Makelaar in auteurs

Illustratie Dace Sietina

De boekenmarkt kromp afgelopen jaar, waardoor meer boekhandels ook makelaars in koffie werden. Voor uitgeverijen ligt de toekomst in die van makelaar in auteurs. Dat is tenminste de indruk die je krijgt van de discussie die nu woedt rondom de auteurscontracten die uitgeverij Lebowski ontwikkelt voor vooral jonge auteurs.

Aanleiding was het vertrek van Elfie Tromp, auteur van de roman Goeroe (2013), van Lebowski naar uitgeverij De Geus. Ze wilde weg omdat Lebowski contractueel wilde vastleggen dat ze 15 procent van de honoraria die ze verdient met optredens, schrijfopdrachten en dergelijke aan de uitgeverij afdraagt. Juist omdat ze veel van deze opdrachten zelf regelt was dit voor Tromp onaanvaardbaar.

Dat er in tijden van krimp opnieuw moet worden gekeken naar de auteurscontracten is logisch, meent Oscar van Gelderen, uitgever bij Lebowski. De inkomsten zijn – ook voor een uitgever – niet alleen te halen uit de boekverkoop. Daar komt volgens hem bij dat hij nadrukkelijk bezig is een onbekende auteur als ‘merk’ neer te zetten. Hij doet meer dan alleen een boek uitgeven, maar zorgt ook voor extra aandacht, zoals een agentschap dat doet in de Angelsaksische landen.

Meer dan veel andere uitgeverijen organiseert Lebowski evenementen waar zijn eigen debutanten kunnen optreden. In een opiniestuk voor vakblad Boekblad schreef Van Gelderen over de verschuivende rol van uitgever: „Als wij events organiseren waar auteurs zich kunnen manifesteren, waar opdrachten of optredens uit voortvloeien, dan willen wij een percentage van de gelden. Dat is logisch: de inkomsten vloeien voort uit onze activiteiten. Wil de debutant dit allemaal niet, ook goed, maar dan nemen we die auteur niet mee in onze programmering, wordt er niet onderhandeld of gemanaged.”

Lebowski ontleent het concept aan de muziekwereld, waar het zogeheten 360-model in zwang is. Een artiest sluit geen platencontract, maar laat zich vertegenwoordigen door een agent die al zijn onderhandelingen doet, ook voor bijvoorbeeld optredens in reclamespotjes of sponsoring.

Door zich meer als agent op te stellen „kunnen we niet alleen het imago van de auteur bewaken”, zegt Van Gelderen in een telefoongesprek, „maar ook samen zoeken naar nieuwe verdienmodellen”.

360-model

De vergelijking met de muziekindustrie gaat niet helemaal op, alleen al omdat dat een veel grotere en internationalere markt is. De krimp in de boekenmarkt is niet te vergelijken met de vrijwel totale ineenstorting van muziekverkoop die illegale downloads en legale streaming hebben bewerkstelligd. Auteur en muzikant Auke Hulst: „Dat 360-model werkt bij grote namen. Dan kun je een naam pitchen. Bij beginnende artiesten werkt het juist niet.”

Een auteurscontract dat in handen van deze krant is, toont dat de eisen van Lebowski vrij streng zijn. Die strengheid zit hem behalve in het afdragen van 15 procent van de inkomsten, in de periodieke afrekening. De auteur moet een overzicht van zijn inkomsten aan de uitgeverij geven. Daarbij is er overigens wel een ondergrens van 2.500 euro. Lebowski zegt er geen tientjeswerk van te willen maken.

Literair agent Paul Sebes is voorstander van de ontwikkeling van uitgever tot literair agent: „Auteurs vergeten vaak dat er geen geld is te verdienen met hun boeken. Als een auteur 700 exemplaren verkoopt, levert dat de uitgeverij niets op. Zo’n auteur wil dan wel worden meegenomen in evenementen, om daar dan niets van af te staan. De kosten voor het uitbrengen van een boek zijn zo hoog dat het idee van Lebowski een logische ontwikkeling is.”

