Jonge PSV’ers dingen naar gunst van Hiddink

Vorig jaar was Hiddink hun mentor, nu de bondscoach. Jetro Willems en Memhpis Depay moeten hun plek in Oranje nog vinden.

Guus Hiddink geeft de Oranjeselectie uitleg tijdens een trainingssessie in Katwijk. EPA/Koen van Weel

Samen stappen ze uit de lift in hotel Huis ter Duin op de verdieping waar de interviews plaatsvinden. Memphis Depay, deze maand 21 geworden, en Jetro Willems – die maandag even oud wordt. Toen Depay jarig was, stuurde Willems hem via instagram een collage met teamfoto’s van vroeger. Aandoenlijk.

Een kort voetballeven lang al in elkaars nabijheid op de linkerflank van het voetbalveld. Bij Sparta als kleine jochies, daarna de opmars in het profvoetbal bij PSV en nu samen in Oranje. „We hebben altijd discussies gehad van kleinsaf aan, woordenwisselingen”, zegt Willems. „Maar het was toch altijd jij én ik, niet jij óf ik. We voelen elkaar aan. Ik weet wat hij kan, ik weet wat hij wil, zelfs wat hij gaat doen. Andersom is dat ook.”

Het succes van PSV heeft de selectie van Oranje Eindhovens getint. Logisch: de bondscoach „is een PSV-er hé”, grapt Willems. En toch zou het zo maar eens kunnen zijn dat maar één (Georginio Wijnaldum) van de zes geselecteerde PSV-spelers zaterdagavond in het EK-kwalificatieduel tegen Turkije in de basis begint. Hiddink leunt meer dan zijn voorganger op spelers uit buitenlandse (top)competities – en heeft er dankzij de transfers na het WK ook meer tot zijn beschikking. Waar Louis van Gaal voortdurend de kracht van de eredivisie benoemde, kan de huidige bondscoach zijn geringschatting van het niveau in Nederland amper verborgen houden.

Droomtransfer

Maar daar hebben Depay en Willems uiteraard geen boodschap aan. Titel in zicht, droomtransfer misschien, wie maakt hun wat? Hoor Depay over taferelen na de training bij PSV: „Sommige jongetjes beginnen zelfs te huilen als ze me zien. Zo erg is het. Maar ik vind het leuk. Het is een teken dat ik goed bezig ben.”

Beide spelers hebben al een eindtoernooi in de benen, het EK 2012 (Willems) en het WK 2014 (Depay). Maar van beiden is Hiddink niet zodanig overtuigd om ze automatisch in de basis op te stellen. „Er is nog veel meer uit te halen”, zei Hiddink over de enorme potentie van Depay.

Met elf assists – meer dan wie ook in de eredivisie – is Willems bij PSV een aanvallend fenomeen, maar zijn defensieve grilligheid zorgt nog geregeld voor onrust. De geruchten over belangstelling van Real Madrid en Manchester City – „daar weet ik niet veel van” – strelen hem, maar hij beseft ook dat hij bij PSV nog niet uitgeleerd is. Balverlies, negen gele kaarten, slippertjes. „Ik loop al vier jaar mee, maar ik ben ook pas twintig. Het is geen straf om bij PSV te blijven.”

Willems laat de kritiek van „mensen die nooit fatsoenlijk een balletje hebben geschopt” makkelijk van zich afglijden. „Maar mensen die de top hebben gehaald, bij topclubs gespeeld of gewerkt, daar leer je van, daar luister je naar”, zegt hij. „En ik heb mensen om me heen, mensen die altijd eerlijk zijn, of ik het nu goed of slecht doe.”

Mentorschap

Als linksback van PSV plukte hij de vruchten van het mentorschap van Hiddink, toen de huidige bondscoach vorig jaar op trainingscomplex de Herdgang rondliep, koffie dronk en praatjes maakte. „Het waren vooral beelden die hij mij liet zien: wat ik beter kan doen, waar ik betere keuzes moet maken”, zegt Willems. „Slechte en goede dingen, want ook goeie dingen moeten beter. Ik wil naar de top en hij weet wat daar voor nodig is.”

Hiddink sprak onder meer met bewondering over Ashley Cole, de eeuwige linksback van Chelsea die nu in zijn nadagen bij AS Roma speelt. Zijn wedstrijdinstelling, de manier waarop de Engelsman zich „invecht” in duels, dat is wat Hiddink wil zien van Nederlandse verdedigers. Inmiddels, zei Hiddink vorige week zelf, moet zijn bijdrage aan het huidige succes van PSV niet worden overdreven. „Ik liep er alleen wat rond. Dit is honderd procent de prestatie van Phillip en zijn mannen.”

Respect

Evenals Willems spreekt Depay met lof over Hiddink. „Hij heeft een heel goede kijk op voetbal. Als hij mij coacht, heb ik meteen het gevoel: ja, dat is waar.” Hij vindt dat Hiddink „te hard” werd aangepakt na diens zwakke kwalificatiestart als bondscoach (‘opa Guus’). „Meer respect had wel gemogen. Maar ja, in Nederland houden we ervan om mensen neer te zetten hoe we willen.”