Klachten over Nederlandse weldoener in Rio miskend

Nanko van Buuren runde in Rio een veelgeprezen welzijnsclub. Klachten over zwak financieel bestuur en verdenkingen van misbruik werden nooit serieus opgepikt.

De welzijnsorganisatie Ibiss, actief in de door geweld geteisterde sloppenwijken van Rio de Janeiro, deed geen onderzoek naar verdenkingen van seksueel misbruik door haar Nederlandse directeur Nanko van Buuren.

Dat blijkt uit onderzoek van NRC Weekend naar het functioneren van Ibiss, dat in Nederland een door vrijwilligers bestuurd steunfonds heeft.

De verdenkingen maken deel uit van een reeks misstanden bij Van Buurens organisatie, waaronder het verdwijnen van donorgelden uit Nederland. Hoewel het bestuur van veel alarmerende signalen op de hoogte was, nam het geen maatregelen.

Volgens emeritus hoogleraar internationale samenwerking Louk Box, die inzage kreeg in de bevindingen van deze krant, is Ibiss „exemplarisch voor ontsporingen zoals die plaats hebben gevonden in de subsector van particuliere initiatieven” vanaf de jaren negentig.

Deze krant sprak de afgelopen maanden twee keer met Van Buuren over de gerezen vragen. Drie dagen na het laatste gesprek, in februari in Rio, overleed hij onverwachts.

Van Buuren begon Ibiss in 1989 en leidde deze op flamboyante wijze. Zijn inspanningen om onder meer jonge drugscriminelen op het rechte pad te krijgen, oogstten grote bewondering in allerlei landen en bij tal van Nederlandse en internationale media.

Uit onderzoek van deze krant blijkt echter dat voor verschillende van zijn geclaimde successen geen bewijs bestaat. Bovendien liepen de afgelopen jaren verscheidene financiers weg toen bleek dat Van Buuren over tienduizenden euro’s aan donorgelden geen verantwoording kon afleggen.

Van deugdelijke financiële verslaglegging en controle in zowel Brazilië als in Nederland was geen sprake, hoewel Ibiss anders deed voorkomen.

Zo ging er veel contant geld om bij Van Buuren in Rio. Maar volgens Ibiss Nederland nam dat „nimmer zodanige vormen” aan dat het „problematisch werd om voldoende zicht te houden op de besteding van de gelden”.

Frank Plantenberg, voorzitter van het Nederlandse steunfonds sinds 2012, erkent dat Van Buuren „slordig omging met zijn administratie”. „Daarom hebben wij de druk op Rio opgevoerd om de financiële controleprocessen aan te scherpen. Maar de progressie was trager dan gewenst.”

En hoewel de Ibiss-bestuurders in Brazilië en Nederland geen onderzoek deden naar de verdenkingen van seksueel misbruik, noemen ze de aantijgingen „ongefundeerd”. „Stel dat Nanko zich inderdaad grensoverschrijdend zou hebben gedragen, dan had hij dat niet overleefd.”

Ook van ongepast seksueel gedrag was geen sprake, zegt vicevoorzitter Sander Visser ‘t Hooft. „Dat moet je zien in de context van de Braziliaanse samenleving waarin veel lijflijker met elkaar wordt omgegaan. Wat dat betreft was Nanko meer Braziliaan dan Nederlander.”