Nucleair akkoord zet de verhoudingen op scherp

In Lausanne werden Iran en zes wereldmachten het gisteren eens over het inperken van het omstreden Iraanse nucleaire programma. Op korte termijn zorgt het akkoord juist voor meer geweld in de regio.

EU-buitenlandchef Federica Mogherini samen met de ministers van Buitenlandse Zaken van Groot-Brittannië (Philip Hammond), de Verenigde Staten (John Kerry) en Iran (Javad Zarif). Foto AP

Een echt akkoord is er nog lang niet, maar met de bekendmaking van een nucleair basisakkoord is gisteren in Lausanne een nieuwe belangrijke stap gezet naar de reïntegratie van Iran in de internationale gemeenschap in het algemeen. De onderhandelaars van de vijf permanente leden van de VN-Veiligheidsraad plus Duitsland (P5+1) zien een veiliger wereld nu het omstreden Iraanse nucleaire programma aan banden wordt gelegd en een potentieel Iraans atoomwapen op zijn minst is uitgesteld. Maar tegelijkertijd zijn de verhoudingen in de eigen regio op scherp gezet. De Arabische Golfstaten en Israël vrezen een assertiever Iran nu een belangrijk deel van de harde internationale sancties tegen de islamitische republiek wordt opgeschort of opgeheven. De oorlog in Jemen van Saoedi-Arabië en zijn sunnitische alliantie tegen de shi’itische Houthi’s, die als vijfde colonne van Iran worden gezien, kan als eerste reactie worden beschouwd op het akkoord van Lausanne.

Het alternatief was militaire actie

De leiders van de Verenigde Staten, Rusland, China, Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland aan de ene kant en Iran aan de andere kant waren allen zeer gemotiveerd om tot overeenstemming te komen. Tegen de oppositie in van zijn eigen, pro-Israëlische Congres heeft met name de Amerikaanse president Obama zich hard ingespannen voor een akkoord. Iran is immers een grote olie- en gasproducent waarmee niet alleen Amerika maar ook Europa graag weer zaken wil doen. Maar bovendien is het dreigende alternatief voor een politieke oplossing, militaire actie tegen de Iraanse nucleaire installaties in een al door oorlog verscheurd Midden-Oosten, voor Obama onacceptabel. Het feit dat het shi’itische Iran een felle vijand is van de sunnitisch-extremistische Islamitische Staat diende onuitgesproken als extra aanmoediging. Militaire activiteit tegen de Islamitische Staat wordt in sommige delen van Irak de facto met Iran gecoördineerd.

Kiezersbelofte president Rohani

Het aantreden van de pragmatische Rohani als Iraanse president na de radicale Ahmadinejad bracht in 2013 hoop dat de al jaren voortsukkelende nucleaire onderhandelingen eindelijk tot resultaat zouden kunnen leiden. Rohani beloofde zijn kiezers verbetering van hun economische situatie, wat opheffing van de sancties en dus nucleaire concessies vergde. Aanvankelijk was er grote twijfel of opperste leider Ali Khamenei wel bereid zou zijn in te stemmen met vergaande nucleaire concessies. Maar juist de laatste maanden hield hij de nog machtige radicale factie in de top in toom, kennelijk uit angst voor de consequenties van verdere economische verslechtering voor zijn regime. Normalisering van de banden met Amerika als uitvloeisel van deze deal is voorlopig een stap te ver.

Israël en Saoedi-Arabië fel tegen

Behalve het Amerikaanse Congres en de Iraanse haviken blijven Israël en sunnitische Arabische landen, Saoedi-Arabië voorop, felle tegenstanders. Volgens de Israëlische premier Netanyahu (die al sinds 1992 een Iraanse atoombom ziet aankomen) is het een „slecht akkoord” en blijft Iran een „gevaar voor de mensheid”. Israëlische militaire actie - waartoe de Amerikaanse senator John McCain deze week opriep - is echter onwaarschijnlijk. Militaire deskundigen gaan ervan uit dat zo’n aanval juist het besluit tot productie van een kernbom kan losmaken en de productie slechts korte tijd kan vertragen.

Het luchtoffensief door de door Saoedi-Arabië aangevoerde sunnitische alliantie tegen de shi’itische Houthi’s in Jemen moet zonder twijfel in het licht van de zich al geruime tijd aftekenende deal met Iran worden gezien. Het Saoedische leiderschap beschouwt de Houthi’s als werktuig van Iran. Of dit in werkelijkheid zo is of dat hun recente militaire successen eerder het gevolg zijn van plaatselijke omstandigheden, doet er in feite niet toe; de perceptie is vaak feit. De Saoediërs en hun bondgenoten constateren dat Iran de Syrische president Assad overeind houdt en dat het een belangrijke rol speelt in het nu door de shi’itische meerderheid gedomineerde bewind in Bagdad. Nog dichterbij huis blijft de shi’itische meerderheid in Bahrein protesteren tegen zijn sunnitische monarchie en in eigen land is de gemarginaliseerde shi’itische minderheid ontevreden. Alle onrust wordt aan Iran toegeschreven.

Op korte termijn meer geweld

Dat de VS het offensief in Jemen coördineren is een boodschap aan de Saoediërs dat Washington hun veiligheid blijft garanderen, ook al sluit het een akkoord met Iran. Maar de nieuwe Saoedische koning, Salman, heeft met de traditionele voorzichtigheid gebroken en het heft in eigen hand genomen. Het is niet te verwachten dat Iran tot militaire steun aan de Houthi’s besluit – Jemen is voor Teheran nooit een prioriteit geweest en het heeft de handen vol aan Syrië en Irak. Dit neemt niet weg dat het nucleaire akkoord op de korte termijn in de regio alleen meer geweld losmaakt.