Nederland is een snelweg, de migrant moet invoegen

Migranten in Rotterdam moeten Nederlandse normen tussen de oren krijgen, zegt de wethouder. Hij verdeelt de stad, zegt de oppositie.

Turkse imams volgen een spoedcursus inburgeren in een klaslokaal van een Rotterdams roc. Foto Robin Utrecht Foto Robin Utrecht

Rotterdammers mogen zelf weten wat ze eten. Roti, iets uit de tajine of toch liever boerenkool met worst. Ook hun muzieksmaak mag verschillen. Maar Rotterdammers moeten wel allemaal de Nederlandse normen omarmen.

Leefbaar-wethouder Ronald Schneider (stedelijke ontwikkeling, integratie) maakt in zijn deze week verschenen integratienota duidelijk welke normen dat zijn. De nota, integratie010, is beleid van het gemeentebestuur, een coalitie van Leefbaar Rotterdam, D66 en CDA. Rotterdammers moeten zich aan de Grondwet houden, staat er. Ze moeten goed Nederlands spreken, mogen niet discrimineren. En ze moeten accepteren dat iedereen – mannen, vrouwen, homoseksuelen, transgenders, gelovigen en niet-gelovigen – gelijkwaardig zijn.

Met het integratieplan wil verkiezingswinnaar Leefbaar Rotterdam, dat zichzelf wel eens „PVV-light” noemde, zich profileren. Het stond aangekondigd in het coalitieakkoord. Maar het duurde bijna een jaar voor het plan klaar was, want het moest een coalitieproductie worden. En zelfs oppositiepartijen wilden graag meepraten. Dat mocht niet.

Coalitiepartners CDA en D66 wezen een conceptplan van Leefbaar een paar maanden geleden af. Ze vonden de toon te hard. Schneider matigde die. Deze versie is meer in balans, zegt D66-raadslid Robin van Roon. „Een zin als: ‘Een migrant die niet integreert moet uit de samenleving worden verwijderd’, is eruit gehaald.”

De nota draagt nog altijd een sterk Leefbaar-stempel. Het zijn migranten die aangesproken worden:alle Rotterdammers die ooit uit een ander land zijn gekomen, maar ook hun kinderen en kleinkinderen. In immigratiestad Rotterdam is dat de helft van de inwoners. De nota gaat het om migranten bij wie het „integratieproces niet vanzelf is gegaan”. Hoeveel dat er zijn, is onduidelijk. De gemeente weet dat ook niet.

In de nota vergelijkt de coalitie Nederland met een snelweg. „Op de snelweg rijdt Nederland. Op de invoegstrook de migrant die wil integreren. Het is in eerste instantie aan de invoeger om moeite te doen en initiatief te tonen om veilig in te kunnen voegen. Van de automobilisten op de doorgaande weg verwachten we waar nodig en mogelijk dat zij ruimte bieden om dit mogelijk te maken.”

Iedereen moet invoegen op de snelweg van Nederland en dat zal niet altijd makkelijk zijn, zegt wethouder Schneider. „Het moet echt tussen de oren van de mensen gebeuren.”

De migranten die niet weten (net gearriveerd), niet kunnen (analfabeten, ongeschoolden) en niet mogen (vrouwen die van hun man thuis moeten blijven, meisjes die niet zelf hun partner mogen kiezen) moeten worden geholpen bij het invoegen. De niet-willers moeten keihard worden aangepakt.

Schneider: „Dan heb ik het over mensen die lak hebben aan de meest elementaire normen, maar wel graag goede gezondheidszorg krijgen en een uitkering. Dan zeg ik: ‘geachte mijnheer of mevrouw. Wat doet u hier’?” Deze groep echt aanpakken is lastig. Schneider wijst erop dat het mogelijk is een uitkering te korten als iemand bijvoorbeeld weigert de taal te leren.

Nourdin el Ouali, voorman van de door de islam geïnspireerde partij Nida, vindt de balans in de integratienota ver te zoeken. Zijn lokale partij zit sinds vorig jaar met twee zetels in de gemeenteraad. Hij vindt de nota geschreven vanuit een ideologie van etnocentrisme en assimilatie. De migranten moeten zich gewoon aanpassen aan de autochtone Rotterdammer, is volgens hem de boodschap. „En natuurlijk moet iedereen zich aan de Grondwet houden. En homo’s accepteren. Maar mensen die dat niet doen, hebben niet per se een migrantenachtergrond. Veel jochies die homo’s niet accepteren, lijken meer op de wethouder dan op mij.”

Dit integratiebeleid, vindt El Ouali, verdeelt daarom de stad nodeloos in twee kampen. En het ene kamp moet zoveel mogelijk op het andere kamp gaan lijken. Verschil tussen mensen wordt niet gezien als verrijking, maar als probleem. El Ouali: „Heimwee naar de Middeleeuwen toen iedereen hetzelfde was.”

Ook raadslid Peggy Wijntuin (PvdA) is teleurgesteld. „Is dit nu de visie waar maanden op is gebroed?” Ze vindt het goed dat de coalitie discriminatie op de arbeidsmarkt wil aanpakken. En dat mensen die de taal niet spreken, die gaan leren. Maar waarom gaat de nota alleen over migranten? „Rotterdam kent 100.000 meest autochtone laaggeletterden. Die moeten ook geholpen worden, toch? Het draait allemaal om die migrant die van alles moet. Wie is die migrant? En wanneer ben je geen migrant meer, maar volwaardig Rotterdammer?”

    • Sheila Kamerman