Er zijn echter ook onduidelijkheden. Zo is het onduidelijk of er ook commissie wordt gevraagd als een auteur zelf iets regelt. De uitgever kan redeneren dat de auteur voor de opdracht is gevraagd dankzij het boek, en het boek bestaat dankzij de uitgeverij. Ook is een vraag of een uitgeverij zich in een standaardcontract niet al verplicht om zoveel mogelijk publiciteit te genereren. De contractvorm is nog in ontwikkeling, zegt Lebowski.

Elfie Tromp heeft een duidelijke mening over dit grijze gebied. „Ik ben erg actief om mijn netwerk te vergroten”, zegt ze. „Ik zou niet weten wat de meerwaarde van Lebowski dan is. Ik kan me voorstellen dat het juist wel goed werkt bij timide auteurs. Maar nu moest ik ook 15 procent afdragen over wat ik verdien met mijn column in Metro, terwijl dat helemaal niet via de uitgeverij is gegaan.”

Ook Auke Hulst (zijn boeken worden uitgegeven door Ambo Anthos) heeft bedenkingen. „Het hoort erbij dat een uitgeverij optredens en schrijfopdrachten voor je regelt, daar hebben ze zelf ook baat bij, omdat je dan meer boeken verkoopt. Ik regel een deel zelf, een ander deel gaat via auteursbureau SSS en een deel via de uitgeverij. De uitgeverij heeft nog nooit voorgesteld dat wanneer ze tijd en energie hebben gestoken om me te laten optreden ik een deel van mijn honorarium zou moeten overhandigen.”

Ambo Anthos is een van de uitgeverijen die veel rechtenkwesties regelt via het agentschap Shared Stories van moederbedrijf VBK. Dorien van Londen, directeur van Shared Stories: „Bij evenementen gaan we eerst uit van het honorarium van de auteur en kijken dan wat de overige kosten zijn. Op basis van dat totaal vragen we dan een toegangsprijs of zoeken een sponsor. Wij redeneren dus de andere kant op: de auteur staat aan de basis en dan kijk je hoe je zijn inkomsten kunt vergroten. Niet het evenement staat centraal.” Een agentschap lanceert een auteur, een uitgeverij een boek, is de redenering bij Shared Stories.

Sander van Vlerken, uitgever van Nederlandse fictie en non-fictie bij De Geus, is in de eerste plaats blij met de komst van Elfie Tromp, maar vindt dat in de hele discussie te weinig aandacht is voor het intellectueel eigendom van de auteur. Zijn ideeën zijn van hem, en als hij die bijvoorbeeld in een column opschrijft, heeft de uitgever daar niets over te zeggen.

„Je moet redeneren vanuit het belang van de auteur”, vindt Van Vlerken. „De inkomsten dalen inderdaad en het wordt moeilijker om rechten aan het buitenland te verkopen. We hebben wel een aparte agent voor de rechten, waarbij het risico volledig voor de uitgeverij is. Voor festivals werken we juist samen met partners die goed zijn in het organiseren van literaire festivals. Een uitgever werkt altijd al in de volle breedte met een auteur, daar rekenen we geen percentage voor.”

Oude wijn

Mizzi van der Pluijm, directeur-uitgever van AtlasContact, zegt dat uitgeverijen altijd al probeerden een auteur zo goed mogelijk over het voetlicht te krijgen. De auteur die van zijn schrijven wil leven staat voorop. „In feite is dit oude wijn in nieuwe zakken. Je kunt zeggen dat uitgeverijen richting agentschap gaan, maar je kunt evengoed stellen dat we juist meer gaan doen waar we goed in zijn: het begeleiden van een auteur tijdens het schrijfproces.”

In dat geval blijft het bij de schrijver die zijn pen oppakt, de uitgever die het boek brengt en het agentschap naast de uitgever dat in actie komt. Anders dan Van Gelderen meent, is dit de meest logische ontwikkeling, aldus Mai Spijkers van uitgeverij Prometheus: „In Nederland is de uitgever altijd al de agent geweest. Nog steeds vragen we zoveel mogelijk aandacht voor een auteur. Dat betaalt zich uit in een betere boekverkoop. In een dalende markt zit de oplossing niet in het beknibbelen op de auteur, want dat is waar het hele verhaal van Lebowski op neerkomt.”