Van gewond beest tot romantische held

De Belgische acteur Matthias Schoenaerts (37), nu in ‘Suite Française’, brak door in Hollywood met ‘Rundskop’. „Alsof je na jaren KVC Westerlo opeens bij Barcelona in de spits moet staan.”

Mannen van weinig woorden, met veel testosteron en af en toe een agressieprobleem, dat zijn de rollen waar acteur Matthias Schoenaerts (37) mee opvalt. De Belg brak in 2011 internationaal door met het Oscargenomineerde Rundskop. Hierin speelde hij een aan steroïden verslaafde veeboer in het Vlaamse achterland. In de jaren die volgden zette hij overtuigend getormenteerde macho’s neer in zowel Europese arthouse- als Hollywoodproducties. Het vette Limburgse accent uit Rundskop verruilde hij zonder problemen voor Engels, Frans, of recentelijk Duits.

Wanneer hij in zijn thuisstad Antwerpen interviews geeft over zijn meest recente film Suite Française, lijkt Schoenaerts het tegendeel van de figuren die hij speelt. De acteur verduidelijkt vrolijk zijn beginnende carrière in Hollywood via voetbalmetaforen – „als je graag voetbalt, is het fijn om in de Champions League te spelen”– en vraagt hem tegen te houden als hij „te veel begint te filosoferen”.

Suite Française is gebaseerd op de romans van Irène Némirovsky, een Frans schrijfster van Russisch-Joodse afkomst. Némirovsky begon tijdens de Tweede Wereldoorlog aan een eigentijdse romancyclus waarin de Franse Lucile Angellier (Michelle Williams) en de Duitse officier Bruno von Falk (Schoenaerts) – die bij haar in huis wordt geplaatst – verliefd worden. Dit levert Angellier hoon op van de lokale bevolking en maakt het voor Von Falk moeilijker opdrachten van zijn leidinggevenden uit te voeren. Némirovsky kon de boeken nooit afwerken omdat ze in 1942 werd gedeporteerd naar Auschwitz. Haar dochters gaven de romans uit in 2004.

‘Suite Française’ en ook uw volgende film, ‘Far from the Madding Crowd’, zijn romantische kostuumdrama’s. Is dit een nieuwe stap in uw carrière?

„Als ik een scenario lees, vraag ik mij af: raakt het mij? En als het mij raakt: vind ik dit een zinvol verhaal om de wereld in te sturen? Ik kijk nooit naar filmrollen in termen van genres. Het genre is het werk van de regisseur. Ik moet een personage op papier bezielen en zo rijk mogelijk maken.

„Ik vind het ook jammer dat we leven in een tijd waarin liefde een zwakke bijklank heeft. Het is zo gemakkelijk om cynisch en haatdragend te worden. Liefdevol blijven – ik heb het hier niet over de zeemzoete versie van liefde – daar moet je krachtig voor zijn. Kijk naar Mandela, hij zat 28 jaar in de isoleercel maar bleef liefdevolle taal spreken. Zulke voorbeelden zijn nodig.”

Eerder had u een voorkeur voor wat The Guardian omschreef als ‘wounded animals’: getroebleerde beesten van mannen. Voor ‘Rundskop’ trainde u zich een jaar te pletter om een opgepompte en opgefokte veeboer te spelen, in ‘De rouille et d’os’ (2012) speelde u een impulsieve straatvechter, in ‘The Drop’ (2014) een intimiderende psychopaat.

„Ik heb een tijd die rol opgezocht, waarom weet ik niet. Ik houd simpelweg van personages die onder een rots liggen en waar niemand naar omkijkt. Ik haal graag die rots weg en toon de mensen: ‘kijk wat hier ligt’. Ook Bruno von Falk heeft een enorme complexiteit en tegenstrijdigheid; er is het conflict tussen wat hij verondersteld wordt te doen en wat hij voelt.”

Denkt u dat in een film als ‘Suite Française’ de complexiteit van zo’n personage tot zijn recht komt?

„Helemaal tot zijn recht weet ik niet, maar je voelt dat die man verscheurd is. Als je een scenario leest, dan ga je als acteur in je hoofd dingen uitdiepen en uitvergroten. Het is moeilijk om in te schatten of dat zich zal vertalen. Daar kun je pas over oordelen als je de film later bekijkt.”

