Lubitz liet een ‘positieve nee’ horen

We kunnen het niet geloven. Ineens leek zelfdoding op het spoor een sociale daad. Ochtendspitsvertraging is irritant, maar niet dodelijk. Acht dalende minuten voelden 149 mensen hun wil om te leven explosief groeien.

Er worden verklaringen gezocht voor het gedrag van co-piloot Andreas Lubitz. Maar alle verklaringen zijn op het voorkomen van herhaling gericht, niet op begrijpen. Het is niet vreemd dat we zo’n zelfmoordaanslag willen voorkomen, maar misschien is het gehaaste overslaan van werkelijke inleving wel precies waarom soortgelijk geweld weer zal gebeuren.

In De vermoeide samenleving stelt de Duits-Koreaanse filosoof Byung-Chul Han dat de vele depressies en burn-outs worden veroorzaakt door een overmaat aan positiviteit: „Yes, we can, is de ultieme formulering voor het positieve karakter van de prestatiesamenleving.” Er is geen ruimte voor negativiteit: wie even niet kan, is een kneus.

Ook schrijft Han hoe het leven tegenwoordig „radicaal vergankelijk” is. Het werk dat we doen is alleen bedoeld om in beweging te blijven, om de verlangens van het lichaam met verdiende luxe koest te houden. Zelfs wie werk doet dat duidelijk op ‘opbouw’ is gericht – zoals een bouwvakker of beleidsmaker – weet dat er straks weer nieuwbouw is met nieuwe technieken, materialen, nieuwe informatie en regels.

Onlangs vertelde een militair mij over de bouw van een volleybalveld in Uruzgan. Een paar weken later kwamen ze terug en was alles weg. Het puin dat na de plundering achterbleef, ligt er nu nog. Destructie is duurzamer dan opbouw.

Of dat niet frustrerend is? „Je richt je op de leuke momenten die je met kinderen had. Het samen verven, een bal overspelen”, antwoordde hij.

Je moet extreem geoefend zijn in bescheidenheid wil het besef van vergankelijkheid je niet tot waanzin voeren.

Han zegt ook dat er in de huidige westerse samenleving geen ruimte is voor ‘nee’ en woede. Woede is radicaal stilstaan: „het vermogen om een toestand te onderbreken”. Voor die uitzonderlijke negatieve energie is geen ruimte. Alles draait door, positief en actief. Woede wordt gereduceerd tot behapbare ‘nare gevoelens’ en het ferme ‘nee’ wordt gladgestreken doordat ‘opbouwende kritiek’ wordt aangemoedigd. Georganiseerde weerstand hoort erbij ten behoeve van het gemak: alles moet stromen. Meedoen is belangrijk.

Wie niet mee wil doen, doet tegen. Niets doen is geen optie. Er moet beweging zijn. Een vliegtuig laten crashen is beweging. Lubitz liet een ‘positieve nee’ horen: een handelend nee. Dat is geen verzet tegen de prestatiemaatschappij, maar een symptoom ervan.

Hoe harder er wordt gewerkt – geharkt en gestreken – om het negatieve actief te bestrijden, des te harder zullen de ‘positieve nee’s’ klinken.