‘Als je op kruishoogte vliegt, kun je best de cockpit verlaten’

Bij vliegtuigongelukken is er vaak een opeenstapeling van incidenten, zegt Piet-Hein Eldering van de Vereniging van Verkeersvliegers.

Piet-Hein Eldering (38) is co-piloot op een Boeing 747 van de KLM en bestuurslid van de Vereniging Nederlandse Verkeersvliegers. Daar is hij verantwoordelijk voor vliegtechnische zaken, bijvoorbeeld onderzoek naar (bijna-)ongelukken. Hoe meer er over de ramp met de A320 van Germanwings bekend wordt, hoe meer vragen hij heeft.

Een piloot die uit de cockpit wegloopt en de ander alleen achter laat, is dat normaal?

„Als je op kruishoogte zit en de autopilot is ingeschakeld, dan wel ja. Je loopt even rond, je pakt wat te eten, je gaat naar de wc. Je moet wel, want in de cockpit is geen wc.”

En de deur van de cockpit is dan afgesloten?

„Altijd. Je hebt een systeem waarbij je de deur van buitenaf kunt openen, met een code, voor noodgevallen. Als dat systeem er niet is en een van de twee piloten wil even weg, dan moet er iemand van het cabinepersoneel zolang naar de cockpit. Maar een Airbus A320 zal zo’n systeem zeker hebben.”

Wat denkt u ervan dat de deur nu kennelijk niet openging?

„Dat is heel vreemd. Ik begrijp dat de piloot die buiten stond geprobeerd heeft de deur in te trappen, maar dat is niet gelukt. Dat kan ook bijna niet, want die deur is zeer sterk beveiligd. We willen geen ongenode gasten in de cockpit.”

Heeft de piloot in de cockpit de deur opzettelijk dicht gehouden?

„Dat kan. Er kan ook een technische storing zijn geweest waardoor de deur niet openging. Bij vliegtuigongelukken is er eigenlijk altijd een opeenstapeling van incidenten, dus misschien kreeg de piloot in de cockpit een hartinfarct, of gebeurde er iets anders, en was er tegelijkertijd een storing.”

Maar als het vliegtuig op de automatische piloot vloog, waarom hield het dan niet gewoon de koers vast?

„De vraag blijft of de piloot bij bewustzijn was of niet. Als hij bij bewustzijn was, dan kan er een reden zijn geweest dat hij snel naar beneden wilde, bijvoorbeeld het wegvallen van de luchtdruk in de cockpit. Als dat gebeurt op twaalf kilometer hoogte, ben je binnen een minuut bewusteloos. Even is het fijn, je wordt euforisch van zuurstofgebrek, daarna is het snel gedaan. Dus je handelt automatisch, je krijgt een zuurstofmasker en op drie of twee kilometer hoogte kun je weer ademen. Maar je meldt zo’n noodsituatie wel aan de verkeersleiding. Dat er helemaal niks gezegd is, dat is heel apart. Het blijft ook opmerkelijk dat de koers niet meer wijzigde vanaf het moment dat het toestel ging zakken.”

Hoe zou u dat verklaren?

„Stel dat de piloot een hartinfarct heeft gekregen of een epileptisch insult, dan zou hij door een onwillekeurige beweging iets hebben kunnen aanraken waardoor het vliegtuig ging dalen, maar wel de koers vasthield. Dat is niet onmogelijk.”

Of het is opzet geweest.

„Alles kan.”

Hoe vaak worden piloten medisch en psychologisch getest?

„Elk jaar, en oudere piloten twee keer per jaar. Je krijgt vragen die de huisarts je ook stelt bij een check. Hoe voel je je? Slaap je goed? Heb je stress?”