Een systeem dat zelf ziek is

Hervormingen in de zorg resulteren in chaos bij de persoonsgebonden budgetten. Niet zo verwonderlijk als je de keten bekijkt die je voor bijvoorbeeld een paar uur hulp in

de huishouding moet doorlopen.

Je zal het verzonnen hebben, het systeem om ouderen en gehandicapten te voorzien van een zelfgekozen hulp in de huishouding. Het elegante idee van een persoonsgebonden budget voor de inkoop van zorg is in de praktijk ontspoord. De manier waarop mensen de vergoeding voor hun huishoudelijke hulp moeten regelen, leidt tot grote problemen. Tienduizenden hulpen krijgen al maandenlang niet betaald voor het werk dat zij leveren. Staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) kwam deze week met een omvangrijk herstelplan waarover de Tweede Kamer morgen debatteert.

Waardoor zijn er zoveel problemen?

Met het persoonsgebonden budget (pgb) kunnen zieken zelf hun zorg inkopen, hun medische hulpmiddelen aanschaffen en voorzieningen kiezen. Het is marktwerking in het klein, met veel individuele vrijheid voor de patiënt, die ook nog eens zorgverleners aanmoedigt de beste hulp tegen de beste prijs te leveren.

Maar de overheid vergat er rekening mee te houden dat je met zulke gelden ook kunt frauderen. Dat is de afgelopen jaren volop gebeurd, al was het maar doordat er slechte controle was op de aangevraagde budgetten. Dat is vragen om problemen.

Beleidsmakers hebben de regels en procedures voor een pgb telkens moeten wijzigen. Pleistertje hier, noodverbandje daar. De laatste grote wijziging is van 1 januari 2015. Het geld gaat nu niet meer rechtstreeks naar de zorgbehoevende, maar naar de hulp of verpleegkundige die de zorg levert. Deze ingrijpende koerswijziging valt samen met de grootste hervorming van dit kabinet: het overhevelen van de zorg van Rijk en provincie naar gemeenten. Met een stevige budgetkorting eroverheen en de afschaffing van een paar compensatieregelingen.

Wat betekent dat in de praktijk?

Stap 1

Neem het voorbeeld van een tachtigjarige, alleenstaande man die een beetje hulp in de huishouding nodig heeft. Hij is nog helemaal fit, al heeft hij de laatste tijd wel een stok nodig. Hij kan zich aardig redden: zelf douchen en koken, maar fysiek is hij niet meer in staat om zijn huis goed schoon te houden (dweilen, stofzuigen, ramen zemen). Hij moet de gemeente benaderen of het mogelijk is zulke hulp te krijgen.

Stap 2

De gemeente moet een „keukentafelgesprek” arrangeren om vast te stellen wat de man nog zelf kan, waar zijn familie of buren nog eventueel bij kunnen helpen. Maar doordat de meeste gemeentes grote moeite hebben alle veranderingen tegelijk te begeleiden, wordt veelal nog met „indicaties” van vorig jaar gewerkt. Gemeentes spreken van een „overgangsregime”. Ofwel, voorlopig wordt dezelfde zorg toegekend als vorig jaar – als er toen een keukentafelgesprek is gevoerd. Grootste verschil: toen keerde de gemeente geld uit, nu moet de Sociale Verzekeringsbank dat geld overmaken aan de hulp.

Stap 3

De man moet er maar even van uitgaan dat hij straks zorg vergoed krijgt, want wachten op een besluit van de gemeente is niet handig. Vervolgens moet de „budgethouder” (want zo heet de zieke of oudere vanaf nu) een geldige zorgovereenkomst sluiten met zijn hulp. Dat contract vergt de instemming van zowel gemeente als SVB. De man stuurt dit vervolgens naar de SVB. Niet vergeten!

Stap 4

Is de man nu klaar? Dat had hij gedacht. Hij krijgt namelijk een brief van de gemeente waarin hij gewaarschuwd wordt voor een eigen bijdrage die hij moet betalen. Hoeveel dat is? Daar gaat de gemeente niet over, maar het Centraal Administratiekantoor (CAK). Die berekent, op basis van het inkomen en het vermogen van de man twee jaar geleden, hoeveel hij zelf moet bijdragen.

Stap 5

Toch maar even bellen met het CAK. Hoeveel wordt die eigen bijdrage? Dikwijls kan het CAK dat nog niet zeggen. Daarvoor zijn gegevens nodig die door de gemeente én de Belastingdienst worden aangeleverd.

Stap 6

Een belletje naar de SVB is in dit geval wel zo handig. Gaat deze dienst al geld uitkeren aan de hulp waarmee mijnheer een zorgovereenkomst heeft afgesloten? Nou, dat gebeurt dus niet als de beschikking van de gemeente er nog niet is. Of als de zorgovereenkomst niet in bezit is. En het belangrijkste: als de urenbriefjes ontbreken.

Stap 7

Dat is voor de hulp een onmisbare stap. Telkens als de hulp is geweest zal de man dat moeten aftekenen op een urenbriefje, mede ondertekend door de hulp. De hulp is er afhankelijk van dat de persoon die hulp krijgt alle voorgaande stappen goed gedaan heeft. Nu is het zijn of haar beurt. Correct ingevulde urenbriefjes moet de hulp (online) naar de SVB sturen. Als die briefjes binnen zijn, kan de SVB tot uitkering overgaan.

Dan heeft deze mijnheer het nog makkelijk doordat hij zelf de zorg kan aanvragen. In veel gevallen zijn ouderen of verstandelijk gehandicapten daar niet toe in staat. Familieleden of buren die de hulpbehoevende willen vertegenwoordigen zullen gemachtigd moeten worden. Eén machtiging is niet genoeg. Er zijn aparte machtigingen nodig voor contacten met gemeenten, de SVB of het CAK.

    • Enzo van Steenbergen
    • Daan van Elk
    • Jeroen Wester