Lekker ding met een dirigeerstokje

In Mozart in the Jungle speelt de Mexicaanse acteur Bernal een temperamentvolle dirigent.

De mooie, wilde jongen met de groene ogen. Als Octavio in Amores Perros (2000) en als de wilde Julio Zapata in Y tu mamá también (2001) wist de jonge Gael García Bernal het filmpubliek meteen te charmeren. Kort daarna speelde hij, twee keer achter elkaar, opnieuw een onstuimig type: de revolutionair Che Guevara, eerst in de tv-serie Fidel (2002) en later in The Motorcycle Diaries (2004).

Wat dat betreft is Bernal perfect gecast om in de nieuwe, komische HBO-dramaserie Mozart in the Jungle de rol van de exotische orkestmeester Rodrigo te spelen. In de tiendelige serie – gebaseerd op de memoires van Blair Tindall, een hoboïste die zelf meewerkte aan de serie – moet de jonge Rodrigo het wat uitgebluste New Yorkse symfonieorkest nieuw leven inblazen. Dat doet hij met onorthodoxe methodes. Zo laat hij het orkest zonder instrumenten in stilte een symfonie spelen en rent hij als een bezetene rond tussen de musici.

Daarmee beantwoordt Bernal aan het cliché van vurige latino-kunstenaar: iemand die snel mannelijke vijanden maakt (onder wie voormalig dirigent Thomas Pembridge) maar de dames zwijmelend achterlaat. Zijn geflirt met de geslepen celliste Cynthia (Saffron Burrows) en de onschuldige hoboïste Hailey (Lola Kirke) zorgt voor afgunst en gedoe. Kortom: seks, drugs en klassieke muziek, dat is waar deze serie, geproduceerd door Amazon Prime en bedacht door o.a. Roman Coppola (Moonrise Kingdom) om draait. Voor liefhebbers van klassieke muziek is het amusant naar het gekonkel binnen een gerenommeerd orkest te kijken, voor fans van Bernal aardig hem wederom in een temperamentvolle rol te zien.