Je thuisvoelen waar je woont

Bij mijn huis ligt een gewone sloot. Maar de naam is van adel: Oudwulvenbroekwetering. Die huidige watergang met eendenkroos was ooit een afwateringskanaal, uit de twaalfde eeuw: de grote ontginningstijd van de middeleeuwen. Deze sloot legde dit landschap droog. En ongetwijfeld is hij toen uitgegraven in een van de vele oude armen van de (Kromme) Rijn, die hier ooit het veenmoeras domineerde.

Even verderop zijn in een kinderboerderij resten van een Romeinse weg gevonden. De wereldgeschiedenis liep hier langs de rivier, die nu allang een huiselijke sloot is.

Wie niet weet van ontwatering, begrijpt die mooie naam niet en weet niet hoe die strijd tegen het water een deel van de Hollandse mentaliteit heeft bepaald. Samenwerken terwijl je ruzie maakt.

Eerdere bewoners van het land accepteerden kennelijk de Romeinse overheersing. Ze moesten wel. En waarom ook niet? We zijn nu wéér allemaal Europeanen. Staatsvormen en landsgrenzen veranderen, maar het land blijft liggen.

Ik ben geboren en getogen in de stad van Johan de Witt en de eerste Vrije Statenvergadering: Dordt – tussen Merwede en Biesbosch. Maar een vriend van mij vroeg ooit tijdens een college over de Republiek waarom wij dat moesten leren, al die stadhouders en dat regentengedoe. ‘Dit is je geschiedenis!’ zei de verbijsterde docent. ‘Nee hoor’, sprak mijn Limburgse kameraad, ‘waar ik ben geboren, kwam pas onder Napoleon bij Nederland’.

Wie de geschiedenis kent van het land waar hij of zij zich thuis voelt, begrijpt beter waar hij geworteld is. En hij kan ook het landschap beter ‘lezen’: de rechtgetrokken rivieren, de hoger liggende kern van oude steden (dankzij eeuwenlang doorbouwen op afval), de militaire structuur van het inundatiekanaal. En je weet ook: je hoeft geen verre voorouders in een gebied te hebben om je er thuis te voelen. Geschiedenis kan je erbij helpen.