Depressief – pas op met dat woord

‘Alles’ wordt bekend over de co-piloot die een vliegramp veroorzaakte. Rutger Lemm ziet een kwalijke trend.

Illustratie Jenna Arts

In de winter van 2014 werd ik, door een combinatie van te grote werkdruk en persoonlijke ontwikkelingen, bevangen door een combinatie van hevige angstaanvallen en depressie. Ik sliep nauwelijks nog, kon niet meer lezen of televisie kijken. Een gesprek kostte me te veel moeite. Het enige wat ik kon doen, was slaafs luisteren naar de eindeloze stroom gedachten in mijn hoofd, die telkens hetzelfde verhaal vertelden: er is iets grondig mis met je, als je ooit gelukkig wil worden, zul je nu onmiddellijk radicaal moeten veranderen. De angstaanvallen voelden alsof zeven mannen vlakbij mijn gezicht instructies schreeuwden, ieder in een taal die ik niet begreep. Ik was totaal verlamd.

Andreas Lubitz, de co-piloot van vlucht 4U9525 en de waarschijnlijke moordenaar van 149 medepassagiers, was ook depressief. Deze ontdekking wordt breed uitgemeten in de pers. Wist Germanwings ervan? Moeten piloten niet vaker psychologisch getest worden?

Depressief – ik begrijp niets van het gretige gebruik van dit toverwoord. Lubitz zal uiteraard psychische problemen hebben gehad, die zeker als verklaring voor zijn horrordaad kunnen dienen. Maar hij kan nooit depressief zijn geweest toen hij het toestel op de Alpen liet neerstorten, zoals verschillende experts in The Guardian en op Slate hebben aangegeven. Dr. Charles Raison, professor in de psychiatrie aan de Universiteit van Arizona zei tegen CNN: „De meeste depressieven doden hooguit zichzelf. Het is heel, heel ongebruikelijk dat ze anderen vermoorden. Ik denk daarom dat er meer aan de hand was, zoals een persoonlijkheidsstoornis.”

De grandeur en vastberadenheid van Lubitz' beslissing zijn juist twee kwaliteiten die een depressie genadeloos van je afneemt. Als Lubitz toen echt depressief was geweest, was hij niet uit bed gekomen om naar het vliegveld te gaan.

Het probleem met dit vingerwijzen is, zoals we eerder zagen na de smalende reacties op de zelfmoord van Robin Williams (‘Egocentrisch!”) en de spot die Journaal-indringer Tarik Z. ten deel viel, dat psychische ziekten op deze manier taboe blijven. Nadat er bij Lubitz thuis antidepressiva werden gevonden, was het oordeel snel geveld. Zie je wel, iemand die dat soort blijdschapspillen moet slikken, zal wel een gevaarlijke gek zijn. Zo houden we een moeilijk waarneembaar ziektebeeld, waarmee een groot deel van de bevolking te maken krijgt, in het verdomhoekje.

Portie schaamte

Mensen die met depressie kampen, krijgen daar nu ook een portie schaamte bij, waardoor ze minder snel hulp zoeken. Om dit soort rampen te voorkomen, moeten we er juist voor zorgen dat binnen het werkklimaat van piloten en de rest van de samenleving niet gezwegen wordt over depressie of andere geestesziekten die ons functioneren kunnen beïnvloeden. In plaats daarvan blijven we hangen in onze angst voor angst.

Op zichzelf begrijp ik dat ook wel. Voordat ik bij mijn strot gegrepen werd door zwarte gedachten, was ik fel tegen antidepressiva. Ik vond het een vreemd idee dat je met een pil de problemen des levens te lijf moest gaan. Sterker nog, ik vond het zwak. Tot ik las over de genetische oorsprong van depressie en hoe ik in feite pech had gehad in de biologische loterij. Depressie zit in mijn familie (net als grootheidswaan – een stoornis die veel relevanter is in het geval van Lubitz).

Ik zei tegen mijn psychiater dat ik het als valsspelen zag, als doping. Hij antwoordde: „Hoezo? Je hebt een ziekte die fysiek aantoonbaar is. Als een zwemmer een longontsteking krijgt, dan neemt hij toch ook antibiotica?” Ik liet me overtuigen en uiteindelijk hebben antidepressiva me op de been geholpen. Ik kon weer slapen en werken.

Na de aanslag op het kantoor van Charlie Hebdo werd moslims gevraagd afstand te nemen van die terreurdaad. Gematigde moslims reageerden gepikeerd: dat iemand in naam van mijn geloof een terroristische aanval uitvoert, maakt mij toch niet medeplichtig? De hashtag #notmyislam dook op. Op eenzelfde wijze zou ik me als voormalige depressieveling graag willen distantiëren van Andreas Lubitz, die nu tot mijn lotgenoten wordt gerekend. Dit is geen depressie, #notmydepression.

Aan de andere kant: de golf van racisme die in Frankrijk en elders volgde op de Hebdo-tragedie was inderdaad belachelijk. Maar ergens hadden de commentatoren een punt: ook als je zelf niet vindt dat iemand bij ‘jouw’ geloof hoort, heb je de verantwoordelijkheid mensen in jouw gemeenschap erbij te houden. Als een jongen die overweegt zich bij IS aan te sluiten wekelijks in jouw moskee komt, kun je proberen hem de zachtere kanten van de Islam te tonen.

Hetzelfde geldt voor geesteszieken: in plaats van dat we hen met stigma’s en schaamte nog verder wegduwen, moeten we hen juist hulp bieden. Depressie leidt niet tot massamoord, maar Lubitz wijst me met zijn gruweldaad er wel op altijd met mensen om me heen te blijven praten. Hoe eng en gek ze ook zijn.

 

NASCHRIFT (3 april 2015): In een eerdere versie van dit artikel stond in de laatste alinea zelfmoord waar massamoord had moeten staan. In bovenstaande tekst is dat hersteld [red.]