Cruijff tackelen ging gewoon niet

Bondscoach van Spanje heeft in zijn voetballeven altijd een link met Nederland gehad.

Vicente del Bosque over het WK in Brazilië: „De diepgang in het spel van Nederland deed ons veel pijn.” Foto AFP/Cristina Quicler

Het Nederlandse voetbal loopt als een rode draad door de rijke loopbaan van Vicente del Bosque (64). Als de bondscoach van Spanje naar zijn eerste herinneringen zoekt aan het voetbal van de Hollandse School gaat hij in zijn gedachten terug naar 1973. „Ik zat als jeugdspeler van Real Madrid op de tribune van het Santiago Bernabéu. Het was ongelooflijk wat zich daar voltrok. Ajax speelde met de broers Mühren, Rep, Keizer, Cruijff. Ze voerden een show op. Real Madrid werd in de halve finale van de Europa cup I weggespeeld. De bal ging zo snel rond. Dat was vernieuwend. Later heb ik als speler Cruijff nog weleens proberen te tackelen. Dat ging gewoon niet. Die vloog over je heen.”

Het huidige Oranje, dat vanavond in de Arena een oefenduel speelt tegen Spanje, is al maandenlang zoekende. Onder bondscoach Guus Hiddink ontbreekt de glans. Del Bosque keek afgelopen zaterdag met enige verbazing naar Nederland-Turkije. „In de laatste tien minuten was er niet veel meer van de Hollandse School te zien”, zegt de coach glimlachend op het trainingscomplex van Spanje even buiten Madrid. „Dat was pure wanhoop op zoek naar de gelijkmaker.”

Wanhoop maakte zich ook meester van Del Bosque en zijn elftal vorig jaar op het WK voetbal in Brazilië. Het eerste groepsduel eindigde voor de wereldkampioen van 2010 in ‘de nachtmerrie van Salvador de Bahia’. Spanje werd met 5-1 weggevaagd door Nederland. Wat ging er mis? „Dat is moeilijk uit te leggen”, verzucht Del Bosque. „Eigenlijk verliep de eerste helft helemaal niet zo slecht. We hadden zelfs de 2-0 kunnen maken. Toen kwam die gelijkmaker van Robin van Persie op het allerslechtste moment.”

Dreun

De stemming sloeg radicaal om en Del Bosque probeerde in de pauze tevergeefs de rust te herstellen. „Je zag bij Oranje opeens een enorm positivisme ontstaan. Bij ons gebeurde het tegenovergestelde. Een gelijkspel voelde voor ons als een nederlaag. Ik heb proberen te waarschuwen voor de impact van het doelpunt. Het is niet makkelijk spelers te beïnvloeden, maar dat de dreun zo hard aan zou komen hadden we geen van allen voorzien.”

Er was meer aan de hand. Del Bosque moet nu negen maanden later toegeven dat Spanje zich bijna geen raad wist met de tactiek van Oranje. De toenmalige bondscoach Louis van Gaal wierp een muur op van vijf verdedigers en gokte op snelle tegenstoten van Van Persie en Arjen Robben. „Die diepgang in het spel van Nederland deed ons veel pijn. De spitsen werden steeds van achteruit bereikt door ballen van Daley Blind. En zelf wisten we amper druk te zetten. We hadden er geen antwoord op. Uiteindelijk hebben we dus voetballend verloren.”

Del Bosque wil ermee zeggen dat hij niet gelooft dat zijn selectie uitgeblust was. En al helemaal niet dat La Roja het land te schande had gemaakt. „Nee, in dat soort dingen geloof ik helemaal niet. Net zomin als wij met de wereldtitel in 2010 voor nationale eenheid zouden hebben gezorgd. Al zal ik graag hebben dat het zo zou zijn geweest.”

Neemt niet weg dat Del Bosque, die later door koning Juan Carlos tot markies werd geridderd, na de wereldtitel vervuld was van trots. „In een finale is alles anders. Als Robben had gescoord was Nederland dan kampioen geworden? Dat zijn stellingen die niemand kan bewijzen. We kregen wel steeds meer respect voor Nederland. Het gevoel om wereldkampioen te worden is ongelooflijk. Dat je het beste bent van meer dan tweehonderd landen.”

Vijf maanden na de finale keek Del Bosque met zijn Nederlandse collega Bert van Marwijk terug op de eindstrijd in Johannesburg. De ontmoeting was geregeld door John Metgod, oud-ploeggenoot en vriend van Del Bosque, die als scout bij Oranje was betrokken. „Van Marwijk was een beetje op zijn hoede. Hij vreesde misschien dat ik iets zou zeggen over het harde spel van Oranje. Maar ik heb hem direct gerustgesteld. Je kunt door één schop van Nigel de Jong toch niet het hele Nederlandse voetbal veroordelen?”

Hollandse School

Del Bosque gelooft er niets van dat het imago van het Nederlandse voetbal is veranderd na het WK in Zuid-Afrika. „Daarvoor is de geschiedenis van de Hollandse School veel te groot. Het Nederlandse voetbal heeft ook mij beïnvloed. Als verdediger van Real Madrid kreeg ik van 1979 tot 1982 te maken met Vujadin Boskov, die eerder bij FC Den Haag en Feyenoord had gewerkt. Die dacht Nederlands. Ik heb in de verdediging samengespeeld met Metgod met wie ik veel gemeen had. We dachten hetzelfde over voetbal. En als oudere spelers analyseerden we vaak de wedstrijden na afloop. Later was ik bij Real assistent van Leo Beenhakker. Een hele goede trainer van wie ik veel heb geleerd.”

‘De walrus’ zat naast Beenhakker op de bank in het Santiágo Bernabéu toen Real Madrid in 1988 in de halve finales van de Europa Cup I met 1-1 gelijkspeelde tegen PSV. ‘De koninklijke’ bleef bij de return in Eindhoven steken op 0-0 en werd als de gedoodverfde favoriet uitgeschakeld. Een dieptepunt voor Beenhakker. „Dat we in dat jaar de Europa Cup I niet wonnen deed veel pijn”, zegt Del Bosque. Als hoofdtrainer van Real kreeg Del Bosque in 1998 zijn revanche in de Amsterdam Arena toen hij de finale van de Champions League won van Juventus.

Del Bosque is de enige trainer die een WK, een EK en een Champions League wist te winnen. Het EK van 2016 in Frankrijk luidt het einde van zijn loopbaan in. Hij ziet uit naar het oefenduel met Oranje. „We bouwen nu deels aan een nieuwe ploeg waarvan de basis nog sterk is. Om nieuwe spelers in te passen moet je veel spelen. Wij staan er met twaalf punten uit vijf duels beter voor dan Nederland. Aan revanche denk ik niet. Dit moet een wedstrijd worden om van te genieten.”

Bij het afscheid doet Del Bosque nog één ontboezeming. „Eén keer ben ik echt bang geweest in Nederland. Dat was eind jaren tachtig. Ik ging naar spelers van Ajax kijken en kwam in een voetbaltrein terecht. Alles werd gesloopt en niemand kon eruit. Man, ik stond doodsangsten uit.”