Opeens treedt Suárez uit de schaduw van Messi en Neymar jr.

Het heeft even geduurd, maar Luis Suárez toont zijn waarde voor Barcelona. Hij besliste het duel met Real Madrid: 2-1.

Suarez viert zijn winnende treffer tegen Real Madrid. Foto EPA / Andreu Dalmau

Hoe vaak had Luis Suárez er niet van gedroomd de winnende goal in een clásico te maken? En daar was dan gisteravond in het Camp Nou opeens het ultieme moment van glorie. In de 51ste minuut schoot de 28-jarige Uruguayaan Barcelona met een schitterend doelpunt naar een 2-1 overwinning op aartsrivaal Real Madrid. „Dit was mijn belangrijkste doelpunt voor Barcelona tot dusver”, sprak de spits voor tal van camera’s.

Suárez was weer eens het stralende middelpunt. Voor even trad hij uit de schaduw van de sterren Lionel Messi en Neymar jr. Velen hadden vraagtekens geplaatst toen hij afgelopen zomer overkwam van Liverpool. Maar Suárez is inmiddels de twijfel voorbij. Net als eerder in de Champions League tegen Manchester City bewees hij zijn waarde in een topduel. Het Catalaanse publiek scandeerde hartstochtelijk zijn naam.

Waar Suárez ook speelde, overal had hij aan aanbidders en mensen die het niet in hem zagen zitten. De fans van Suárez koesterden hem om zijn tomeloze inzet en zijn doelpunten. Tegenstanders schilderden hem af als een vervelend mannetje dat zichzelf niet onder controle heeft. Suárez zette zichzelf met drie bijtincidenten in een kwaad daglicht. Zo moest hij na het WK van Brazilië eerst een maandenlange schorsing uitdienen voordat de aanvaller bij Barcelona mocht aantreden.

Suárez maakte in oktober vorig jaar uitgerekend zijn debuut in de Priméra División in het Santiago Bernabéu van Real Madrid. Hij liep destijds bij de 3-1 nederlaag van Barcelona hulpeloos over het veld. Alsof het gepolijste spel van de Catalaanse grootmacht te verfijnd voor hem was. Ballen schoten van zijn voeten. Steeds was daar dan een verontschuldigend uitgestoken hand. Suárez wilde zich misschien wel té graag bewijzen.

Bovendien moest Suárez zich schikken in de hiërarchie van Barcelona, met Messi als de onbetwiste nummer één. De voorbije jaren hadden spitsen als Zlatan Ibrahimovic en David Villa moeite gehad met een rol in de schaduw van de kleine Argentijn. Niemand is groter dan Messi. Ze legden het uiteindelijk af tegen de wereldster en vertrokken. Neymar was in zijn eerste seizoen naast Messi een schim van zichzelf. Suárez wist waar hij aan begon.

De nieuwe trainer Luis Enrique probeerde de ongeschreven privileges van Messi in te dammen, maar stootte daarmee tegen het verkeerde been van de nummer 10. Messi toonde op zijn eigen wijze verzet en Barcelona raakte begin dit jaar in een crisis. Iedereen, inclusief Suárez, was hopeloos zoekende. Waar was de glans van Barça opeens gebleven? Hoe moest dit goed komen? Om de rust binnen de club te bewaren schreef voorzitter Josep Bartomeu vervroegde verkiezingen uit.

Toen kwam de maand maart. De maand waarin Messi het plezier in het voetbal terugvond, Neymar weer belangrijk werd en Suárez zich bewees met een reeks belangrijke doelpunten. Barcelona bereikte de bekerfinale, plaatste zich voor de kwartfinales van de Champions League en heeft gisteravond na de 2-1 winst tegen Real Madrid de koppositie in de competitie met een voorsprong van vier punten stevig in handen.

Het supertrio Messi-Neymar-Suárez lijkt elkaar dan toch gevonden te hebben. De Argentijn, de Braziliaan en de Uruguayaan vormen de geheel Zuid-Amerikaanse aanval van Barcelona, die zich gisteren moest meten met de drie steraanvallers van Real Madrid: Karim Benzema, Gareth Bale en Cristiano Ronaldo, ook wel BBC genoemd. Het trio van Barcelona won de strijd in een kolkend Camp Nou. Met Suárez als matchwinnaar.

Het enerverende voetbalgevecht ging lang gelijk op. Beide ploegen wilden voor de winst spelen en schotelden het publiek bij vlagen hoogstandjes voor. Messi dartelde als vanouds over het veld en Ronaldo bewees met zijn doelpunt in de 32ste minuut dat hij altijd en overal kan scoren. Die treffer van de Portugees betekende de gelijkmaker nadat de Fransman Jérémy Mathieu Barcelona in de negentiende minuut met een kopbal op voorsprong had gezet.

Maar het werd dit keer niet een strijd tussen Messi en Ronaldo. Het was Suárez die zichzelf vol in de schijnwerpers zette. Zijn spel is technisch lang niet zo vervolmaakt als dat van raspaardjes als Messi en Ronaldo. Suárez speelt puur op zijn insticht. Een killersinstinct. „Ik wil niet winnen. Ik moet winnen”, zo beschreef Suárez zijn gedrevenheid in zijn vorig jaar uitgekomen biografie.

Zijn moment of fame kwam in de 51ste minuut. Met een loopbeweging maakte hij Dani Alves duidelijk een diepe bal te willen hebben. Suárez was even los van zijn tegenstander Pepe, nam de bal fabelachtig aan en passeerde doelman Iker Casillas zoals hij dat in zijn dromen zo vaak had gedaan.

Alleen, nu was het echt.