De wethouder in Zutphen wil weer een volledig salaris

Raad en college in Zutphen zijn (alweer) in conflict. Het gaat (ook) over geld. „En het was al zo moeilijk.”

Opnieuw zijn er politieke problemen in Zutphen. De vier parttime aangestelde wethouders (0,8 fte) willen fulltime worden betaald omdat ze het werk van SP-collega Engbert Gründemann onderling hebben verdeeld. Die stapte vorig jaar op en werd niet vervangen.

Maar vorige week stemde de gemeenteraad tegen uitbreiding van het dienstverband van de wethouders, die als minderheidscoalitie zijn doorgegaan. Het college, na de raadsverkiezingen vorig jaar met zoveel moeite gevormd dat Zutphen als laatste klaar was, wil een bemiddelaar om uit de impasse te raken.

Hoe geweldig PvdA-wethouder Annelies de Jonge haar baan ook vindt, als het werk door herverdeling toeneemt, hoort daar wat haar betreft een volledig dienstverband bij en dus een hoger salaris. „Wij zien niet in hoe we nu nog bij een parttime aanstelling uitvoering kunnen geven aan het ambitieuze politieke programma.”

Om uiteenlopende redenen is een meerderheid van de raad tegen loonsverhoging. De SP, sinds het vertrek van Gründemann uit de coalitie, vindt dat de wethouders al genoeg verdienen. Fractievoorzitter René Sueters van Burgerbelang zegt: „Je kunt niet eerst besluiten als minderheidscollege door te gaan, en later nog eens komen met een salariseis.” Intussen azen enkele oppositiepartijen op de vijfde wethouderszetel of op de val van het college, is de indruk bij coalitiepartners VVD en PvdA. „Wat de oppositie wil, is niet duidelijk”, concludeert wethouder De Jonge. „Wij weten het nu zelf ook niet goed meer.’’

De bemiddelaar zou van haar niet alleen de honorering moeten bekijken, maar ook de verhoudingen in de lokale politiek. De afgelopen jaren zijn er meer strubbelingen geweest. Zo verlieten in 2011 alle oppositiepartijen een vergadering over bezuinigingen. De Jonge: „Mensen zijn gekwetst. Er zijn mensen die niet meer met anderen willen samenwerken.”

Vijf voor de prijs van vier

Het rommelt vaker in de Zutphense politiek. De stad kreeg na de raadsverkiezingen in maart 2014 pas na honderd dagen onderhandelen een nieuw college – net geen record. Twee pogingen van de grootste partij, Burgerbelang Zutphen Warnsveld, om een coalitie te smeden, mislukten. Burgerbelang viel uit elkaar. Toen was de SP de grootste, met vijf van de 29 zetels.

Onder leiding van de SP kwam er een college met PvdA, GroenLinks, VVD en CDA/ChristenUnie. Vijf wethouders gingen parttime aan de slag voor de prijs van vier. Na vijf maanden stapte Gründemann op. Er was kritiek op zijn manier van communiceren.

De SP kwam niet met een nieuwe kandidaat. Volgens fractievoorzitter Ellen Verhoog was het vertrouwen in de andere coalitiepartijen geschaad; de samenwerking werd opgezegd. Coalitiepartners hadden gedreigd met een motie van wantrouwen tegen Gründemann, die toen besloot op te stappen. Hij heeft niet de tijd gekregen zichzelf te verbeteren, vindt Verhoog.

Volgens juridisch advies dat burgemeester Arnold Gerritsen heeft ingewonnen, kan de gemeenteraad niet eisen dat wethouders meer werk doen dan waarvoor zij worden betaald. Dat is in strijd met het Rechtspositiebesluit wethouders. En de Gemeentewet voorziet „niet rechtstreeks” in tussentijdse aanpassing van de tijdsbesteding. „Wijziging in de omvang en tijdsbesteding zou tot nieuwe benoemingen moeten leiden, waarbij kandidaten de keuze hebben die te aanvaarden of niet”, aldus het advies.

PvdA-fractievoorzitter Harrij Hissink vindt het „al met al een beschamende vertoning”. VVD’er Van der Veen noemt het onfatsoenlijk om wethouders niet te compenseren voor extra werk: „Het is nou eenmaal geen kinderachtige baan.”

Als het niet lukt de impasse te doorbreken en het college valt, wordt de situatie echt lastig in de Gelderse Hanzestad. Van der Veen: „Dan zal je toch met dezelfde zetelverdeling verder moeten – en het was al zo moeilijk.”

Vanavond vergaderen de fractievoorzitters over aanstelling van een bemiddelaar.