Xi en Rutte keuvelend onder een palmboom, dat zou mooi zijn

Premier Rutte begint vandaag aan zijn vijfdaagse werkbezoek. Relatieonderhoud is voor Nederlandse bedrijven heel belangrijk, maar andersom is een goede verhouding ook voor de Chinese leider Xi Jinping van belang.

In november 2013 bracht premier Rutte ook een bezoek aan China waar hij onder meer een rondetafelgesprek bijwoonde met Nederlandse en Chinese topmensen uit het bedrijfsleven. Foto JERRY LAMPEN/ANP

Contacten, contracten, megadiners, ontspannen bezoekjes aan de grootste IT-bedrijven van Azië; minister-president Mark Rutte bedrijft tijdens zijn vijfdaagse werkbezoek aan China, dat vandaag begint in Shanghai en hem via Shenzhen naar Hainan voert, klassiek handelspolitiek handwerk.

Of Rutte de hoge kunst van de relatievorming – guanxie – werkelijk verstaat, zal blijken aan het einde van zijn toernee door Zuid-China op het tropische eiland met een hoog 007-gehalte – Hainan – waar hij partijleider en president Xi Jinping ontmoet en de Chinese partij en Aziatische zakentop toespreekt.

Die ontmoeting, de derde in amper anderhalf jaar, is tekenend voor het feit dat een premier, die aanvankelijk niet uit Den Haag weg te branden leek, heeft begrepen dat het bedrijfsleven van hem verwacht dat hij serieus investeert in relatieonderhoud op het hoogste niveau. Geheel volgens de Chinese spelregels.

Ambitieuze leider

Ruttes voorgangers liepen vaak stuk op Xi Jinpings doodsaaie en altijd bevroren lachende voorganger Hu Jintao, maar de betrekkelijk nieuwe Chinese leider Xi is een extroverte, veel pratende en vooral ambitieuze leider. In amper twee jaar is hij in eigen land de onbetwiste machthebber geworden door alle drie de sleutelfuncties in de hiërarchie (secretaris-generaal Communistische Partij van China, voorzitter Militaire Commissie en president) naar zich toe te trekken. Xi’s macht weerspiegelt zich in de aandacht die hij krijgt in de VS, India, Latijns-Amerika en Zuidoost-Azië waar zijn uitspraken en plannen minutieus worden geanalyseerd.

Xi (64) ontpopt zich tot de meest assertieve en zelfbewuste leider van de Volksrepubliek sinds Mao Zedong en Deng Xiaoping. Hij heeft niet alleen grootse plannen voor China, maar voor de hele regio. Geen maand gaat voorbij of China kondigt nieuwe plannen aan voor grensoverschrijdende trein-, binnenvaart-, en olie- en gasverbindingen; plannen die kracht worden bij gezet met tientallen miljarden aan bilaterale investeringen en institutionele initiatieven, zoals de Aziatische Infrastructuur Investeringsbank (AIIB).

Plannen met een mooi etiketje

Op deze plannen heeft Xi prettig klinkende etiketten laten plakken zoals de ‘eenentwintigste-eeuwse zijde routes’ of het – rechtstreeks uit het Chinees vertaalde – ‘een riem, een weg’-initiatief. Aziatische journalisten en commentatoren hebben daar al het ‘Chinese Marshall-plan’ van gemaakt, en dat dekt de lading in opzicht van de buitenlandse politiek ook redelijk.

Al deze plannen voor investeringen en regionale vrijhandelsverdragen zijn bedoeld om de Chinese invloed in de snel groeiende regio te vergroten ten koste van de Verenigde Staten, en de Chinese economie te vernieuwen en te versterken. De Chinese methode van invloedsuitbreiding is die van economische ontwikkeling. „Traditionele methodes” (Global Times), lees de Europese (kolonisatie) en Amerikaanse (militaire macht) aanpak, zal China nooit toepassen, zegt Xi vaak.

Ontwikkeling van de hele regio met China als centrum en beschermheer wordt gepresenteerd als „het nieuwe veiligheidsconcept” (China Daily in mei 2014). Daar voegde het Dagblad van het Leger later aan toe dat Xi’s nieuwe veiligheidsconcept zal uitgroeien tot „een universele norm in internationale verhoudingen”. Uiteraard gebeurt dat allemaal op een „vriendelijke, geciviliseerde wijze”, want China zal zich manifesteren als „een tamme, vreedzame draak”.

Dat Xi’s China als grootste economie van de wereld (in nieuwe koopkrachtvergelijkingen van de Wereldbank) met buitenlandse deviezen ter waarde van 3.300 miljard dollar de fondsen heeft om deze ambities waar te maken staat vast. En de bedrieglijk goedmoedig ogende partijleider is lang genoeg aan de macht om zijn plannen om te zetten in concrete daden. Xi’s decennium aan de macht – hij blijft aan tot 2022 als hij over een hemels mandaat beschikt – wordt geen ‘verloren decennium’, zoals de tijd onder zijn voorganger Hu Jintao nu meesmuilend wordt genoemd.

En mooie plaatjes in de media

Voor Nederlandse en EU-diplomaten in China en Europese bedrijfsleiders staat vast dat al deze ‘een riem, een weg’-plannen grote kansen bieden. Vandaar ook dat achter de Nederlandse en Chinese schermen van Ruttes bezoek gewerkt wordt aan mooie plaatjes in de media die de uitstekende Chinees-Nederlandse verhoudingen symboliseren. De regisseurs zien het al voor zich: Xi en Rutte gemoedelijk keuvelend onder de palmen van het tropisch eiland Hainan of – en dat hoopt de Chinese zijde – Rutte die aan Xi vertelt dat Nederland ook wil toetreden tot de Aziatische Infrastructuur Investeringsbank.

Ook los van deelname aan die bank speelt Nederland in Chinese optiek een nuttige rol, die door Xi Jinping openlijk wordt geprezen. Xi heeft het dan over levering van technologie: Nederland is een agrarisch-technische en nanotechnologische supermacht in Chinese ogen. En over Rotterdam en voetbal.

Maar het Nederlandse nut voor China zou zich ook uitstrekken naar de stemmingen in de EU-raden. Als regel stemt Nederland namelijk tegen voorstellen van de Europese Commissie die een inbreuk maken op de vrijhandel, en daarmee impliciet tegen voorstellen die de belangen van het Chinese bedrijfsleven schaden. Menige procedure tegen antidumppraktijken van Chinese bedrijven is met Nederlandse hulp om zeep geholpen.

Maar liever geen gevoelige kwesties

Tel daar bij op dat Nederland de tweede handelspartner van China is in de EU – en de belangrijke rol van Rotterdam in de Chinese handel naar Europa – en het beeld van een bijzonder nuttige relatie is bijna compleet.

Op de mensenrechten na. Op dat terrein heeft zich een omwenteling voltrokken. De vorige minister van Economische Zaken, Maxime Verhagen (CDA), wilde daar nog punten mee scoren, maar de huidige regering houdt zich op de vlakte. Er worden geen prijzen meer uitgereikt aan dissidenten en over arrestaties van schrijvers, advocaten, Oeigoeren en Tibetanen wordt gezwegen. En als er toch gevoelige kwesties aan de orde komen, is dat nauwelijks hoor- en merkbaar. Nederland volgt daarmee de lijn van Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.

Liever hoort Xi van Rutte hoe de crisis in het Chinese voetbal kan worden opgelost, en dat is ook voor de Nederlandse premier een veiliger onderwerp.