Wijkverpleegkundige heeft nog te weinig contact met gemeente

Een wijkverpleegkundige aan het werk. Foto ANP / Koen Suyk

De samenwerking tussen wijkverpleegkundigen en gemeenten – cruciaal onderdeel van het nieuwe zorgbeleid – komt in veel plaatsen niet van de grond. Dat blijkt uit gesprekken van NRC Handelsblad met dertig wijkverpleegkundigen, werkzaam in heel het land. De helft van hen heeft bijna nooit contact met de gemeente. Daardoor moeten patiënten soms hun ziektegeschiedenis aan zowel een ambtenaar als een verpleegkundige uitleggen.

NRC volgt dit jaar 36 wijkverpleegkundigen (30 van hen vulden een vragenlijst in). In het nieuwe regime van de langdurige zorg hebben de 18.000 wijkverpleegkundigen een belangrijke rol. Zij moeten onder meer beoordelen welke zorg de patiënt nodig heeft.

Contact met wijkteams laat te wensen over

Dat staat haaks op de plannen van het kabinet, want samenwerking met gemeenten is volgens staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) “de sleutel” voor een goede organisatie van zorg voor mensen die thuis wonen. Idee is dat wijkverpleegkundigen sinds 1 januari niet alleen zorg leveren, maar ook signaleren wanneer er bij mensen thuis ‘meer problemen’ zijn. Bijvoorbeeld ouderen die dementeren, het gas vergeten uit te draaien, en begeleiding nodig hebben via de gemeente. Wijkverplegers zouden dat moeten melden. Daarvoor hebben bijna alle gemeenten ‘sociale wijkteams’ opgericht, samengesteld uit allerlei specialismen, van schuldsaneerders tot huisartsen.

Maar het contact met de wijkteams laat te wensen over. Teams zijn nog in ontwikkeling, of het is onduidelijk voor de wijkverpleegkundigen bij wie ze precies moeten aankloppen. Marjolein Weggeman, verpleegkundige in het Rotterdamse Hoogvliet: “Het gros van de wijkverpleegkundigen hier heeft geen idee wie er in die teams zitten.”

Zelfredzaamheid van de burger

Het gebrek aan contact met gemeente of wijkteam leidt tot dubbel werk. Burgers ondervinden dat soms, vertelt een aantal verpleegkundigen. Zo komt het voor dat een wijkverpleegkundige en een ambtenaar afzonderlijk aan de deur staan voor een zelfde soort gesprek. Allebei doen ze een beroep op het sociale netwerk en de ‘zelfredzaamheid’ van de burger.

Van Rijn vindt het “te vroeg om te somberen”, zegt hij. “De samenwerking komt in deze periode op gang.” Het Rijk investeert in opleidingen en stelt 40 miljoen euro beschikbaar om werk van wijkverpleegkundigen “in en met” wijkteams te vergoeden. “De basis is er. Dan begint het natuurlijk pas.”