Alarm om situatie Palestijns vluchtelingenkamp in Damascus

Yarmouk in 2012 Foto AP

De Verenigde Naties maken zich grote zorgen over de Syriërs en Palestijnen in het Palestijnse vluchtelingenkamp Yarmouk in Damascus. Terreurbeweging Islamitische Staat zou nu 90 procent van het kamp hebben veroverd na hevige gevechten met Palestijnse gewapende groepen. De humanitaire situatie is er volgens de VN-vluchtelingenorganisatie UNRWA schrijnend.

De VN schatten dat zo’n 18.000 inwoners van het kamp gevangen zitten tussen de gevechten. Na twee jaar belegering door troepen van president Assad en verwaarlozing was er al sprake van ziekten en verhongering. De situatie nu is een “affront voor de menselijkheid van ons allen, een bron van universele schaamte”, zei woordvoerder Chris Gunness volgens persdienst Reuters.

“Yarmouk is een test, een uitdaging voor de internationale gemeenschap. Wij mogen niet verzaken. De geloofwaardigheid van het internationale systeem in zijn geheel staat op het spel.”

IS trekt op met Al-Nusra

Hulpverleners van de VN sturen voedsel naar het kamp. Moskeeën in de omgeving roepen op tot bloeddonaties voor de vele burgers die gewond binnen worden gebracht.

De strijd om Yarmouk, aan de zuidrand van de Syrische hoofdstad, duurt nu al een paar dagen. Een van de gewapende groepen die vechten tegen IS is Aknaf Beit al-Maqdis, een militie bestaande uit Palestijnen en Syriërs die al twee jaar strijdt tegen het regime van Assad.

IS lijkt bij de gevechten in het kamp samen te werken met Jabhat al-Nusra, de Syrische tak van Al-Qaeda waar IS in andere delen van het land juist tégen vecht. Ondertussen voert het Syrische regeringsleger luchtaanvallen uit op het vluchtelingenkamp, meldt het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten - een netwerk van activisten dat vanuit Londen opereert.

IS en Jabhat al-Nusra staan nu op de drempel van Damascus, waar de Syrische president Bashar Assad zetelt. Voor de opstanden in Syrië begonnen woonden in het kamp zo’n 160.000 Syriërs en Palestijnen. Door de gevechten is dat aantal de afgelopen vier jaar echter flink teruggelopen.