... dan legde ik Precariorecht op

Dan zou eenieder die een reclameuiting in de openbare ruimte draagt, belasting betalen. Eenieder die winkelt met twee strepen op zijn broek, wielrent in een te strak shirtje met het logo van de plaatselijke bank, wandelt in een polo met het logo van een mannetje op een paard of boodschappen doet met een blauwe boodschappentas met twee letters, dient een contract te kunnen overleggen aan de zogenaamde ‘Precariorechten Politie’, afgekort PrePo.

In dat contract staat hoeveel de drager van het logo (waarmee hij/zij het straatbeeld vervuilt) betaald krijgt van de entiteit die door het logo wordt vertegenwoordigd. Hoe langer de strepen, hoe hoger het bedrag. Uiteraard betaalt de ontvanger belasting over deze inkomsten.

Daarnaast moet ook het bedrijf zijn financiële bijdrage aan de staat leveren: de Amulante Precariorechten Belasting. Om een en ander te checken zullen de PrePo’s digitale hulpmiddelen bij zich dragen.

Verder moet elke winkelier of openbare gelegenheid immer ruimte bieden om iemand die niet de vereiste papieren kan overleggen, de gelegenheid geven zich terstond om te kleden. Indien men geen andere kleding bij zich heeft, dient de kleding binnenstebuiten te worden gedragen. Ook de eventuele boodschappentas wordt binnenstebuiten gekeerd.

Kinderen onder de achttien jaar, al dan niet onder begeleiding van een volwassene, mogen sowieso niet in kleding met merktekens rond lopen.

De reden van dit decreet is dat mensen zich ervan bewust moeten worden dat de alomaanwezigheid van reclameuitingen in het straatbeeld geen bijdrage levert aan een prettige visuele leefomgeving. Wil je toch met een logo rondlopen, begrijp dan dat je je als wandelende reclamezuil op een passende wijze laat betalen. Bedrijven zullen moeten inzien dat deze vorm van sluikreclame niet langer gratis is.

Herman Zonderland, Delft