Ik zoek de devotie, de verstilling, de intieme sfeer

„Dit portret van Thomas a Kempis heb ik gekocht van de Zwolse kunstenaar Henk Heideveld. Van een eeuwenoud schilderij van Thomas heeft hij de verftoetsen van het gezicht vervangen door een foto van zijn eigen huid. Daardoor is een nieuw, ‘gephotoshopt’ schilderij ontstaan.” Foto Gijsbert van ES

„Een oude, vrome tante van mij overleed ergens in de jaren ’60. Ze liet nogal wat boeken na met religieuze thema’s. Een aantal daarvan kwam terecht in mijn boekenkast, waaronder het beroemdste werk van Thomas a Kempis, De navolging van Christus.

„Thomas heeft zeventig jaar in een Zwols klooster gewoond en gewerkt. Ik ben Zwollenaar van geboorte. Al sinds jonge leeftijd ben ik geïnteresseerd in de geschiedenis van Zwolle. Daardoor viel mijn oog op dit boek uit de erfenis van mijn tante.

„Ik had het boek nooit gelezen. Ik begon eraan en het raakte me diep. Wat me zo trof? Ik kan het niet zo precies onder woorden brengen, het is een gevoel. Het is de eenvoud van zijn taal, zijn onvoorwaardelijke geloof, zijn begrip voor het feit dat je niet alle dagen even intens toegewijd aan God kunt zijn, dat een mens ook z’n tekortkomingen heeft.

„In de loop der jaren ben ik een verzamelaar geworden van het werk van Thomas a Kempis. Van De navolging van Christus heb ik wel zestig verschillende Nederlandstalige edities in m’n boekenkast staan. Het was, na de Bijbel, het meest verspreide boek uit de late Middeleeuwen.

„Ik werd ook nieuwsgierig naar het andere werk van Thomas a Kempis. Hij heeft een veertigtal boeken geschreven, vrijwel allemaal in het Latijn. Helaas waren er tot voor kort, behalve De Navolging, nauwelijks andere werken in modern Nederlands voorhanden.

„In 2010 ben ik met pensioen gegaan. Ik heb echt een streep gezet onder mijn werk als klinisch psycholoog, een vak dat ik ruim dertig jaar heb uitgeoefend. Ik wilde tijd vrijmaken voor andere activiteiten, waaronder studie van het werk van Thomas a Kempis.

„Ik was toen al bezig met een vertaling van een van zijn boeken, Het leliedal, voor mijzelf. Zelf beheers ik het Latijn niet, ik werkte met oude Nederlandse, Engelse en Duitse edities. Mijn vrouw kan wel met Latijn uit de voeten; samen vergelijken we mijn tekst met de oorspronkelijke tekst.

„Thomas verwoordt als 15de-eeuwer duidelijk wat ik als 21ste-eeuwse gelovige ervaar. Maar anderzijds: in deze tijd is het moeilijker om, zoals hij, vanuit één identiteit te leven. Je kunt zoveel keuzes maken, het moderne leven biedt veel verlokkingen. Niet dat ik erop los leef, maar ik besef dat al die keuzes ook onzekerheid met zich meebrengen. Doe ik het goede? Doe ik genoeg voor m’n medemens?

„Mijn schoonvader, bijvoorbeeld, was echt een gereformeerde man, die vooral met geloofsgenoten omging en elke zondag naar de kerk ging. Zijn geloof bepaalde z’n leven. Veel mensen hebben niet meer als vanzelf zo’n vaste identiteit en sociale binding.

„Op het gebied van religie en zingeving zie je dat veel mensen nu zoekende zijn. Ze voelen zich gestresst, ze doen aan yoga, mindfulness, ze verdiepen zich in boeddha, in zen. Dat is prima, natuurlijk. Tegelijk voel ik zelf een missie, wil ik uitdragen: sla onze eigen traditie niet over, ook in het christendom heb je heel wat grote geesten en tijdvakken die inspirerend zijn voor onze tijd.

„Ik mediteer vrijwel elke dag, maar niet op een Oosterse manier. Ik lees in mijn vertalingen van de teksten van Thomas a Kempis. Ze voeren mij echt mee, geven me rust, richting. Ze bieden me stof tot nadenken over mijn eigen doen en laten.

„In zijn teksten wijdt Thomas uit over bijbelcitaten, als ‘Had ik maar vleugels als een duif, dan kon ik opvliegen en rust vinden bij U’, naar Psalm 55, en ‘Het Koninkrijk Gods is binnen in u’, met een verwijzing naar het Lucas-evangelie. Dat zijn teksten die mij ontroeren.

„Niet alles wat hij schrijft, vind ik overigens even prachtig. Hier heb ik bijvoorbeeld een citaat uit het boek Het leven van Jezus Christus, waarin hij over zijn kruisdood schrijft: ‘Zo wreed werd die foltering uitgevoerd, dat brede stromen bloed langs hals en oren, langs ogen en langs alle kanten neer vloeiden, en uw aantrekkelijke gelaat, nauwelijks droog van het speeksel van de belagers, raakte geheel met bloed overdekt en misvormd.’

„Ik begrijp wel waarom hij het zo heeft opgeschreven. Lijdensverhalen waren een groot thema in die tijd, ze werden fors aangezet. Maar mij spreekt de eenvoud die uitgaat van de meeste van Thomas’ teksten meer aan dan deze plastische beschrijving.

„Thomas a Kempis staat in de traditie van de Moderne Devotie, die innerlijk religieus leven voorstond, met een bescheidener rol voor vastgeroeste kerkelijke rituelen. In het verlengde hiervan noem ik mezelf ‘postmodern devoot’, met de nadruk op het eerste woord. Het postmodernisme relativeert de kracht van ‘de grote verhalen’. Niemand kan claimen de wijsheid in pacht te hebben. Er moet ruimte zijn voor eigen interpretaties van de werkelijkheid. ‘De waarheid’ is geen statisch gegeven.

„Naarmate ik ouder word, heb ik meer behoefte aan rust, aan concentratie, aan contemplatie. En gelukkig kan ik me goed concentreren. Hier aan de eettafel werk ik aan mijn vertalingen; mijn vrouw kijkt intussen wel eens tv en dat stoort me dan niet, ik ga helemaal op in de teksten.

„Ik ben verbonden aan een kerk, de protestantse Bergkerk, hier in Amersfoort. Op zondag zijn er twee diensten: een korte om half tien en een langere om half elf. Als ik ga, kies ik voor de vroege dienst, in een kleine kapel, met 15 à 25 mensen, met meer ruimte voor liturgie en gebed en een korte preek. Ook hier zoek ik de devotie, de verstilling, de intieme sfeer.

„In die zin lijk ik wel een beetje op Thomas a Kempis. Over hem is eeuwen geleden al geschreven dat hij het liefst ‘met een boekje in een hoekje zit’. Dat is wat ik zelf ook graag doe. En deze levensfase biedt me er de tijd voor – gelukkig.”