Column

Het winkelbedrijf heeft het toch al zo moeilijk

De tijd is nog niet rijp om met de pers te praten, zegt de Aalsmeerse opticien Nico Dames (74) afwerend, als ik hem opbel over zijn acties ter verplaatsing van de jaarlijkse Feestweek. Hij wil op dit moment niet zijn goodwill bij het gemeentebestuur verspelen. Ik heb Dames’ naam zien staan op de website van de gemeente, in een memo van het Aalsmeerse college dat met Dames’ ideeën ter zake korte metten maakt. Ik ga er dus voetstoots van uit dat de gemeente deze ingezetene van het memo op de hoogte heeft gesteld. Niets blijkt minder waar, als Dames een uurtje later terugbelt: hij heeft niets ontvangen, we hebben langs elkaar heen gepraat, inmiddels is hij wijzer dankzij een artikel in de Nieuwe Meerbode. We kunnen praten.

De ruime winkel van ‘opticien en optometrist’ Dames in de Zijdstraat kent niet zo’n witte ambiance als in deze branche tegenwoordig gebruikelijk: er zijn warme kleuren, intieme zitjes. Steen des aanstoots Praamplein is vlakbij. Daar verrijst iedere september ter wille van de Feestweek Aalsmeer een grote evenemententent. Hoogtepunt is de razend populaire race voor pramen – de schuiten waarmee vroeger producten naar de markt gingen.

‘Plein’ is een tikje weidse benaming. Het Praamplein is eerder een vormeloze verzameling parkeerplekken. Het bezwaar tegen de tent is dat de klant bijna twee weken niet kan parkeren. Het winkelbedrijf heeft het toch al zo moeilijk. Gesterkt door 93 handtekeningen („negentig procent van de winkels in het dorp”) kwam Dames vorig jaar in actie: hij maakte formeel bezwaar tegen de evenementenvergunning van Feestweek 2015, sprak in bij de gemeenteraad, al op 28 augustus, suggereerde alternatieve locaties. De gemeenteraad zegde toe spoedig het gesprek aan te gaan.

Vervolgens: stilte. Tot dat memo vorige week: het college heeft zijn licht opgestoken bij de het bestuur van Feestweek Aalsmeer en de Stichting Pramenrace in Ere, en zich laten overtuigen dat het succes van de Feestweek staat of valt met de traditionele locatie. Het toegezegde gesprek kan het best plaatsvinden na een ‘integrale’ evenementennota, waarvoor het college geen datum noemt. „Feestweek blijft op Praamplein!”, juicht het organiserend comité op zijn website.

Dan hebben ze toch even buiten Dames gerekend. Vanmiddag nog gaat hij op het gemeentehuis een brief afleveren, waarin hij het memo vergelijkt met „een slager die zijn eigen vlees keurt”, en nogmaals de vergunning aanvecht. Waarom blijft de beloofde discussie uit, vraagt hij zich in de brief af. Hebben winkeliers geen stem?” Hij is trouwens geen onbekende op het gemeentehuis, want hij procedeerde al zeven keer met succes tegen de gemeente, over uiteenlopende onderwerpen als nalatig onderhoud aan het riool en de gemeentelijke reclamebelasting. Toch oogt hij geenszins als een verbeten querulant. „Ik heb er lol in”, zegt Dames welgemoed, en verlucht zijn brieven met grappige cartoons. „Ik heb nu eenmaal een hekel aan oneerlijkheid en achterbaksheid.” Dus kom hem niet aan met voldongen feiten, of een kluitje in het riet.