Eén werkloze kost 38.411 euro

In Amsterdam zijn ruim twee keer zoveel jongeren werkloos als in de rest van het land. Van hen is 10 procent hoogopgeleid, 43 procent heeft geen volwaardig diploma. De laatste groep concurreert met Polen en Hongaren, zegt de SP-wethouder.

Sylvia Kastein

Vijf jongeren staan wiebelig naast elkaar in felle HEMA-polo’s. Blauw, groen, rood. Om hen heen agenten, bodyguards en lokaal bestuur. Minister Asscher (Werkgelegenheid, PvdA) is vandaag op werkbezoek in Amsterdam Nieuw-West om te kijken wat de stad doet aan de jeugdwerkloosheid. De tour gaat langs de HEMA, die met de Dienst Werk en Inkomen (DWI) stages en banen levert; de Kandidatenmarkt, die werkloze jongeren zonder uitkering verder helpt; en tot slot langs Pak je Kans, een programma van het stadsdeel voor jongeren met een strafblad.

De stemming is trots. Er klinken uitspraken als „wij zien niet de problemen, maar de kracht van de jongeren”. En Asscher vraagt glimlachend aan iedereen: „Wat is je droom?”

Maar echt positief is de situatie niet te noemen. Landelijk is 11 procent van de jongeren tussen de 15 en 27 jaar werkloos, in Amsterdam is één op de vier dat (24 procent; 18.400 jongeren). In Nieuw-West had vorig jaar zelfs 31 procent van de beroepsbevolking in die leeftijdsgroep geen baan, en in Zuidoost maar liefst 37 procent.

Dinsdag presenteren de wethouders Arjan Vliegenthart (Werk, SP), Simone Kukenheim (Onderwijs en Jeugd, D66) en Kajsa Ollongren (Economische Zaken, D66) de nieuwe cijfers over de Amsterdamse jeugdwerkloosheid en een ‘aanvalsplan’.

Het coalitieakkoord van 2014 wijdde er slechts een paar zinnen aan. Het stadsbestuur zou de aansluiting op de arbeidsmarkt „sterk verbeteren”, „belemmeringen wegnemen” voor kleine bedrijven en zzp’ers om stagiairs aan te nemen en de beroepsopleidingen „beter laten aansluiten” op de behoeften van bedrijven. In november kwamen er meer details: het ‘Aanvalsplan Jeugdwerkloosheid 2015 – 2018’ moet 21.000 jongeren aan het werk of naar school krijgen. Er wordt 28 miljoen euro geïnvesteerd.

11.100 kwetsbare jongeren

De grootste inspanningen zijn gericht op een groep van 11.100 kwetsbare jongeren. Volgens wethouder Vliegenthart zit daar het grootste probleem: „Jongeren die hun mbo-opleiding niet afmaken, of alleen afgemaakt hebben op niveau één of twee. Zij zijn opgeleid om te werken met hun handen en dat werk is er maar in beperkte mate. En dan is er nog de concurrentie van Polen en Hongaren. Als ze aan de kant komen te staan, is de situatie meteen nijpend.”

Het aantal initiatieven om Amsterdamse jeugdwerkloosheid tegen te gaan, groeide flink de afgelopen tijd. Zowel vanuit de gemeente als particulier. Ook het aantal geholpen jongeren steeg: in 2013 waren dit er 3.000, een jaar later 3.852. Maar het percentage werklozen daalde niet. Opvallend, want in de rest van Nederland daalde de jeugdwerkloosheid vorig jaar wel.

Patricia Zebeda, oprichter van de Kandidatenmarkt, denkt dat de Dienst Werk en Inkomen te weinig rekening houdt met de complexiteit van de harde kern werkloze jongeren. „Voor een deel is de hoge jeugdwerkloosheid in bepaalde delen van Amsterdam te verklaren door de crisis en de concurrentie van goedkopere landen en arbeidskrachten. Maar er is meer. Vanuit hun sociale omgeving leren ze amper over de harde wereld, onderwijs sluit niet goed aan op het bedrijfsleven, scholen bereiden leerlingen weinig voor op het werkzame leven en het DWI sluit minder goed aan bij jongeren. Dit zorgt voor mismatches. Dan krijgt een jongen uit Nieuw-West een baan aangeboden in Zaandam terwijl hij geen reisgeld heeft om er te komen.”

Tel daar nog de extra problemen bij op: ouders die hen uit huis zetten zodat zij zelf geen bijstandsvermindering krijgen, schulden en instanties waar ze nooit vanaf komen door criminele acties uit het verleden.

Eigen verantwoordelijkheid

Wordt de groep van 1.840 hoog opgeleide werklozen – de zogenaamde eeuwige stagiairs – genegeerd in dit plan? Wethouder Vliegenthart: „Cijfers laten zien dat deze groep zijn weg wel vindt. Als hoger opgeleide heb je een eigen verantwoordelijkheid. Er is veel in je geïnvesteerd, dus nu moet je aanpakken. In Amsterdam hebben wij gezegd: dit plan richt zich vooral op allochtone jongeren in Nieuw-West.” Eén werkloze jongere die in dat stadsdeel aan een baan wordt geholpen levert de maatschappij 38.411 euro op.

De gemeente wil de komende vier jaar elke werkloze jongere een „naam en rugnummer” geven zodat duidelijk is wat ze doen. Vliegenthart: „Soms staan jongeren bij twee projecten ingeschreven. Het is nog te onduidelijk wie ze precies zijn. Een deel zit in de bijstand. Een deel zit thuis zonder bijstand. Een aantal heeft tijdelijke baantjes. En dan heb je nog de jongeren die verdwijnen, de ‘spookjongeren’. Dat zijn de grote categorieën. We willen die jongeren oppakken en in één passend traject stoppen.”