Vreesde u nooit dat u enkel nog gevraagd zou worden om impulsieve testosteronbommen te spelen?

„Nee, de rollen die ik heb gespeeld vallen misschien binnen eenzelfde archetype, maar als je alle karakters en contexten naast elkaar legt, moet je een ongelofelijk ongevoelige kijker zijn om te zeggen dat ze iets met elkaar te maken hebben.”

Hoe begint u eigenlijk aan zo’n rol?

„Ook dat weet ik niet. Ik ben een intuïtief iemand. Let op: ik ben geen idioot, ik lees veel en ben heel geïnteresseerd. Maar ik wil dingen niet intellectualiseren of verantwoorden. Wie heeft daar wat aan? Belangrijkste is dat wat je doet bezield is, een stroomstoot teweegbrengt. Hoe je tot die bezieling komt, dat zal me worst wezen. Weet u, ons denken is de grootste stoorzender. Alles over-psychoanalyseren, dat is een ziekte van deze tijd.”

Schoenaert, zoon van de bekende Belgische theateracteur Julien Schoenaerts, begon jong met acteren. Op zijn 15de speelde hij mee in het Oscargenomineerde Daens. Vervolgens bleef het even stil, maar na een acteeropleiding aan het Conservatorium van Antwerpen volgden talrijke rollen in het Vlaamse theater, tv-series en films.

Bent u kieskeuriger omdat u al dertiger was toen u naar Hollywood vertrok?

„Misschien. Gelukkig overkomt dit me allemaal niet op mijn vijfentwintigste. Wie weet was ik een rasidioot geworden. Hoeveel mensen komen daar niet te jong aan, verdienen te veel en beginnen een leven te leiden dat hen in de vernieling helpt?”

Toen u na ‘Rundskop’ naar Hollywood trok, kreeg u rollen als ‘Batman’ of als ‘Robocop’ aangeboden. U weigerde.

„Ik ben niet a priori tegen dat soort films. Het aanbod om Robocop te spelen kwam voor mij gewoon te vroeg. Ik wilde rustig inlopen, het is alsof je na jaren bij KVC Westerlo (Belgische voetbalclub) opeens bij Barcelona in de spits moet staan. Ik dacht: laat mij eerst in het reserve-elftal een paar goals maken en dan meespelen.”

En ‘Batman’?

„Op dat project stond voor mij in grote letters ‘niet doen’ geschreven. Er bestaat die geweldige Batman-trilogie van Christopher Nolan, hoe kun je daar iets aan toevoegen? Je moet ne kastaar zijn om daar straffere cinema tegenover te zetten. Had ik het aanvaard, dan zat ik bovendien vast aan de twee vervolgfilms. Stel dat ik mij na twee weken opnames ongelukkig had gevoeld, dan moest ik nog drie jaar.

„Dat wil niet zeggen dat ik de volgende keer zo’n project – maar dan één film en gemaakt door een ongelofelijke cineast – zou weigeren. Figuren als The Joker of Bane in de The Dark Night zijn toprollen! Eerlijk gezegd vind ik in alle Batmanfilms Batman het saaiste personage, én je acteert de helft van de tijd met een masker op.”

Hebt u een carrièreplan?

„Er is een aantal regisseurs met wie ik graag zou werken, maar mijn filosofie is om niet te veel te anticiperen. Ik probeer me altijd zoveel mogelijk te focussen op waar ik op dat moment mee bezig ben, met mijn volledige hart, lichaam en ziel. En die filosofie heeft tot nu toe gewerkt.”

U krijgt inderdaad grotere rollen aangeboden, lonkt een grote Hollywoodlead?

„Hoofdrollen binnenhalen is het laatste waar ik mee bezig ben. Dat meen ik. Er zijn mensen die wachten op dé grote hoofdrol. Dan denk ik: ‘jongen toch’. Ik heb nu een rol aangeboden gekregen in een prachtig verhaal van Tom Hooper (The King’s Speech). Ik zoek verhalen die ik wil verdedigen. Als ik daar een rol van een dag in heb, dan is dat maar zo.”