Robots pikken je baan in? Niet als je ze zelf maakt

Foto EPA

Als je zeker wilt weten dat je over een jaar of vijftien nog werk kunt vinden, is het niet zo slim om vrachtwagenchauffeur te worden. En ook administratief medewerker, telemarketeer, telefonist, schrijver van simpele berichten of zelfs huisarts is misschien niet de beste keuze.

Want werk dat in algoritmes te vatten is, zal waarschijnlijk ooit door algoritmes worden overgenomen.

Wat kun je wel doen om je carrière robotbestendig te maken? Zélf robots bouwen. Dat is precies wat start-up Lacquey uit Delft doet. Het bedrijfje ontwikkelt robotarmen en -grijpers die groenten, fruit en vlees heel precies kunnen oppakken zonder het te beschadigen.

Weinig robots in de voedselbranche

Lacquey is vijf jaar geleden opgericht door Martijn Wisse en Richard van der Linde. In de voedingsindustrie zijn vrijwel alle processen, op het sorteren na, nog mensenwerk, zegt Van der Linde. Verpakken, groenten en fruit ontpitten, uit een kist pakken en ergens anders in leggen: allemaal handwerk.

“Robotisering is nog pril in de voedingsbranche. Voedselverwerking staat nu waar de autofabricage vijftig, zestig jaar geleden was. Dus daar richten we ons op. De voedingsindustrie is een heel grote werkgever, er werken gruwelijk veel mensen.”

De afgelopen twee jaar bestond daarom vooral uit het overtuigen van bedrijven in de voedselindustrie dat het loont om te investeren in automatische systemen. Lacquey richt zich vooral op bedrijven die kant-en-klaarmaaltijden en voorgesneden groenten maken, voor grote supermarktketens bijvoorbeeld.

Golf van robotmakers

De laatste jaren is het aantal robotmakers hard aan het groeien. De Internationale Federatie voor Robotica (IFR) verwacht dat de groei de komende jaren minstens 12 procent per jaar bedraagt.

Een aantrekkelijke markt om in te springen dus. Grote bedrijven zoals Google investeren miljarden euro’s in robottechnologie en kunstmatige intelligentie.

Lichtend voorbeeld in de Nederlandse robotindustrie is Vanderlande Industries. Het bedrijf ontwikkelt technologieën om bagage op luchthavens te verwerken door robots. Dat is lucratieve handel: in 2014 draaide Vanderlande (2.800 werknemers) een omzet van 790 miljoen euro en maakte het bijna 31 miljoen winst.

Toch blijft Nederland achter

Ondanks het succes loopt Nederland op het gebied van robotica nog niet bepaald voorop. Uit onderzoek blijkt dat Nederland qua robotdichtheid zeer laag scoort. Qua aantal robots per miljoen gewerkte uren, komt Nederland uit op 0,79. Koploper Duitsland behaalt een ratio van 4,44, en ook landen als Spanje, Italië en België scoren hoger dan Nederland.

Een belangrijke nuancering: de cijfers waarop dat onderzoek is gebaseerd komen uit 2007. Sindsdien is er veel veranderd. Nederland is bezig aan een inhaalslag: er zijn volop investeringen, en dus carrièrekansen.

Terug naar de robotarmen van Lacquey. Denkt Van der Linde weleens na over of het wel zo’n goed idee is om zo veel mensen werkloos te maken?

“Die morele afweging wordt belangrijker naarmate je groter wordt. Nu verkopen we nog maar enkele tientallen systemen. Straks willen we duizenden systemen verkopen, dan zullen er vele duizenden banen worden vervangen.”

Klotebaantjes

Uiteindelijk is het juist goed dat robots mensen werk uit handen nemen, denkt Van der Linde:

“Het is erg zwaar werk. Zeker het snijden en verpakken van verse groenten, dat vindt in heel koude ruimtes plaats. Het zijn allereerst, met alle respect, de klotebaantjes die worden geautomatiseerd. Laten we de mensenhandjes die we hebben alsjeblieft inzetten op plekken waar ze wél nodig zijn.”