Column

Als Nederland niet ‘alle ballen op Arjen’ speelt

Dat potje tegen Spanje van gisteravond doet er niet toe. Zo’n wedstrijd is hooguit handig voor de coaches om eens wat spelers uit te proberen, al gaan die vaak het veld in met het idee dat zonder kwetsuur de wedstrijd voltooien van groter belang is dan de uitslag. Dat gold gisteravond zeker voor Spanje. Vriendschappelijke interlands, midden in het seizoen waarin clubs nog van alles en nog wat moeten zien te bereiken of te voorkomen: monsters zonder waarde. Maar leuk dat Nederland dit tacklevrije duel won.

Die wedstrijd van het Nederlands elftal afgelopen zaterdag tegen Turkije, daar ging het om. Plaatsing voor de eindronden van het Europees kampioenschap was de inzet. Vooral doordat maar liefst 24 van de 54 landen daaraan mogen deelnemen, maakt Nederland na het armzalige gelijkspel tegen de Turken nog kans. De wedstrijd zelf illustreerde de kwaliteitsval van het Nederlandse voetbal. Net als vrijwel alle wedstrijden die Nederland speelde sinds het op het WK in Brazilië vorig jaar tot ieders verrassing derde werd.

Het kan hoor, met een matige selectie tot onvermoed succes reiken. Een goed voorbeeld daarvan is de Europese titel die Griekenland in 2004 behaalde. Mooi meegenomen voor de Grieken. Klein land op voetbalgebied. Anders dan Nederland dat op de FIFA-ranglijst van geregistreerde voetballers in grootte het vijfde land van Europa is.

Maar was dat WK van 2014, net als de ondermaatse prestaties van de clubs in de Europese toernooien, niet ook al een illustratie van de neergang van het Nederlandse voetbal? In grote delen van de wedstrijden in Brazilië koos toenmalig bondscoach Van Gaal voor vijf verdedigers. Een realistische en te rechtvaardigen keus uit armoede: met vier zou de defensie te kwetsbaar zijn. Kwestie van te weinig kwaliteit. En, ongeacht tactiek of strategie: was die derde plaats niet voor een groot deel te danken aan de enige speler van wereldklasse die Nederland telt: Arjen Robben (31)? Komt elk systeem dat Oranje hanteert niet, in zijn simpelste vorm uitgedrukt, neer op ‘alle-ballen-op-Arjen’? En gaat het dus zeker mis als hij wegens een blessure ontbreekt, zoals tegen Turkije?

Reken er maar op dat het Nederlandse voetbal in een fase verkeert waarin het op internationaal niveau tot de middelmaat behoort en dat die periode voorlopig voortduurt. Dat heb je soms. Zie ook de treurige resultaten van Jong Oranje. Niet geplaatst voor het EK deze zomer in Tsjechië, kansloos verloren (4-1) van Jong Frankrijk, afgelopen maandag.

Dan kun je nieuwe trainers en coaches aanstellen, bijvoorbeeld Guus Hiddink vervangen. Helpt dat? De kritiek op hem zwol aan, na de 1-1 op het nippertje tegen de Turken. Dat sommige journalisten hem proberen weg te schrijven, is wellicht nog draaglijk. Maar pijnlijk is voor Hiddink wat zijn generatiegenoten Johan Cruijff en Willem van Hanegem, oud-topvoetballers en gerenommeerde ex-coaches, in De Telegraaf en het Algemeen Dagblad lieten optekenen. Cruijff sprak zijn bevreemding erover uit dat Clasie en Klaassen niet waren opgesteld. „Twee spelers die organisatorisch en tactisch meer in zich hebben dan het hele elftal van Turkije bij elkaar.” Dat is regelrechte kritiek op de coach. Van Hanegem deed er nog een schep bovenop. Hij noemde het „belachelijk” dat Clasie op de bank zat en begreep er ook niets van dat Jetro Willems niet speelde, die „misschien wel de beste trap van Nederland” heeft en zo prima spits Klaas-Jan Huntelaar had kunnen bedienen.

Volgens Cruijff moet „er veel op de schop” in het Nederlandse voetbal en ligt de oorzaak van de malaise bij de opleiding, bij de trainers, bij de opleiders van de trainers of misschien wel bij alle drie. Zie er een oproep tot een revolutie in, die waarschijnlijk net zo weinig van fluweel zal zijn als indertijd bij Ajax. Het startsein voor nog meer rumoer is gegeven. De zagen worden gescherpt.