Justitietopman Cloo wankelde al voor ‘bonnetjesaffaire’

Topambtenaar Pieter Cloo kreeg nooit greep op Justitie. De ‘bonnetjesaffaire’ versnelde zijn reeds beoogde vertrek.

Pieter Cloo, tot gisteren de hoogste ambtenaar van Justitie, is slechts ten dele het jongste slachtoffer van de ‘bonnetjesaffaire’ op dat departement. Al in februari, nog voordat Nieuwsuur kwam met de primeur over de omstreden deal met crimineel Cees H., had minister Opstelten volgens Haagse bronnen het vertrouwen in zijn secretaris-generaal (SG) grotendeels verloren. Er werd voor hem een andere baan gezocht. Minister Blok (VVD) zei gisteren dat Cloo’s vertrek „niet te maken heeft” met de controverse rond de ‘Teeven-deal’.

Sinds zijn aantreden, eind 2012, was het Cloo niet gelukt om greep te krijgen op het uitgedijde departement van Veiligheid en Justitie. Hij maakte een valse start toen het ambtelijk verzet tegen de benoeming door Opstelten van deze externe consultant uitlekte. Vooral representanten van legalistische afdelingen, zoals directeur-generaal Rechtspleging Gerard Roes, volhardden in hun afkeer van de nieuwe man.

De secretaris-generaal gold als doener, en had slechts gezag bij een deel van het departement. Zijn hart lag bij het verbeteren van uitvoerende diensten waarmee Justitie slecht scoort (nationale politie, ICT). Cloo was eerder in gevangenissen of politiebureaus te vinden dan in de Tweede Kamer om zijn minister terzijde te staan.

Cloo’s positie werd verder ondergraven door een opstapeling van integriteitskwesties. Daarbij raakte eerst zijn departement (aanbesteding van politieauto’s en ICT, interne vertrouwenspersoon), daarna hijzelf betrokken. Cloo bleek in zijn vorige functie als ICT-adviseur voor Justitie een hoge vergoeding te hebben gekregen.

In dezelfde tijd schreef minister Blok aan de Tweede Kamer over integriteitsbeleid bij ministeries: „Met name de voorbeeldrol van leidinggevenden (..) verdient aandacht.” Toen ook nog bleek dat Cloo namens de minister instructies gaf, waarvan Opstelten zich niet kon herinneren die ooit gegeven te hebben, was de maat vol.

De afhandeling van de bonnetjesaffaire versnelde Cloo’s reeds beoogde aftocht. Eerst hield hij vol dat de gewraakte afrekening met Cees H. er niet was. Pas in tweede instantie stuurde hij een ICT-dienst alsnog op zoektocht. De SG had daarbij ook niet nagedacht over de mogelijke consequenties voor de minister, mocht het bonnetje gevonden worden. Cloo bleek niet de safe pair of hands die een SG voor zijn minister dient te zijn.

Toen de gezochte informatie alsnog opdook en Cloo begon aan het formuleren van een verdedigingslinie voor de minister, maakten twee toegesnelde VVD-Kamerleden daar geïrriteerd een einde aan. Het waren dezelfde twee politici die gisteren aantraden als nieuwe bewindslieden.

Cloo was niet bereikbaar voor commentaar.