‘Zusters, jullie zijn nodig in kalifaat’

Kalifaat Zo’n dertig Nederlandse vrouwen zijn vertrokken naar het kalifaat van IS. De vrouwen koken, doen boodschappen of delen zweepslagen uit. ‘Een leuke, nieuwe ervaring.’

Vrouwen kletsen in een park in Raqqa, de Syrische stad die nu als hoofdstad van het kalifaat bekend staat. Ook Nederlandse vrouwen worden aangetrokken door jihadistische propaganda. Foto Reuters

Luca (9) en Aysha (8) werden door hun moeder meegenomen uit Maastricht naar het kalifaat van Islamitische Staat. Ze verblijven nu waarschijnlijk in Raqqa, de ‘hoofdstad’ van het Syrische deel van het kalifaat. Ze vertrokken al oktober vorig jaar, maar pas begin deze week werd dit via dagblad De Limburger bekend.

Naast de Limburgse (oorspronkelijk Tsjetsjeense) moeder met dochter en zoon, vertrokken uit Nederland drie gezinnen met kinderen naar het kalifaat. Ook vrouwen en meisjes gaan. Kort geleden nog vertrokken bijvoorbeeld drie tienermeisjes uit Engeland.

Volgens de laatste schattingen van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) zouden er dertig vrouwen uit Nederland zijn vertrokken. Waarom? En wat gaan ze daar doen in oorlogsgebied?

Radicale moslims die naar het kalifaat vertrekken, zien het als een religieuze plicht om daar te gaan wonen. IS-leider Abu Bakr al-Baghdadi riep na het uitroepen van de Islamitische Staat moslims uit de hele wereld op zich daar te vestigen.

Religieuze plicht is één ding. Daadwerkelijk uit Nederland vertrekken is een tweede. „Er zijn push en pullfactoren”, zegt Amy-Jane Gielen, radicaliseringsonderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam. „In het gepolariseerde Nederland voelen moslims zich steeds minder thuis. Ze zeggen: hoe zeer ik ook integreer, het is nooit goed genoeg.”

Terugkeren uit het kalifaat is niet zo makkelijk als ze denken

Amy-Jane Gielen onderzoeker

In het verlengde daarvan ligt de aantrekkingskracht van het kalifaat. „De meisjes en vrouwen die er al zitten, vertellen via Facebook en andere sociale media hoe gelukkig ze daar zijn. Eindelijk kunnen ze ongestoord als moslima leven, ze kunnen in een niqaab lopen zonder te worden nagewezen. Ze krijgen respect en worden behandeld als prinsessen.”

De vrouwen posten idyllische foto’s van het leven in het kalifaat: de mooie appartementengebouwen waar ze wonen, het ontbijt met Nutella, de lachende strijders met katten en mooie vergezichten. Ze vertellen over de onderlinge saamhorigheid en verbondenheid. Zusters, kom! Jullie zijn nodig. Dat is de boodschap op social media.

Amy-Jane Gielen: „De onthoofdingen en de kapot geschoten gebouwen die wij hier op het journaal zien, is westerse propaganda, zeggen Nederlandse moslima’s die overwegen te gaan. Wat zij zien is IS-propaganda. Islamitische Staat wil zoveel mogelijk mensen in het gebied. Strijders, maar juist ook vrouwen en kinderen. Dat maakt het lastiger voor de internationale anti-IS-coalitie om te bombarderen omdat ze burgerslachtoffers maken. Ze hebben er dus baat bij om het er zo normaal en aantrekkelijk mogelijk uit te laten zien.”

Iedere moslim is welkom. Umm Haniefa uit België, getrouwd met een Belgische strijder, schreef begin 2014 al op Facebook: Het maakt niet uit of je „eerder getrouwd bent geweest, oud of jong bent, met of zonder kinderen want er zijn meer vrouwen nodig om voor de mannen en kinderen te zorgen”. Vrouwen die met een mujahe deen, een strijder willen trouwen, kunnen dat persoonlijk met haar bespreken in een privébericht.

En trouwen willen de meeste vrouwen. Zo vertrok de toen 18-jarige Nederlandse bekeerlinge Aïcha begin vorig jaar uit Maastricht naar Syrië voor de Turks-Nederlandse strijder Yilmaz. Ze had hem in een interview gezien bij het televisieprogramma Nieuwsuur, zocht contact via social media en raakte hopeloos verliefd. Ze trouwde met hem voor vertrek, via Skype.

