Alle huwelijken hangen met touwtjes aan elkaar

De tweede roman van de Amerikaanse Jenny Offill bestaat geheel uit fragmenten: gedachten, aforismen, opmerkelijke details uit het dagelijkse leven. De hoofdfiguren in Verbroken beloftes heten ‘ik’ en ‘jij’, later ‘de echtgenote’ en ‘de echtgenoot’, nog later ‘wij’. De beelden die het boek oproept blijven nog lang rondspoken.

‘Antilopen zien tien keer beter dan wij, zei je. Dat betekent dat ze tijdens een heldere nacht de ringen van Saturnus kunnen zien.’ Zo begint Verbroken beloftes, met een schijnbaar losstaand beeld dat al gauw een onheilspellende betekenis aanneemt: het leven van de hoofdfiguur, de vrouw, wordt namelijk volledig op zijn kop gezet zonder dat zij het ziet aankomen. Ooit wilde ze een ‘kunstmonster’ worden, iemand die volledig op haar schrijven gericht was. ‘Vrouwen worden bijna nooit kunstmonsters, want kunstmonsters houden zich enkel bezig met kunst, nooit met alledaagse dingen. Nabokov klapte niet eens zijn eigen paraplu in. Vera likte zijn postzegels voor hem.’ Maar nu ziet ze haar ambities gedwarsboomd door haar pasgeboren baby.

Verbroken beloftes is een pijnlijk, vaak herkenbaar relaas over wat ouders opofferen voor hun kinderen. Wat dit boek uniek maakt, is de intense strijd die de hoofdfiguur met zichzelf voert. Soms heeft ze het idee dat haar leven niets meer betekent, andere keren is ze verbitterd of zelfs manisch.

De baby is een ongenode gast die haar aandacht opeist. Maar ondanks haar frustratie, ontwikkelt ze een haast dierlijke liefde voor haar dochter.

Dat contrast – de diepe band én vervreemding tussen de hoofdfiguur en haar leven – wordt op scherp gezet wanneer haar man vreemdgaat. Het gezin valt uiteen. De lezer, die eerst in het hoofd van de hoofdfiguur zat, kijkt nu van een afstand toe hoe het huwelijk ten onder gaat. De vrouw is ontzet door het verraad, maar is nog steeds verliefd op hem. Zij is iemand die mensen ‘snel en vaak’ haat, die zich verbaast over ‘hoe ondraaglijk het is dat dingen voortdurend kapotgaan’, terwijl hij genoeg geduld heeft om eindeloos gootstenen te ontstoppen.

Ondanks de pijn en onzekerheid is Verbroken beloftes ook een komisch boek. ‘Voor haar zou ik het opgeven, alles,’ zegt de vrouw over haar dochter, ‘de uren in mijn eentje, het geweldige boek, de postzegel met mijn beeltenis erop, maar alleen als ze ermee instemde om stilletjes naast me te blijven liggen tot ze achttien is.’

Mettertijd ontdekt de vrouw dat de energie en opofferingen die haar huwelijk vereist, en die ze vroeger in haar schrijfcarrière wilde steken, hun eigen beloning hebben. Daar draait het om in deze roman: het wonder van alledag. ‘Alle huwelijken zitten provisorisch in elkaar. Zelfs de huwelijken die er aan de buitenkant redelijk uitzien worden van binnen met kauwgom en draad en touwtjes bijeengehouden.’