Speelse monoloog – in water

Water. Geen puin of zand of steenbrokken die de vrouw eerst tot aan haar heupen en daarna tot aan haar hoofd omsluiten, maar water. De woonkamer en keuken zijn volgestroomd. Het tafelblad drijft op de waterspiegel. Haar handtas vindt nog net een droge plek. Om haar heen golft het.

Het toneelbeeld van Glückliche Tage (Happy Days, 1962) in de regie van Katie Mitchell is een vloeibare verrassing. Temeer omdat toneelschrijver Samuel Beckett (1906-1989) na zijn dood via erfgenamen nog altijd streng regeert over de opvoering van zijn werk. Gewoonlijk moet alles getrouw zijn aan de regieaanwijzing. Een waterlandschap in een woonhuis is heel iets anders dan de voorgeschreven ‘verschroeide vlakte met de glooiing van een heuvel’.

Het geheim van Glückliche Tage schuilt in het contrast tussen fysieke bewegingloosheid en levendigheid van geest. Het hoofdpersonage Winnie kan geen kant op, en toch neemt ze de toeschouwer mee op een vitale, opgewekte reis door haar leven. In een speelse, bij vlagen adembenemende monoloog geeft ze haar herinneringen prijs, haar dromen en verwachtingen. Actrice Julia Wieninger van Schauspielhaus Hamburg ontleent aan deze dreigende entourage energie en vooral hoop. Met slechts minimale middelen als een opgetogen gezongen wijsje of een glimlach rond de lippen vertolkt ze de overlevingskracht van haar personage. Haar geliefde Willie (Paul Herwig), rondscharrelend op de achtergrond, is een deerniswekkende verschijning. Als hij haar aan het slot een bruidsboeket aanbiedt, is dat een geste van innige troost. Geluk glanst even in haar ogen, ze verheugt zich op een nieuwe dag.