Bank wil rel snel sussen, politiek blijft zeer kritisch

In de rel over topsalarissen bracht ABN Amro gisteren opnieuw een offer: commissaris Wakkie vertrekt. Maar de politiek blijft de banktop wantrouwen.

Illustraties Aron Vellekoop

Als een boemerang sloeg de onthulling over de rol van minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) in de beloningsaffaire bij ABN Amro gisteren terug in het gezicht van de bank. Kamerleden eisen weliswaar opheldering van de minister. Maar niemand die de vertrouwensvraag stelde.

Nee, ook gisteren richtte de grootste kritiek zich weer op de top van de bank. Dachten zij nu werkelijk het vertrouwen te herstellen door kennelijk vertrouwelijke stukken te lekken? Opvallend is dat de VVD, partij waarvan ABN Amro-topman Gerrit Zalm ooit partijleider was, geen openlijke steun biedt.

Ook het interview in deze krant met commissaris Peter Wakkie, die de omstreden salarisverhoging nog eens ging verdedigen werd gezien als een poging om de minister te beschadigen. Dezelfde minister die het besluit moet nemen om ABN Amro terug naar de beurs te laten keren, wat de bank zo graag wil.

Druk overleg Financiën, bank, juristen

Dat doet de relatie natuurlijk geen goed. Gisterenmiddag was er druk overleg tussen het ministerie van Financiën, ABN Amro en juristen over de vraag hoe om te gaan met de gelekte documenten, die zowel in NRC waren opgedoken – over de rol van de minister – als in Het Financieele Dagblad – over gevoelige DNB-rapportages met betrekking tot integriteit- en anticorruptiekwesties. Ambtenaren waren op dat moment juist bezig met het beantwoorden van Kamervragen die waren gesteld over de salarisverhoging bij ABN Amro. Toen het nieuws gistermiddag verscheen was ABN Amro-topman Gerrit Zalm op een bijeenkomst met bankmedewerkers om uitleg te geven over de beloningskwestie. Desgevraagd zei Zalm daar de publicaties niet te kennen.

Sinds het besluit van de minister, vrijdag, om de beursgang uit te stellen was de strategie bij ABN Amro om alles op alles zetten te deëscaleren en „de rust en het vertrouwen” te herstellen. Dat is de voorwaarde die Dijsselbloem heeft gesteld naar aanleiding van de beloningsaffaire.

De bank dacht daartoe zondag al een stap in de goede richting te hebben gezet. Toen maakte de raad van bestuur bekend dat de zes betrokken bestuurders afzagen van hun gewraakte loonsverhoging van een ton. De politieke reacties op die beslissing waren overwegende positief, zij het dat er nog wel vragen waren.

Dijsselbloem zelf zei: „Het bestuur levert hiermee een belangrijke bijdrage aan het herstel van rust en vertrouwen rond de bank. De goede resultaten van ABN Amro die dankzij de inzet van de medewerkers en bestuurders van de bank zijn bereikt, kunnen nu weer de aandacht en waardering krijgen die zij verdienen.” Daarmee leek de angel uit de discussie.

Maar toen kwam gisteren het interview met Peter Wakkie in deze krant, de commissaris die verantwoordelijk was voor het beloningsbeleid.

Dat was olie op het vuur gooien, was de algehele reactie op het Binnenhof. En ook, klaarblijkelijk, bij ABN Amro. Nog geen vijf uur later besloot Wakkie met onmiddellijke ingang terug te treden.

Een nieuw offer van de bank in een poging om de maatschappelijke onrust en politieke woede te sussen. Is dat voldoende om de rust en het vertrouwen te herstellen? Wakkie is geen bekende figuur, geen boegbeeld. Bovendien is onduidelijk of Wakkie alleen opereerde.

Beursgang staat voorop

Voorop staat dat de beursgang van ABN Amro er nog steeds gaat komen, tenzij de wereldeconomie misschien instort. Daarvoor is de consensus in Den Haag nog steeds groot: de staat moet van de bank af. Maar wanneer en of er nog meer van de bank verwacht wordt, is onzeker.

Dijsselbloem heeft de taak van bestuursvoorzitter Zalm na aanleiding van de onrust nog eens omschreven, na afloop van de ministerraad vorige week vrijdag. Hij zei dat Zalm de rust en het vertrouwen moest herstellen en dat die ook moest zorgen dat er „geen controverses” meer zouden ontstaan rond de bank. Nu is er, in de ogen van de politiek althans, door toedoen van ABN Amro een controverse rond Dijsselbloem zelf ontstaan.

De benoeming van Zalm, eind 2008 door PvdA-minister Wouter Bos, was dus vooral een politieke geweest. Zalm moest het vertrouwen in de bank herstellen én daarbij van de bank geen politieke speelbal maken. Hij was ervoor geknipt: kenner van de politiek (VVD, Binnenhof), het ministerie (Financiën) en een beetje de bankwereld (DSB). Gedonder om beloningen voor de top hebben die missie voor de helft doen mislukken. Niet dus. Althans: niet volgens de politiek.

De verhoudingen tussen ABN Amro en het ministerie zijn dus moeizaam, zo niet kil op het moment. Onder dergelijke omstandigheden zie je bij bedrijven vaak dat er dan een wisseling van de raad van commissarissen plaatsheeft, of een wisseling van (leden van) de raad van bestuur. De bezem erdoor en opnieuw beginnen.

Hoogleraar Sweder van Wijnbergen zei gisteren dat de voltallige raad van commissarissen moest opstappen, vooral vanwege een andere affaire bij de bank. Het Financieele Dagblad had eerder gemeld dat toezichthouder DNB ABN Amro gekapitteld heeft omdat de bank onvoldoende zicht heeft op de nevenfuncties en privébelangen van zijn commissarissen... „Er moeten koppen rollen”, zei Van Wijnbergen. „Dit is zeer serieus. Je krijgt het idee van een raad van commissarissen die volledig disfunctioneel is, die het allemaal niet serieus neemt.

Dijsselbloem zal niet openlijk aandringen op een wissel van het bestuur of de commissarissen, maar morgen heeft hij wel de kans om formeel iets te vinden van de top van ABN Amro. Dan vindt de reguliere aandeelhoudersvergadering plaats waar de aandeelhouder zijn oordeel moet vellen over het in 2014 gevoerde beleid.

Eén handtekening van de minister scheidt Gerrit Zalm van een decharge – niets aan de hand. Of geen décharge – ontslag.