Minimal is vrije muziek

Componist Terry Riley is komende week de speciale gast van het World Minimal Music Festival in Amsterdam. Hij presenteert een nieuw werk, ‘Children of Gaza’.

Terry Riley

Vermijd het m-woord. Dat was jarenlang het advies voor wie sprak met Terry Riley, de goeroe van de minimal music. „Zodra je ergens een -isme van maakt, is het dood”, verklaarde Riley zijn irritatie over de term minimalisme. „Die term gebruikten we in de jaren zestig nooit voor de muziek die we maakten. Die muziek ging over vrijheid. De kunstenwereld moest er zo nodig een ‘tag’ opplakken.”

Is het dus ironisch dat tijdens het komende World Minimal Music Festival in Muziekgebouw aan ’t IJ de inmiddels 80-jarige Riley eregast zal zijn? „Ik heb met de naam ‘minimal’ inmiddels niet meer zulke problemen”, zegt Riley aan de telefoon vanuit zijn woonplaats in Californië. „Maar ik ben nog steeds niet het type dat zich thuis voelt in clubverband. Daarom woon ik ook in de bergen, zonder aan de social scene deel te nemen. Voor het grote publiek kan zo’n muziekcategorie handig zijn, voor de artiest is het minder prettig, het gaat ten koste van de individuele kwaliteiten en de spontaniteit.”

Spontaan

Juist zeer spontaan was in 1964 de totstandkoming van Rileys meest beroemde en invloedrijke werk, In C. De componist zat in San Francisco in de bus, toen deze muziek hem plots inviel, „als in een droom”. Een dag later stond het op papier. Om precies te zijn een A4’tje: In C kan in theorie uren doorgaan, maar de 53 naar keuze te herhalen fragmenten passen op één vel. Het werk ademt de vrije geest van de jaren zestig: het aantal en type instrumentalisten ligt niet vast, en in plaats van een dirigent geeft een pianist of slagwerker de constante puls met steeds herhaalde hoge c’s.

In C was een doorbraak voor de westerse muziek”, zegt Riley. „In Europa heerste een strenge muziekcultuur. Maar hier in de VS liet In C horen hoe een compositie opwindend kon zijn zonder academisch doorwrocht te worden. Zelfs amateurs kunnen het spelen.” In In C kon Riley zijn liefde voor jazzimprovisaties en de hypnotiserende Indiase muziek de vrije loop laten.

Riley boekte een paar jaar na In C een tweede succes met A Rainbow in Curved Air (1969). Dit psychedelische werk voor onder meer elektronisch orgeltje is opgebouwd uit verschillende loops die de componist zelf volspeelde, en borrelt twintig minuten lang van verrukte opwinding. Het was van invloed op bands als The Who. En de blijvende populariteit werd bevestigd toen de game Grand Theft Auto IV (2008) deze muziek in de soundtrack opnam – het is ideale muziek voor een roadtrip.

Een van de musici bij de wereldpremière was Steve Reich, die snel daarna met zijn eigen minimal music begon en Riley in faam voorbij zou streven. Riley heeft zich er inmiddels bij neergelegd dat zijn vroege werk populairder en bekender is gebleven dan alles wat daarop volgde. „Daar heb je nu eenmaal geen controle over. Ondertussen componeer ik wel gewoon door hoor. Gelukkig heb ik een aantal trouwe volgers die goed op de hoogte blijven.”

Gaza

Op de openingsavond van het World Minimal Music Festival klinkt een gloednieuw werk van Riley: Children of Gaza, voor kinderkoor, accordeon en harp. „De titel zal wel wenkbrauwen doen fronsen, want zodra je Gaza noemt denkt men dat je politiek activisme beoefent. Het toeval wilde dat ik vorige zomer aan een nieuw stuk voor het Minimal Music Festival begon, toen Israël de Gazastrook bombardeerde. Natuurlijk kwamen de raketten van twee kanten, maar de meeste burgerslachtoffers waren Palestijns. Ik wilde de kinderen van Gaza, die psychologisch beschadigd zijn, een stem geven. De wereld is namelijk geneigd deze oorlogen te vergeten zodra ze zijn afgelopen. Eigenlijk representeren deze kinderen alle kinderen die oorlogsslachtoffer zijn.

„De muziek is niet morbide, maar qua harmonie en ritme eerder upbeat: ik wil hoop geven aan een uitzichtloze situatie. Ik ben van nature een optimist, en muziek is een vitale kunstvorm. De woorden die ik de kinderen in de mond leg, zijn deels afkomstig uit documentaires uit de regio. Met name één documentaire was inspirerend: hierin brengt een man Joodse kinderen uit Jeruzalem in contact met kinderen uit een Palestijns dorpje. In het begin gaat dat moeizaam, maar aan het slot spelen ze samen voetbal.”

Riley maakt zelf ook muziek tijdens het festival: hij zal een Indiase raga zingen. „Indiase muziek is een levenslange liefde van me. Ik heb in de jaren zeventig les gehad van onder meer de legendarische zanger Pandit Pran Nath. Ik oefen elke dag en ik begin nu pas echt in vorm te raken.”

Kan hij In C nog wel horen, als Riley straks bij het openingsconcert in het publiek zit? „Het is zeker mogelijk dat ik toch weer verrast word. Het werk biedt natuurlijk veel vrijheid. Heel verrassend en eervol vond ik bijvoorbeeld de recente opname door André de Ridder met Malinese musici. Een deel van de oorsprong van In C ligt immers bij de repetitieve Noord-Afrikaanse muziek. Die vernieuwing is belangrijk: In C mag absoluut geen gestolde academische oefening worden.”