‘In de slaapkamer praten we niet over werk’

Boudewijn van Vilsteren (42) en Githa van Vilsteren – Billet (41) runnen samen een groot hotel in Twente. Zij: „De overstap van Amsterdam naar Twente was wel pittig.” Hij: „Alles was plots anders.”

Githa: „Deze omgeving is extreem rustig. Ons sociale leven is ook op een heel laag pitje komen staan.” Foto David Galjaard

Door

‘We hadden geen financieel risico’

Boudewijn: „Vier jaar geleden zijn we een paar maanden op reis gegaan naar Nieuw-Zeeland en Bali. Daar kregen we het idee om een eigen hotel te beginnen.”

Githa: „We hebben er lang over gepraat en veel onderzoek gedaan naar hotels die te koop stonden.”

Boudewijn: „In de zomer van 2010 liepen we tegen deze locatie in Twente aan. We konden in loondienst komen en het hotel runnen. Dat was voor ons een enorme kans, we hadden zo’n groot hotel met landgoed niet kunnen kopen. Het heeft 64 kamers en we hebben 45 mensen vast in dienst. Plus nog zo’n 30 weekendkrachten.”

Githa: „We kunnen wel ons eigen ding doen, we runnen het alsof het van onszelf is.”

Githa: „We hadden allebei geen ervaring met een hotel. Ik werkte bij War Child, Boudewijn was General Manager bij Center Parcs.”

Boudewijn: „En Githa was zwanger van onze derde. Ik ben toen vast begonnen met werken, en na de bevalling kwam Githa erbij.”

‘Omgeving is extreem rustig’

Githa: „Het was wel heel pittig. We woonden in Amsterdam en verhuisden naar Twente...”

Boudewijn: „Alles was plots heel anders. Een andere baan, opeens elke dag samenwerken, en dat allemaal midden op het platteland. We werden uit onze comfortzone gerukt. In Amsterdam heb je heel veel prikkels, dan ging je met de bakfiets naar buiten en dan komt er gelijk verkeer van alle kanten.”

Githa: „Deze omgeving is juist extreem rustig. Ons sociale leven is ook op een heel laag pitje komen staan. Al onze vrienden wonen in de Randstad of Amsterdam. In het begin kwam iedereen kijken, iedereen was nieuwsgierig. En het liefst zouden wij ook nog wat meer contact hebben. Maar ja, we zitten zelf ook in een drukke periode met drie kleintjes. Sociale contacten onderhouden is dan een van de dingen die eventjes de minste prioriteit krijgen, als je zo veel ballen in de lucht moet houden.”

‘Stekkers eruit en lezen’

Githa: „We zien elkaar te vaak. We kunnen er zelf heel hard om lachen hoor. Zaten we laatst weer eens naast elkaar in de auto: ‘nou, ga je ook weer mee?’. Ik moet me soms wel even loskoppelen, een uurtje alleen rondlopen om te voelen dat je nog een individu bent.”

Boudewijn: „Ik heb dat wat minder.”

Githa: „Maar je leeft wel op als je even zonder mij bent.”

Boudewijn: „Ja, soms.”

Githa: „Het gevaar is dat we continu werk gerelateerde zaken bespreken. Achter de slaapkamerdeur mag er daarom niet meer over werk gepraat worden. In het begin deden we dat wel eens, maar dan kun je toch heel vervelend of met een discussie gaan slapen.”

Boudewijn: „’s Avonds was ook het moment dat we tijd hadden om onze sociale media door te nemen, maar dat doen we ook niet meer. Stekkers eruit, en gewoon lezen.”

Githa: „Het samenwerken gaat wel heel goed. We vullen elkaar heel erg aan, ik ben een denker en hij een doener. Dan zeg ik: nu moet dit gebeuren, en Boudewijn regelt het dan.”

‘Proberen echt thuis te zijn’

Boudewijn: „We wonen naast het hotel, en zijn constant aan het switchen tussen werk en privé. Als we thuis zijn, proberen we echt thuis te zijn. Dat is ook het gevaar van mail en iPhones, je bent altijd te bereiken.”

Githa: „We hebben een hele strakke weekplanning. ’s Ochtends om negen uur nemen we samen met het personeel de dag door. Ik ben verantwoordelijk voor sales en marketing, Boudewijn doet de rest van de operationele zaken. Het is overdag het rustigst, want dan hebben gasten eigen programma’s.”

Boudewijn: „En ’s avonds proberen we zoveel mogelijk in het hotel aanwezig te zijn, om met gasten te praten. We verdelen dat dan. Een blijft thuis, de ander in het hotel.”

Githa: „En als ik ’s avonds nog netwerkbijeenkomsten heb regelen we een oppas. De zondagen zijn bij ons familiedagen, dan proberen we zo weinig mogelijk te doen.”

Boudewijn: „Op zaterdag hebben we een gastouder in huis, dan werken we tot een uur of 10 ’s avonds. Eén van ons is elke middag even thuis bij de kinderen, al betekent dat vooral dat we ze naar hockey, ballet, pianoles en zwemles rijden. Ze hebben elke middag na school wel een activiteit.”

‘We koken gewoon zelf’

Githa: „We koken gewoon zelf en eten niet mee in het hotel. Dat vraagt iedereen zodra ze horen dat we een hotel runnen. Zelf koken zorgt ook voor ontspanning, en het is een fijn rustmoment voor de kinderen. We willen niet dat ze later zeggen: jullie waren altijd maar met dat hotel bezig.”

Boudewijn: „De kinderen vinden het tot nu toe leuk. Er zitten natuurlijk ook voordelen aan: als het rustig is mogen ze wel eens in het zwembad zwemmen. Een paar momenten per jaar proberen we er met z’n vijven uit te gaan, even op korte vakantie. Zoiets doen we niet met z’n tweeën, dan nemen we juist de kinderen graag mee.”

    • Charlotte van ’t Wout