Wat als die psychiatrische patiënten straks spijt hebben van hun tv-debuut?

Het tv-programma Anita wordt opgenomen vroeg toestemming aan psychiatrisch patiënten die op dat moment zichzelf niet waren. Het ging KRO-NCRV niet om een realistisch beeld, maar om het filmen van excessen als de isoleer, meent ex-patiënt en schrijfster Myrthe van der Meer.

De eerste regel bij een psychiatrische crisisopname: neem geen levensveranderende beslissingen tijdens je opname, omdat je door je psychische problemen oorzaak en gevolg waarschijnlijk anders inschat dan normaal. Neem dus geen ontslag, vraag geen scheiding aan, verkoop je huis niet en geef niet al je geld weg. Daar kan sinds de realityserie Anita wordt opgenomen aan toegevoegd worden: doe niet mee aan realityprogramma’s.

Zelf ben ik twee keer opgenomen geweest op een open en gesloten psychiatrische crisisafdeling. Toen ik over Anita wordt opgenomen hoorde, vroeg ik me af wat ik zelf zou antwoorden als iemand mij vroeg of ik gefilmd mocht worden tijdens zo’n opname. Nee, natuurlijk. Maar dat zeg ik nu ik weer mezelf ben.

Tijdens mijn opnames wilde ik over het algemeen drie dingen: de relatie met mijn vriend verbreken, een eind aan mijn leven maken en ontslag nemen omdat ik tot mijn tachtigste op de PAAZ wilde blijven. Wat zou ik hebben geantwoord als ik die vraag tóen had gekregen? Mocht je mij die vraag toen eigenlijk wel voorleggen? En waarom überhaupt filmen op crisisafdelingen als er veel realistischere alternatieven bestaan?

Natuurlijk hebben patiënten zowel voor als na het filmen van Anita wordt opgenomen toestemming gegeven en therapeuten selecteerden patiënten die ‘goed genoeg’ waren voor deelname. Maar psychologen kunnen niet in je hoofd kijken. Mijn psychiaters dachten tijdens mijn tweede spoedopname dat ik depressief was, terwijl ik in werkelijkheid manisch was. En hoe kunnen therapeuten patiënten adviseren over de effecten van het op televisie tonen van je psychische crisis, als hier nauwelijks kennis over is?

Mijn eerste opname was ik zwaar depressief, maar ik had mezelf onder controle en was goed aanspreekbaar; de ideale kandidaat. Maar waar geef je toestemming voor? Voor het filmen van knutselen tijdens creatieve therapie, of voor de reële mogelijkheid dat je psychotisch wordt na een nieuw slaapmiddel en in een scheurhemd in de isoleer op een kartonnen po je behoefte doet en niet meer kunt zeggen wat je wel of niet wilt? Ik heb ook diverse bijwerkingen geïncasseerd; had ik zo gefilmd willen worden, en kon ik het toen eigenlijk nog wel aangeven als dat niet zo was?

Ook de cliëntenraad van gesloten inrichting Meregaard maakte zich hier zorgen om: wie toestemde om gefilmd te worden, bleek daarna niet meer van gedachten te mogen veranderen. Dat de instelling vervolgens dreigde met ‘financiële consequenties’ als de cliëntenraad haar veto niet in zou trekken, kun je de producent niet kwalijk nemen, maar wel dat ze psychiatrisch patiënten zulke wurgcontracten voorlegt. Toestemming geven als je jezelf bent, is iets anders dan toestemming geven als je níet jezelf bent.

Wie gedwongen of via de crisisdienst wordt opgenomen, kan bovendien niet zomaar naar een andere instelling. Wie niet gefilmd wilde worden, moest dus als er in de huiskamer gefilmd werd, in een andere ruimte wachten tot ze weer terug konden naar de plek waar zij niets anders zouden hoeven te doen dan anoniem patiënt zijn. Camera’s ontlopen wordt voor zover ik weet nog niet gezien als positieve therapievorm.

Het belangrijkste argument vóór Anita wordt opgenomen is het verminderen van het stigma door een realistisch beeld te geven van psychiatrische inrichtingen. Maar de therapeuten selecteerden de ‘beste’ patiënten. Dat is al niet meer realistisch.

Dan zijn er genoeg realistischere alternatieven, zoals psychotherapeutische klinieken waarbij de patiënt al maanden eerder een intakeprocedure doet. Zo kan iemand ruim van tevoren voor filmplannen gewaarschuwd worden en bij zijn volle verstand besluiten of hij liever naar een alternatief gaat. En het mooiste; hier vind je diezelfde mensen die een paar maanden eerder een crisisopname hadden. Ik zat daar, als ex-heftig geval, namelijk ook. Gaat het bij de keuze voor crisisafdelingen dus wel om het stigma verminderen, of moet patiëntenprivacy wijken voor de verleiding van mogelijke excessen en de isoleer?

Ook ik heb lang met vragen over privacy geworsteld, toen ik mijn eigen opname-ervaringen verwerkte in de boeken PAAZ en UP. Ik was echter primair patiënt en begon pas toen iedereen weer thuis was mijn ervaringen in boekvorm te gieten. Uiteindelijk heb ik alle medepatiënten die ik kon traceren de tekst vooraf laten lezen en aanpassen en besloot bovendien om niemand te belasten met de vraag of hij herkenbaar wilde zijn; ik heb alles en iedereen geanonimiseerd, omdat niemand de gevolgen van zo’n blootstelling kan overzien.

Zou ik mee hebben gedaan aan Anita wordt opgenomen? Ik ben bang dat als ik tóen die vraag had, ik ja had gezegd. En daar zou ik nu spijt van hebben gehad. Omdat ik toen mezelf niet was – maar juist daarom was ik ook opgenomen. Omdat een psychiatrische crisisopname je hoort te beschermen tegen grote, levensveranderende beslissingen als je bij het invullen van je etenslijst niet eens meer zeker weet of je nou vis at of niet. Dat is precies waarom televisieopnames en psychiatrische crisisopnames nooit samen kunnen gaan.