Waarom de tandartsrekening van vegetariërs hoger is

Het gebit van vegetariërs is slechter dan van niet-vegetariërs. Ze poetsen minder vaak met fluoridetandpasta en drinken meer vruchtensap.

Foto Thinkstock

Vegetariërs hebben een vergroot risico op het krijgen van gebitsafwijkingen. Dat suggereren Duitse onderzoekers in een recent artikel. Zij onderzochten twee vergelijkbare groepen van ieder 100 personen met als enige uitzondering dat één groep uit alleen vegetariërs bestond. De proefpersonen werden uitgebreid tandheelkundig onderzocht. Niet alleen werd gekeken naar het aantal gaatjes in de tanden en kiezen, maar ook de kwaliteit van de gerestaureerde tanden en kiezen werd onderzocht. Verder bepaalden de onderzoekers in hoeverre er glazuurverlies op de gebitselementen was opgetreden, vooral door de kwalijke invloed van zure dranken en vruchten, de zogenaamde tanderosie.

Mondhygiëne werd met een speciale index gescoord. Verder kreeg men een vragenlijst voorgelegd waarin onder meer werd gevraagd wat de voedingsgewoonten waren, of zij dagelijks hun gebit poetsten, hoe vaak zij een tandarts bezochten en voorts of hun tanden en kiezen weleens een fluoridebehandeling kregen.

Opvallend waren de verschillen. Vegetariërs hadden significant meer gaatjes in hun gebitselementen en het glazuur daarvan was meer aangetast door zure dranken. De kwaliteit van hun gevulde tanden en kiezen was minder dan bij de personen in de controlegroep. Voorts consumeerden de vegetariërs aanzienlijk meer vruchten en gebruikten zij minder fluoridetandpasta dan de niet-vegetariërs.

Bevolkingsonderzoek naar de relatie tussen eet- en drinkgewoonten en tandbederf werd al vroeg in de vorige eeuw uitgevoerd, met name als het ging om het gebruik van suikers. Maar dit onderzoek is bijzonder omdat maar zelden één specifieke groep in de Europese bevolking tandheelkundig is onderzocht waarbij het normale voedings- en drinkpatroon zo sterk afwijkt.