Feest bij een van Nederlands beste galeries

Rezi van Lankveld: EenTweeDrie, 2015. Courtesy Annet Gelink Gallery, Amsterdam

Annet Gelink Gallery bestaat 15 jaar en dat wordt gevierd met de tentoonstelling Back to the Future. Die is, om eerlijk te zijn, niet wereldschokkend: er wordt werk getoond van vijftien kunstenaars met wie Gelink werkte in heden en verleden, variërend van Marina Abramovic & Ulay tot Meiro Koizumi en Erik Wesselo. Veel lijn zit er niet in en eigenlijk is het net te veel voor de vrij kleine ruimte, waardoor het geheel meer een vrolijke vergaarbak is dan een tentoonstelling.

Maar juist die voor Gelink zo herkenbare terloopsheid maakt een andere vraag des te intrigerender: hoe komt het toch dat ze al jaren een van Nederlands beste galeriehouders is? Hoe je het ook wendt of keert: het niveau van de Gelink jubileum-grabbelton is opnieuw opmerkelijk, zeker voor Nederlandse begrippen: Yael Bartana zit erin, Ryan Gander, Roger Hiorns, Erik van Lieshout, David Maljkovic en Wilfredo Prieto – en allemaal zitten ze al jaren bij Gelink. Tegelijk moet je constateren dat het niet meevalt een heldere lijn in haar beleid te ontdekken. Oké, Gelink bezit onmiskenbaar een goed gevoel voor prikkelend conceptualisme: haar beste kunstenaars (Bartana, Gander, Prieto) maken vanuit een complexe eigen wereld vaak verrassende, tegendraadse beelden – bij Gelink is gelukkig trouwens altijd evenveel te kijken als te lezen.

Schilderkunst doet ze daarentegen niet veel: Carla Klein, Dan McCarthy en Glen Sorensen zijn niet van het niveau Bartana en Gander, maar de nieuwste aanwinst in haar ‘stal’ is wel weer de eigenzinnige schilder Rezi van Lankveld. Ook fotografie lijkt geen speerpunt, maar ondertussen werpt Gelink zich de laatste tijd zo nadrukkelijk op als vertegenwoordiger van de nalatenschap van Ed van der Elsken dat je je soms afvraagt of haar galerie een verkapt Van der Elsken-agentschap is geworden. Grillig lijkt het, ongestructureerd soms, maar hoe langer je over Back to the Future loopt, hoe meer je beseft dat juist die ‘welbewuste onvoorspelbaarheid’ vermoedelijk haar kracht is: die houdt de galerie levendig en echt – en dat is in een tijd waarin kunst zich steeds meer richt op de voorspelbaarheid van de markt zowaar een prestatie.