Holleeder kalmpjes voor de rechter na verraad van zussen

Vandaag begint de strafzaak tegen Willem Holleeder. Een aantal getuigen à charge is dood. Hoe belangrijk zijn de verklaringen van de zussen?

Willem Holleeder komt half fluitend, half neuriënd de rechtbank binnen, gekleed in een wit overhemd, met daaroverheen een grijze trui en daaronder een zwarte broek. Zijn leesbril zit weggestoken in de kraag van zijn trui. De hartaanval, waar zijn zus Astrid voor vreesde als hij zou horen dat zij haar vertrouwensband met Willem had geschonden, is uitgebleven.

Willem Holleeder kijkt indringend voor zich uit en loopt naar de plek waar zijn advocaat Stijn Franken al heeft plaatsgenomen. Ze zitten achter een zwart scherm dat er volgens een rechtbankbode staat voor de veiligheid. De rechtszaal is afgeladen vol, net als de publieke tribune. De verklaringen van de zussen van Holleeder en zijn ex-vriendin Sandra Klepper hebben de belangstelling aangewakkerd.

Vanochtend bleek dat hun verhalen, die gisteren naar buiten kwamen via NRC Handelsblad en De Telegraaf, grote gevolgen zullen hebben voor de strafzaak die bezig is. Het zal in ieder geval, zo vertelde het Openbaar Ministerie, tot vertraging leiden.

Astrid en Sonja Holleeder en hun vriendin Sandra Klepper hebben verteld wat ze weten over Holleeder. Ze zijn getuigen uit zijn binnenwereld, dat is uniek. Hun kluisverklaringen zijn het laatste offer in een koningsdrama, vertelde een advocaat in de zaak rond de onderwereldmoorden gisteren. „Na gisteren dag zal alles anders zijn.” Het onderzoek naar liquidaties speelt op twee niveaus. Bij de rechtbank in de zaak Holleeder. En bij het gerechtshof in de Passagezaak. Daar zijn Dino S. en Jesse R. de hoofdverdachten.

Vanochtend bleek dat de nieuwe getuigen gedetailleerde beschrijvingen hebben gegeven over liquidaties op basis van wat Holleeder zelf vertelde. Vlak voordat begin november 2005 Kees Houtman en John Mieremet werden doodgeschoten, zei Willem tegen Astrid Holleeder dat er veel zou gaan gebeuren. „De slachtoffers waren niet toevallig twee vijanden van Willem”, vertelde Astrid aan de politie.

De grote vraag is nu: wat is de juridische kracht van de bewijzen tegen Holleeder? Er zijn drie typen getuigen à charge: de kroongetuigen, de mensen uit de binnenwereld zoals de zussen, en de inmiddels dode getuigen.

In het onderzoek naar de onderwereldmoorden maakt justitie gebruik van twee kroongetuigen: Peter la S. en Fred Ros. Zij hebben belastende verklaringen afgelegd voor Willem Holleeder en een aantal andere verdachten. Dat geldt ook voor een Turkse getuige: Hidr K. Ook hij zegt dat Holleeder opdrachten gaf voor liquidaties.

Deze getuigen hebben een ding gemeen: ze stonden niet in direct contact met Holleeder. Alles wat zij weten is van horen zeggen. Op twee woorden na: „Osdorp eerst”. Dat hoorde Peter la S. uit de mond van Holleeder zelf op een parkeerplaats enkele weken voordat er een liquidatie werd gepleegd in Amsterdam Osdorp.

Dan zijn er verklaringen van getuigen die niet meer leven: Willem Endstra, Kees Houtman en Thomas van der Bijl. Zij gaven de politie informatie over de rol van Holleeder in de onderwereld en werden doodgeschoten. Holleeder wordt gezien als de opdrachtgever van de moorden op Houtman en Van der Bijl. Hun verhalen zijn belastend. Een nadeel: ze kunnen geen vragen meer beantwoorden.

Dat kunnen de zussen van Willem dus wel. Bovendien is hun verhaal is gebaseerd op hetgeen Willem zélf vertelde. Wat precies, weten we nog niet. Wat we wel weten is dat Astrid Holleeder een bijzondere band had met haar broer Willem. Hij nam haar in vertrouwen. En zij heeft daarvan gebruikgemaakt. Dat maakt de verklaringen van Astrid en Sonja een belangrijk puzzelstuk in deze complexe zaak.