China grijpt de macht met een eigen Wereldbank - volgt een eigen IMF?

Foto iStock

Het Verenigd Koninkrijk kwam het eerst over de brug, de rest van Europa volgde snel, en deze week stapten ook Nederland en zelfs Taiwan in de Aziatische Investeringsbank (AIIB). De door China opgezette tegenhanger van de Wereldbank telt nu de belangrijkste economieën van Azië en Europa onder zijn medeoprichters. Alleen Japan en de Verenigde Staten doen niet mee.

Zo keert de wereldeconomie langzaam terug van het Westen naar Azië; naar de machtsverhoudingen die normaal waren vóórdat het Europese kolonialisme en de industrialisering de balans verstoorden en van Europa een wereldmacht maakten. Het is slechts een kwestie van tijd voordat met name China en India de westerse grootmachten van nu economisch evenaren of zelfs overstijgen.

Terug naar ‘normaal’

De overgang, of beter: de terugkeer naar ‘normaal’ komt eraan. China, als het snelst ontwikkelende en meest bevolkingsrijke land, zal zijn oude plaats weer innemen. Dat laten ook de berekeningen van economisch historicus Angus Maddison (1926-2010), lange tijd werkzaam in Groningen, zien. Hij werd beroemd in economenkringen door zijn historische onderzoek naar de wereldeconomie.

Deze grafiek van Maddisons berekeningen is aangevuld met die van PricewaterhouseCoopers tot en met 2050

machtsevenwicht-nrcq

De VS greep de macht

De VS kwam tegen het einde van de oorlog, in 1944, op als economische supermacht toen het een nieuwe financiële architectuur voor de wereldeconomie optuigde waarvan het zelf het middelpunt was: de Bretton Woods-instituten, met het Internationale Monetaire Fonds (IMF) om de financiële stabiliteit te waarborgen en de Wereldbank om de wederopbouw in met name Europa te financieren. De Amerikaanse dollar werd de as waarom het systeem draaide.

Zeventig jaar later is het niet gelukt om plaats te maken voor opkomende landen als China. De VS blijven halsstarrig de president van de Wereldbank leveren, de Europeanen de directeur van het IMF. Een herverdeling van stemmen en kapitaalsinbreng die opkomende landen meer zeggenschap moest geven, wordt al vier jaar opgehouden door het Amerikaanse Congres – hoewel die herverdeling zelf al minimaal en onbevredigend was. Washington houdt met iets meer dan 15 procent van de stemmen een veto in beide instellingen.

Nu slaat Azië terug

Het voorlopige resultaat is dat er in Azië nu simpelweg onder Chinese leiding een andere wereldbank is opgericht: de AIIB. Is dat het begin van een door de nieuwe supermacht Beijing opgetuigde parallelle architectuur? Of dat lukt hangt mede af van het IMF zelf.

China wil de yuan (of renminbi) in de toekomst de rol geven die dan bij haar status als supermacht past. De Chinese premier Li Keqiang verzocht IMF-directeur Christine Lagarde vorige week om de Chinese yuan op te nemen in de SDR’s (special drawing rights), het mandje van valuta’s waarmee het IMF rekent. Elke vijf jaar wordt dit mandje herzien, maar daarvoor is een meerderheid van 85 procent nodig. De eerstvolgende vergadering is in mei.

Mocht China worden geweigerd (of zelf aansturen op zo’n weigering) dan heeft het er een argument bij om naast een ‘eigen’ Wereldbank straks ook een ‘eigen’ IMF in het leven te roepen. Intussen werkt Beijing ook hard aan de acceptatie van de munt in het internationale verkeer, waar de yuan nog maar zo’n twee procent van alle betalingen uitmaakt.

En Washington? Dat moet zich beraden op zijn strategie.