Het wantrouwen wordt steeds groter, merkt Mohamed

Het VVD-Kamerlid Malik Azmani wil de Europese grenzen sluiten. Zijn achterneef Mohamed vindt dat Malik wel wat toleranter mag zijn.

„Waarom zit Malik bij de VVD?” Mohamed Azmani is de achterneef van Tweede Kamerlid Malik Azmani, dat afgelopen week te vuur en te zwaard de sluiting van de Europese grenzen predikte. „Is het omdat hij half Marokkaans is? Is het iets van vroeger? Hij ként zijn achtergrond.”

Mohamed Azmani laat zijn karateschool zien in Hengstdal, Nijmegen-Oost. Die heeft hij dertien jaar geleden als vrijwilliger opgericht. 24 jongens en meisjes trainen er wekelijks. Als hij geen karate geeft, werkt hij als meubelmaker in een fabriek in Bergharen. Nederlands spreekt hij met een zachte ‘g’. Hij vangt zijn leven in getallen: 46 jaar, geboren aan de rand van het Rifgebergte en in 1980 naar Nijmegen gekomen.

De vaders van Malik en Mohamed komen allebei uit Dar el Kebdani, een kleine stad ten westen van Nador. „Een lichte stad”, zo herinnert Mohamed zich zijn geboortestreek. Maliks grootvader was er khayed, burgemeester. „Alle Azmani’s komen van één stam”, zegt Mohamed. „Die uit Dar el Kebdani. Onze overgrootvaders waren broers.” In Nederland wonen volgens hem zo’n twintig Azmani’s.

Bestempeld als ‘haatimam’

Malik heeft hem en zijn broer Omar wel eens gebeld om over hun herkomst te praten. Toen had Omar gevraagd: „Man, wat doe je bij de VVD?” En onlangs stuurde Mohamed Malik via Facebook een filmpje over sjeik Mohamed Hassan toen die in Nederland wilde komen preken. Malik had hem in de Tweede Kamer bestempeld als ‘haatimam’ en ervoor gepleit Hassan geen inreisvisum te verlenen.

Mohamed laat het filmpje zien. Daarin zegt Hassan, volgens de ondertiteling: „Degene die mensenhoofden afhakt en die kelen doorsnijdt in de naam van de islam, weet helemaal niets van de islam.” Mohamed schreef Malik: „Verdedig de vrijheid van meningsuiting. Deze imam is constructief. Geef hem een visum.” Hij kreeg geen antwoord.

Nu wil Malik internationale verdragen over de opvang van vluchtelingen openbreken. „Kijk eens om jongen”, zegt Mohamed. „Onze vaders hebben dit land mee opgebouwd, als nieuwkomers.”

Hij is geëmotioneerd. Hij woont 34 jaar in dezelfde stad, hij werkt 26 jaar bij dezelfde meubelmaker, zijn kinderen spreken accentloos Nederlands en toch merkt hij dat hij steeds vaker ‘Marokkaan’ wordt genoemd. „Het wantrouwen wordt steeds groter.”

‘Jan en Mohammed’

Premier Rutte zei onlangs in Metro dat hij weet dat er onderscheid wordt gemaakt tussen „Jan en Mohammed”, maar dat hij er niets aan kan doen. „Ik kan tegen Nederland zeggen: discrimineer aub niet, beoordeel iemand op karakter en kennis. Maar als het wel gebeurt, heeft Mohammed de keus: afhaken wegens belediging of doorgaan. [...] Je moet je invechten.”

„Wij zijn burgers van Nederland”, zegt Mohamed. „Wij zijn niet lui, we verdienen zelf ons brood. En de VVD noemt ons als het zo uitkomt ‘Marokkanen’ of ‘moslims’. De VVD is er niet voor alle Nederlandse staatsburgers.”

Mohamed haalt de stootkussens uit een kist en hangt twee trapzakken aan het plafond. „Ik stemde altijd PvdA”, zegt hij, maar vorige week heeft hij voor het eerst niet gestemd. „Als een politicus moslims of migranten beledigt, neemt niemand het voor ons op. Alleen in verkiezingstijd. De goeden worden niet genoemd.”

Twee banen, accentloos Nederlands – is dit geen man naar het hart van Malik Azmani en Mark Rutte?

„Malik mag wel wat toleranter zijn voor nieuwkomers”, zegt Mohamed. „Wees zuinig op ons.”