Een dag oorlog in Flanders Fields

Door de snijdende wind groeit de semi-klassieker Gent-Wevelgem uit tot een heroïsche wedstrijd.

Gert Steegmans (boven) werd door de harde wind in de sloot geblazen. In het midden de winnaarLuca Paolini (links) en onder, de gevallenLukasz Wisniowski. Foto’s ERIC LALMAND/AFP

Nee, deze dag zou hij niet snel vergeten. Niki Terpstra had in de interviewtent aan de finish het slijk van zijn gezicht gepoetst, zijn emoties laten zakken en keek terug op een wielerwedstrijd die hij nog nooit had meegemaakt.

‘Oorlog’ vanaf de start, renners die van de weg werden geblazen door harde rukwinden tot 80 kilometer per uur, valpartijen. Lossen, terugkomen, pech en weer naar de kopgroep rijden. Om na 239 kilometer op elf tellen achter de Italiaanse routinier Luca Paolini als tweede over de eindstreep te fietsen. „Ik ben gewoon de hele dag blijven rijden, blijven rijden”, zei Terpstra.

Slechts 39 van de 200 gestarte renners haalden gisteren de finish in de 77ste editie van de semi-klassieker Gent-Wevelgem, een uur achter op het snelste tijdschema. Voorbereiding op de Ronde van Vlaanderen van volgende week, meestal een wat kleurloze koers voor sprinters? Niet nu.

De barre weersomstandigheden met regen en vooral veel wind leidden tot een spektakel in Flanders Fields, de beruchte slagvelden in de Eerste Wereldoorlog. „Het was al heel wat om de hele dag op je fiets te blijven zitten”, sprak de uitblinkende Welshman Geraint Thomas, vrijdag winnaar van de semiklassieker E3 Harelbeke en nu derde. „De wind was verschrikkelijk. Het was soms echt gevaarlijk.”

Nog voordat de televisiecamera’s draaien, ligt het peloton aan stukken. Een heus slagveld ontstaat in de grotendeels open vlakte in de Zuidwesthoek op de grens van Frankrijk en België, de Moeren. „Dat stukje land aan de Schreve (zoals de West-Vlamingen de grens hier noemen), 3.500 hectare groot, waar de wind en alleen de wind de dingen bepaalt”, omschreef Karl Vannieuwkerke, commentator van de Belgische tv-zender Sporza in 2013. Zelden was het er onherbergzamer dan gisteren.

Al in de aanloop valt het peloton in vier delen uiteen, in de felle jacht op een groepje van zeven vluchters met de Nederlanders Albert Timmer (Giant-Alpecin) en Tim Kerkhof (Roompot). „Massale valpartij”, meldt de koersradio om kwart voor twee, als de eerste renners na Adinkerke de gevreesde zone in draaien. Op de Belgische tv beschrijft ooggetuige Renaat Schotte de toestand. „Knettergek, onwaarschijnlijk, dit heb ik in tien jaar nog nooit gezien.”

‘Beer’ Gert Steegmans (1,90 meter lang, 82 kilo zwaar) wordt op de dubbele betonplaten van de Cobergherstraat als een veertje met fiets en al in de gracht langs de weg geblazen. „Ik waaide zelf ook bijna van de fiets”, vertelt Terpstra na afloop. In zeven stukken breekt het peloton, bij felle rukwinden van opzij zakt de snelheid tot minder dan 25 kilometer per uur. Om niet te vallen, hangen renners helemaal schuin tegen de wind in. Voor even volgt een zeldzame neutralisatie van de koers, dit is echt te gevaarlijk. „Maar al snel begonnen ze weer te rijden”, aldus Thomas.

‘De universiteit van het waaierrijden’, noemen de Vlaamse wielerliefhebbers de Moeren. De kunst? Als je moet lossen uit een waaier moet je niet in je eentje uit alle macht proberen om direct aan te sluiten. Beter is om met lotgenoten een tweede waaier te vormen, samen de wind te trotseren en geleidelijk het gat te dichten.

Even voorbij Wormhout, nog 127 kilometer tot de eindstreep, wappert de 1,99 meter lange en 85 kilo zware Stijn Vandenbergh zomaar de modderige berm in. Wereldkampioen tijdrijden Bradley Wiggins blijkt geen waaierspecialist. Tot vier keer toe moet de Tourwinnaar van 2012 uit een groep lossen, om vervolgens gedesillusioneerd de strijd te staken. Echt waaierrijden is vandaag niet eens mogelijk. Wie te dicht op het wiel van zijn voorganger rijdt, loopt groot risico ertegenaan te waaien.

Nog bijna 80 kilometer te gaan, als de Belg Jürgen Roelandts bij de eerste passage van de Kemmelberg achter de ontsnapte Maarten Tjallingii aangaat. Twee jaar geleden stond de kopman van Lotto-Soudal in Wevelgem nog huilend aan de streep nadat hij was aangereden door een volgauto. Vandaag revanche? Erop en erover bij de moegestreden Tjallingii, met een heroïsche solo naar meer dan twee minuten voorsprong. „Val Van Avermaet”, meldt de koersradio. En daar waait bij de vijf achtervolgers Thomas zomaar van zijn fiets. „Gelukkig was de berm zacht en kon ik door.”

Vanuit het geslagen peloton rijden eerst Paolini en daarna Terpstra met een uiterste krachtinspanning solo naar de vijf achter Roelandts. „Wat zit je nou te twijfelen”, omschreef de Nederlander van Etixx-Quickstep zijn gedachten op dat moment. „Toen heb ik het dichtgereden.”

Maar precies als Roelandts op 16 kilometer voor de finish eervol sneuvelt, rijdt Terpstra lek. Tussen de volgauto’s komt de winnaar van Parijs-Roubaix 2014 terug, om direct vergeefs aan te vallen. En als even later Paolini gaat, gaat Terpstra’s ploeggenoot Vandenbergh niet in de achtervolging. De Italiaan wint.

„Stijn”, roept Terpstra honderd meter na de finish boos. Vandenbergh rijdt zonder op of om te kijken door. Dreigt na de Omloop Het Nieuwsblad opnieuw tweespalt bij de Belgische miljoenenploeg? „Paolini koos gewoon het juiste moment”, zegt Terpstra als hij tien minuten later is afgekoeld. Na een dag vol oorlog in Flanders Fields is dit het moment niet om ruzie te maken.