Sterke show van titanen uit de popmuziek

Sting en Paul Simon stuwen elkaar in de Ziggo Dome op tot grote hoogte, en spelen het publiek meer dan eens uit de stoelen

Sting (l.) en Paul Simon tijdens hun gezamenlijke optreden gisteren in de Amsterdamse Ziggo DomeFoto Andreas Terlaak

Sting begon de avond met een diepe buiging. Niet voor het publiek, maar voor de man met wie hij de komende drie uur op het podium zou staan. Paul Simon schreef de soundtrack van zijn jeugd, zei de voormalige zanger van The Police over zijn tien jaar oudere Amerikaanse collega. „Simon & Garfunkel zongen een passend lied bij je eerste liefde. Ze boden troost in een ander lied als die liefde weer uit ging.”

Op voorhand leek het een wat gekunstelde combinatie: de 63-jarige adonis Sting die zich met zijn ruige baard lijkt voor te bereiden op een oude dag als vriendelijke zeebonk, en de altijd wat nurkse Simon (73). Maar ze vonden elkaar in de Amsterdamse Ziggo Dome in een liefde voor exotische elementen in hun popsongs, van Simons Afrikaanse invloeden op het Graceland-album tot Stings latin-neigingen en hun gedeelde voorkeur voor muziek uit Caraïbische streken.

De gezamenlijke tournee stelt ze in staat een zestienkoppige band van fantastische muzikanten mee op reis te nemen. Uit dat veelzijdige orkest kan zich een volwaardige zydecoband met accordeon en wasbord losmaken, of een blazerssectie die zo uit een begrafenisstoet in New Orleans lijkt te zijn weggelopen. Afrikaanse muzikanten stellen Simon in staat de ‘township jive’ van Graceland tot leven te brengen.

Vanaf openingsnummer Brand New Day maakte Paul Simon duidelijk wie er de baas was. Hij zong mee in nummers van Sting, maar de swing van The Boy in the Bubble zette de toon voor de hele avond. Zo los en ontspannen heeft Simon nog nooit op het podium gestaan, sinds hij na zijn Zuid-Afrikaanse avontuur werd beschuldigd van cultuurimperialisme. Die last is van zijn schouders gevallen, en de kleine man kan naar hartelust op gaan in een waaier van muziekstijlen. In het hart ervan ligt altijd de Amerikaanse folk- en rockhistorie, zoals hij liet blijken met zijn messcherpe, Everly Brothers-achtige gitaarspel in Me and Julio Down By The Schoolyard en de rock-’n-rollcitaten waarmee hij Hearts and Bones besloot.

Bij elkaar hebben deze twee popveteranen enkele tientallen hits op hun naam staan. Sting maakte goede sier met So Lonely en Walking on the Moon, compleet met publieksparticipatie in het onvermijdelijke ‘Iejojo’-koor. Roxanne kreeg een ritmisch complex tussenstuk en voor zijn solohit Fragile deelde hij de microfoon met Simon, die een verrassend helder stemgeluid liet horen naast de wat schorre Sting. Achtergrondzangeres Jo Lawry kreeg haar moment van glorie in de vocale krachtpatserij van The Hounds of Winter.

Simon maakte indruk met 50 Ways To Leave Your Lover en een ingetogen Still Crazy After All These Years. Zijn Afrikaans gekleurde finale met Diamonds on The Soles Of Her Shoes en een uitbundig swingend You Can Call Me Al bracht het meest memorabele moment van de avond, naast de soepele manier waarop Sting zijn versie van Simons America liet overgaan in zijn eigen, veel voller georkestreerde muziek.

Het ging pas mis op de momenten dat ze Simon & Garfunkel probeerden te zijn. Sting en Paul Simon toonden zoveel eerbied voor elkaar dat ze in de duetten niet voluit durfden te gaan en hun stemmen net niet lekker in elkaar grepen. Mrs. Robinson en The Boxer werden getransformeerd tot platte kampvuurdeunen en slotnummer Bridge Over Troubled Water maakte maar al te duidelijk dat er maar één vertolker is die dat lied naar zijn hartroerende finale kan brengen, en dat is de oorspronkelijke zanger Art Garfunkel.

Ondertussen viel er veel te genieten en brachten deze twee titanen van de popmuziek uit de jaren zestig tot tachtig een indrukwekkende show die meer was dan de som der delen. De tubasolo in So Lonely, de laconieke manier waarop Paul Simon een dansnummer in 9/8 maat aankondigde en de her en der gestrooide citaten uit songs van Chet Atkins en Bill Withers maakten er een bonte reis door de pophistorie van, waarbij het publiek meer dan eens uit de stoelen gespeeld werd. De twee schijnbare tegenpolen stuwden elkaar tot grote hoogte.