in Kairo.

Erkel: „Ik heb er nooit nachtmerries over, maar ik heb wel een mental coach in de arm genomen. Gewoon omdat ik vond dat ik beter alles even langs de meetlat kon leggen. Heb ik geen posttraumatische stress-stoornis? En hoe ga ik om met de aandacht, de carrièrebreuk, en met dankbaarheid voor mensen? Je kunt dat wel alleen doen, maar waarom zou je niet iemand zoeken die je erbij kan helpen?”

Ook Spiegel en haar man voelden zich prima. „Wij hadden voor de zekerheid wel een gesprek met een traumaspecialist, maar die vond ook dat het heel goed met ons ging. En daarna m’n gewone leven oppakken, wat we niet hadden. En het leven dat we in Jemen hadden moesten we achterlaten.”

Het nieuws over Sjaak Rijke doet Erkel wel wat. „Het overviel me, ik was er ondersteboven van. Ik ben zo blij voor die man en zijn familie. Dat hij nu terug is, levend en wel, is onwijs mooi. Mijn tip: geniet van je vrijheid, en wees trots op jezelf dat je het hebt overleefd. Put er kracht uit.”

Ook Spiegel weet wat ze Rijke wil meegeven: „Mijn tip zou zijn dat hij precies doet wat hij wil. Dat heeft hij jaren niet kunnen doen.”