Het tegenhouden van meisjes en vrouwen die willen vertrekken is lastig. De moeder uit Maastricht die met haar twee kinderen vertrok, werd in de gaten gehouden door de AIVD en was verschillende keren ondervraagd door de politie.

Wie wil vertrekken, vindt een weg. Desnoods gaan ze zonder paspoort. Aïcha reisde met een ID. Ze nam de trein.

Marion van San, onderzoeker aan de Erasmusuniversiteit: „Als je heilig gelooft in het hiernamaals, schrikken bommen niet af. Als je dood gaat, kom je in het paradijs. Daar heb je het eeuwige leven met je kinderen en je familie. Daar zijn ze heilig van overtuigd.”

Een welzijnswerker die niet met haar naam in de krant wil zegt: „De meiden die al in Syrië zitten, vertellen de aspiranten precies hoe ze zich moeten gedragen om niet op te vallen als potentiële jihadbruid. Ze krijgen adviezen als: stop met het dragen van te streng-islamitische kleding. Trek een spijkerbroek en sweater aan. En doe lacherig over Syriëgangers.”

Het zijn vaak de wat kwetsbare meisjes die gaan, zegt Amy-Jane Gielen. „Relatief vaak zag ik loverboyproblematiek, eergerelateerd geweld of persoonlijke problemen. Zulke meisjes staan eerder open voor een strijder van wie ze liefde en aandacht verwachten.”

Het leven in het kalifaat is rauwer dan in Nederland. Soms komen meisjes er pas in Syrië achter dat ze de tweede of derde vrouw van een strijder zijn. Ongetrouwde meisjes en vrouwen wonen in ‘zusterhuizen’ waar ze niet onbegeleid uit kunnen. Ze hebben geen eigen telefoon of internet.

Er zijn scholen voor de kinderen in het kalifaat. Voor meisjes bestaan de lessen uit het bestuderen van de koran. Soms gaan jongens naar kindertrainingskampen van IS, om strijders te worden.

Vrouwen vervullen vooral zorgtaken: Uit hun berichten op social media blijkt dat ze boodschappen doen, koken voor hun man, zorgen voor de kinderen. Ze hebben meestal een wapen, maar ze strijden niet. Een enkeling is daarover bitter teleurgesteld. Sommigen geven les aan Syrische kinderen. Anderen horen bij de ‘sharia-politie’ van IS. Zo vertelde de 18-jarige Sara uit Rotterdam in oktober op Facebook dat ze een nieuwe taak had gekregen: zweepslagen uitdelen. Zeven Syrische vrouwen, ‘onruststokers’, werden volgens de shariawetgeving veroordeeld tot vijftien tot dertig zweepslagen omdat zij elkaar bevochten. „Een leuke, nieuwe ervaring”, schreef Sara op haar Facebookpagina.

Hoe het nieuwe leven werkelijk bevalt, is lastig te achterhalen. Meisjes en vrouwen vertellen mooie verhalen aan het thuisfront. Het is de vraag of die kloppen. Het is niet de bedoeling dat er wordt gesproken over eenzaamheid en verveling. IS accepteert geen verstoring van het ideaalbeeld.

Amy-Jane Gielen: „Meisjes denken: Als het me niet bevalt, dan ga ik weer terug. Maar zo makkelijk is dat niet. Hun paspoort wordt ingenomen. En ze kunnen niet alleen reizen.”

„Net zoals daar heen gaan een heel proces is, is terugkeren dat ook,” zegt onderzoeker Marion van San: De beslissing kost tijd. Je kan dat niet van hieruit stimuleren. Het moet uit henzelf komen.”

Aïcha uit Maastricht, die met strijder Yilmaz trouwde, werd al snel gedumpt. Ze trouwde een tweede strijder. Ze was ongelukkig en liet haar moeder in Nederland weten dat ze weg wilde. Die reisde naar de Turks-Syrische grens en slaagde erin haar dochter terug te vinden. Hoe precies, is onbekend. Aïcha werd bij terugkomst in Nederland aangehouden. Ze had geluk.