Column

Samsoms wijsheid over Griekenland

Soms ben ik jaloers op het NOS Journaal. Dinsdag een week geleden had het een prachtige reportage over de theevisite van de Griekse premier Tsipras aan Berlijn bij Angela Merkel. Prachtige beelden. Als ware hij Gorbatsjov liet Tsipras tijdens zijn rijtoer door de stad zijn limousine stoppen om handen te schudden met het toegestroomde Griekse publiek. Wij kregen ook beelden van de persconferentie te zien. Niets dan onderling begrip tussen beide leiders. Over de goede betrekkingen en over de voorspoed die Merkel de Grieken toewenste. Natuurlijk, er was enig verschil van inzicht, over niet afgeloste Duitse oorlogsschuld en over het ontoereikende Griekse hervormingsprogramma. In de lichaamstaal van beide staatslieden had het onderling begrip echter de overhand. Zonder ironie, een verademing. Tot slot vroeg de nieuwslezer Jeroen Wollaars een en ander voor de kijker te duiden: ging deze ontmoeting nog verschil maken? Nee, zo was het antwoord, deze bijeenkomst was vooral bedoeld voor het Griekse thuisfront. Dat had Tsipras toch maar mooi gedurfd, bij de grote leidsvrouw de Griekse noden persoonlijk aangekaart. Verder zou deze bijeenkomst weinig verschil maken.

G elukkig wist Jeroen Wollaars het antwoord, want ik had met mijn mond vol tanden gestaan, heen en weer geslingerd tussen tegenstrijdige gedachten. Ja, de Griekse overheid is geen prettige gesprekspartner. Afspraak is geen afspraak schijnt het devies. IMF’ers of EU- functionarissen klagen steen en been. Markten zijn hopeloos ineffectief en het macro-economisch beleid maakt van iedere investering een loterij. Het nationaal inkomen is sinds 2008 echter met een kwart afgenomen en de lonen zijn met 15 procent gedaald, veel meer dan elders. En, in tegenstelling tot het populaire oordeel: Grieken werken hard, veel meer uren dan wij. Verder herinner ik me hoe de crisis begon met een schending van de ‘no bailout clausule’ van het verdrag van Maastricht, door Duitsland en Frankrijk. De schulden van Griekenland (en Ierland) hadden moeten worden geherstructureerd ten koste van de banken die de leningen hadden verschaft. Dat vonden die landen – vast om goede redenen – geen aantrekkelijk perspectief. En dus zijn die schulden overgenomen, uiteindelijk door de Europese belastingbetaler. Toen al werd door deskundigen geoordeeld dat de schulden van Griekenland en in mindere mate Ierland nooit volledig zouden kunnen worden terugbetaald. Ierland heeft die prognose nu gelogenstraft, door een hernieuwd Iers wonder. Maar voor Griekenland hebben de deskundigen gelijk gekregen: de schuld is alleen maar verder opgelopen. De terugbetaling van staatsschuld is voor het land zelf weliswaar bijna altijd een kwestie van willen, niet van kunnen.

M aar voor ons als schuldeisers telt alleen of Griekenland het ook wil, en zo niet, welke dwangmiddelen wij dan hebben om terugbetaling af te dwingen. Dreigen om Griekenland uit de Euro te zetten? Nog los van de vraag of wij zitten te wachten op een Russische marinebasis op Kreta, staat één ding vast: dan worden de Griekse schulden zeker in zijn geheel niet terugbetaald.

Vaag herinner ik mij hoe Diederik Samsom tijdens de verkiezingscampagne in 2012 opzien baarde met de stelling dat het heel vervelend was, maar dat de Euro-crisis en Griekenland ons nog geld zouden kosten, maar dat daar geen alternatief voor was. Anderen hielden vol dat er geen cent meer naar Griekenland zou gaan. De kiezer, veelal een behoudende realist, beloonde Samsoms wijsheid. Dat schoot me door het hoofd toen ik Tsipras en Merkel zo vriendelijk met elkaar zag praten: zou Merkels vriendelijkheid ook niet een beetje een boodschap voor de Duitse kiezer zijn?